Het lukte Ellen snel om rechter Johan Simons, haar oud-studiegenoot, te pakken te krijgen. Hij klonk blij verrast toen ze zich bekend maakte door de telefoon. Ze praatten elkaar even bij over hun werk en privé leven.
Johan bleek niet getrouwd te zijn. “Wie zou er met een rechter, zo’n droogpruim, een relatie willen aangaan?” grapte hij.
“Hahaha, zoals ik jou ken, ben jij een uitzondering die de regel bevestigt. Jij was in elk geval in onze studietijd allesbehalve een droogpruim. Ken je Marieke van Velzen nog? Ik was gisteren samen met haar bij een vrouw die mij gevraagd heeft haar te verdedigen. Marieke en ik herinneren ons nog goed hoe jij en wij samen serieuze gesprekken hadden, discussies over recht en krom en hoe we in situaties stonden, over lastige onderwerpen dachten. En wij hadden het er gisteren na ons bezoek nog even over, hoe we alle drie vanuit ons binnenste met de dingen om gingen. En ook hoe we naast al die serieuze gesprekken gewoon veel plezier gehad hebben, veel gelachen hebben. Weet je nog, onze lange wandelingen, jij tussen ‘jouw vrouwen’ in, zoals je ons noemde. We hadden gewoon een hechte band. En daarin was niets wat mij het gevoel gaf dat jij een droogpruim zou zijn. Of ben je in de loop van de jaren uitgedroogd?”
Tijdens haar relaas was er een glimlach op Johans gezicht verschenen, een glimlach die zijn ogen bereikte. Tegelijkertijd was er een triestheid in zijn hart bij de herinnering aan die tijd. Marieke van Velzen, als er één vrouw in zijn verleden was geweest met wie hij een bijzondere klik had gehad, dan was zij het wel. Maar hij had het nooit aangedurfd om verder te gaan dan gewone vriendschappelijke gesprekken. Hij was bang dat ze hem zou afwijzen en dat hij de hele vriendschap kwijt zou raken. Wat was hij eigenlijk een onzekere jongeman geweest, en soms nog wel, behalve in zijn werk. Destijds had hij zich veilig en zeker gevoeld in zijn studie en in de vriendschap met ‘zijn vrouwen’, Marieke en Ellen. Nu voelde hij zich alleen veilig en zelfverzekerd in zijn werk als rechter. Hij wist waar hij voor stond, en ging zijn intuïtie achterna! Maar in zijn privéleven was hij eenzaam, hij had geen echte vriendschappen meer, hooguit nog wat vage contacten.
“Johan? Ben je daar nog?” vroeg Ellen.
“Oh sorry, ja, ik ben er nog, ik was even helemaal in gedachten terug in de tijd. Neem me niet kwalijk! Vertel maar, waar belde je voor?”
“Dat is een beetje veel om uit te leggen door de telefoon. Ik zou je graag ontmoeten, liefst vandaag nog, om je te vertellen over die zaak die ik ga verdedigen. Kunnen we daar iets over afspreken?”
“Jawel, even nadenken... Ik zit vandaag eigenlijk al best vol, ik ben een zaak aan het afronden. Maar ik zou met je kunnen afspreken in een rustig restaurant hier in de buurt, voor de lunch, om half 1.”
Ellen reageerde direct: “Doen we, geef me de naam en het adres van dat restaurant maar.” Ze schreef op wat Johan haar dicteerde. “Ontzettend leuk Johan, dan zien we elkaar daar om half 1, ik zal er zijn!”
