Hoofdstuk 214.

De andere gasten arriveren

Koos en Olivia, een wat ouder maar nog erg levendig echtpaar, kregen de andere hoekkamer. Aan de andere kant van de etage hoorden ze het vrolijke gekwebbel van Tanja en Nancy. Even later zagen ze hoe de meisjes hun kamer uitstormden en naar de deur ernaast gingen. Voordat de meisjes daar aan konden kloppen, ontdekte Nancy het oudere echtpaar, en verontschuldigde ze zichzelf en haar zus omdat ze herrie hadden gemaakt.

Olivia schoot in de lach: “Dat moet je ook gewoon doen, lekker vrolijk zo’n stel jonge meiden hier! Alleen ’s nachts willen we wel graag slapen,” zei ze met een knipoog.

“Op bed zullen we fluisteren, mevrouw,” beloofde Tanja.

“Jullie zijn geweldig! En noem ons maar Koos en Olivia. We zijn wel ouder, maar we voelen ons net jonge sprinkhanen.”

Dat leverde haar een schaterend salvo van de meisjes op. “Hahaha jonge sprinkhanen!”

Lachend gingen ze de kamer van hun ouders in: “Mama, papa, mogen we wandelen op het landgoed?”

“Dat wilden wij ook net gaan doen, maar ik denk dat jullie het vast niet fijn vinden als wij als bewakers achter jullie aan lopen, dus ga maar vast. We zien elkaar straks wel weer.” Rachel lachte naar haar dochters: “Hebben jullie je mobieltjes bij je?”

“Natuurlijk! Als we de weg kwijt raken, bellen we wel!” zei Tanja. “O sorry mam, dat was een flauwe opmerking. We zullen vast niet verdwalen. We blijven alleen hier op het landgoed. Misschien komen we Lisa en Margreet wel tegen.”

“Dat zou leuk zijn, ga maar gauw!”

De meisjes stormden de overloop weer op, hoorden hoe Koos en Olivia in de lach schoten. Tanja en Nancy zwaaiden naar hen door de open deur van hun kamer. “Dag Olivia! Dag Koos! We gaan wandelen op het landgoed!” riep Nancy.

Koos stak als antwoord zijn duim op: “Doe dat, gezellig!”

In hun kamer hoorden Robert en Rachel het korte gesprekje en keken elkaar verrast aan. “Blijkbaar hebben onze jongedames al vrienden gemaakt met andere gasten.”

.

Martijn en Naomi kwamen tegelijk aan met Leen en Paula. De beide vrouwen bleken zussen van elkaar te zijn. Ook aan hen vertelde Annerieke de standaard informatie die ze nieuwe gasten altijd gaf, en vertelde dat ze maandag overdag allemaal weg zouden zijn voor een rechtszaak. “We verwachten wel dat we voor het avondeten ruim op tijd terug zullen zijn.”

Boven wees ze hen de beide kamers die nog over waren. Paula reageerde enthousiast op de geur van de seringen: “Daar ben ik zo dol op!”

Naomi grinnikte: “Als kind al… Paula stopte altijd haar neus in de seringstruiken. Maar ik dacht dat ze in de zomer bloeiden, hoe kan het dan dat deze nu in bloei staan?”

Annerieke haalde haar schouders op: “Ik weet veel van koken en bakken, maar voor tuindersvragen moet je bij onze Sjaak zijn. Je zult hem de komende week vast wel eens tegenkomen in de tuin.”

De beide stellen installeerden zich op hun kamers en besloten toen ook de omgeving te gaan verkennen. Zo stroomde het pension rustig aan weer leeg...

Of naar de Inhoudsopgave