Johan legde de hoorn neer en keek nog even peinzend voor zich uit. De naam van Marieke was alleen maar even genoemd, maar het had hem getroffen alsof er iemand een pijl in zijn buik schoot. Ellen had haar Marieke van Velzen genoemd, dus het leek er op dat ook zij niet getrouwd was. En Ellen wilde hem spreken, over een rechtszaak, en op de één of andere manier was Marieke daar bij betrokken. Als beveiliger? Het zou kunnen, hij wist het niet. Hij wist maar één ding, dat wat hij in het verleden gevoeld had als hij alleen al over Marieke mijmerde, dat dat blijkbaar niet zo dood was als hij had gedacht. Sterker nog, het was nog springlevend. Heel voorzichtig begon hij te hopen, dat hij haar weer kon ontmoeten, en dat hij misschien toch nog een gokje bij haar kon wagen. Als hij de moed had…
Hij zuchtte diep, midden in een strijd tussen gevoelens van verlangen en gevoelens van hopeloosheid. Hij stond even op en rekte zich uit. Hij moest het nu van zich af zetten, hij moest verder met zijn werk. En dat, dat was altijd een sterk punt van hem geweest. Als hij zich op zijn werk richtte, kon hij alles er omheen vergeten.
Zo was het altijd geweest, zo had hij altijd geleefd, al vanaf zijn kindertijd, toen hij zich op die manier verborg voor de manier waarop zijn ouders met elkaar omgingen. Er was zelden echt ruzie geweest, maar hij had altijd een sfeer van controle ervaren, van intimidatie en manipulatie. Hij had de veroordeling gevoeld van zijn ouders naar elkaar op momenten dat ze niet aan elkaars verwachtingen voldeden. Hij had al jong geweten, dat zij wilden dat ook hij zou leven zoals zij vonden dat goed was.
Maar dat voelde voor hemzelf niet goed. En om dat te overleven had hij zichzelf aangeleerd zich op een zekere manier onzichtbaar te maken, door altijd bezig te zijn met zijn eigen dingen. En daar was hij goed in geworden, dat had hem geholpen bij zijn studie, ook in die tijd dat hij zo heftig naar Marieke verlangde. Hij kon dat verlangen prima naast zich neer leggen als hij moest studeren.
En nu bij zijn werk deed hij hetzelfde. De spanning, de negatieve lading die er meestal bij een rechtszaak hing, al bij de voorbereidingen, die kon hij negeren. Hij kon altijd goed bij zichzelf blijven en dat zou hij nu ook doen. Hoppa, commandeerde hij zichzelf, aan het werk jij!
Hij ging weer zitten achter zijn computer om de zaak waarmee hij de laatste tijd bezig was geweest, tot een goed einde te kunnen brengen. Hij moest wat al op schrift stond, alleen nog maar nalezen en waar nodig bijschaven. Dat was alles. En dan straks gezellig met Ellen lunchen. En zo kwamen zijn gedachten weer terug bij het onderwerp van zijn hart: het verlangen dat door haar was aangestoken, zijn verlangen naar Marieke…
Het koste hem meer dan de dubbele tijd die hij verwacht had nodig te hebben, doordat hij zijn gedachten er dit keer maar moeilijk bij kon houden. Zoiets had hij nog nooit meegemaakt. Het verontrustte hem, hij had het nodig dat hij zaken van persoonlijke gevoelens kon scheiden. Anders kon hij zijn werk niet goed doen.
Hij keek op zijn horloge. Hij had nog een kwartier om wat werk te doen, te weinig om iets echt goed aan te pakken. Hij besloot dat kwartier te gebruiken om te kijken of hij Marieke op internet kon vinden. Hij wist dat ze na het basisjaar richting beveiliging gegaan was, maar had geen idee waar ze nu werkte en woonde, en of ze werkelijk beveiliger was geworden. Zoveel mensen kozen een studierichting, maar besloten later iets anders te gaan doen. Een zijtak, of iets totaal anders!
Bij Marieke was dat niet het geval. Hij had haar bureau voor beveiliging al snel gevonden en ontdekte dat ze in een andere regio werkte. Hij scrolde over haar website, staarde naar haar foto, en sloot toen abrupt af. Hij zat zichzelf te pesten, verdorie! Hij kon maar beter naar dat restaurant gaan.
Maak jouw eigen website met JouwWeb