Fiona had net als Ellen diezelfde nacht bijna geen oog dicht gedaan. En dat ene uur dat ze geslapen had, was ze uit een droom wakker geworden, een droom waarin ze Alex wegduwde, wegduwde tot hij van een klif afviel. En op dat moment had ze in die droom beseft, dat ze haar soulmate van zich af geduwd had. Snikkend was ze wakker geworden.
Het had haar flink moeite gekost om te beseffen waar ze was en wat er aan de hand was. Alexander, kortweg Alex… De connectie die ze zelfs van afstand met hem gevoeld had, was zo extreem geweest, dat ze besefte dat ze er niet omheen kon. Hij zou háár man moeten zijn, haar partner, haar geliefde! Maar hij was de partner van Ellen…
Ze maakte een kort en bondig besluit en fluisterde tegen zichzelf: “Straks zo vroeg mogelijk ontbijten en maken dat ik weg kom! Wandelen, maakt me niet uit waarheen, maar ik moet hier weg, ik wil zo weinig mogelijk risico op nieuwe bliksemschichten meemaken! Het kan toch niets worden!”
Fiona zat al in de eetkamer voordat Annerieke begonnen was het ontbijt daar klaar te zetten. Ze was al wel bezig in de keuken, maar was gewend alles achter elkaar naar binnen te brengen. Annerieke overzag wat er op de eettafel in de keuken stond, knikte, de boel was compleet! Neuriënd droeg ze het eerste blad naar de eetkamer. Ze had eerst niet in de gaten dat daar al iemand zat. Pas op het moment dat ze terug wilde lopen naar de keuken, ontdekte ze Fiona, die dapper naar haar glimlachte.
“Goeiemorgen!”
Annerieke voelde direct dat er iets niet in orde was en liep naar haar toe: “Goeiemorgen Fiona, wat ben jij een vroege vogel. Heb je wel goed geslapen?”
“Nee, helaas niet, daar heb ik wel vaker last van tijdens een eerste nacht ergens anders,” antwoordde Fiona. “Even wennen. Ik ga straks een eind wandelen, dan ben ik vast moe genoeg om vannacht het hele pension bij elkaar te ronken.”
“Je doet dapper je best om net te doen of alles in orde is,” glimlachte Annerieke. “Ik wil je nog even vertellen, dat ik niet alleen je gastvrouw ben, maar dat ik ook heel goed kan luisteren. Als je je hart wilt luchten… je kunt me of in de keuken of in mijn huis vinden. En je hebt mijn telefoonnummer, gebruik die gerust! Afgesproken?”
Fiona knikte en fluisterde: “Dank je wel.”
Annerieke legde heel even haar hand Fiona’s schouder: “Ik moet weer verder, het ontbijt klaarzetten. Als je al wilt beginnen met eten, doe dat gerust. En maak een pakketje voor je lunch klaar, als je dat wilt, ik zorg dat er genoeg ligt straks!”
Fiona glimlachte, stond op en pakte een bord, bestek en een broodzakje. Ze nam twee broodjes voor vanmiddag, nam er wat beleg bij en ging ze aan haar tafel klaar maken. Ze deed ze in haar tas en ging opnieuw naar het buffet, dat Annerieke inmiddels verder had aangevuld. Ze zag dat Annerieke eieren had gekookt, nam er behalve wat boterhammen één van mee. Ze at sneller dan ze van zichzelf gewend was, omdat ze graag weg wilde zijn voordat de anderen beneden kwamen. En dat lukte, ze was de deur al uit, voordat de andere gasten de eetkamer binnen kamen.
.
Alexander vond het lastig dat Fiona niet aan het ontbijt verscheen. Gisteren had hij al gemerkt dat ze hem schuwde. Ze had de flits gevoeld, daar was hij zeker van. Hij vroeg zich af hoe ze het ervaren had.
Omdat Ellen gezegd had dat ze richting het noorden zou lopen, besloot Alexander de andere kant op te wandelen. Hij had geen idee waar Fiona kon zijn, misschien zelfs wel op haar kamer. Maar hij had er zelf in elk geval behoefte aan om ook alleen te zijn. Wat er gisteren gebeurd was, was ingrijpend. Hij wilde er tijdens een rustige wandeling over nadenken of hij er wat mee moest doen, ermee wilde doen en als dat zo was, hoe hij dan met Ellen verder moest. Zou hij werkelijk een keuze moeten gaan maken tussen Ellen of Fiona? Zou dat niet puberaal gedrag zijn, zomaar een beetje een gevoel achterna rennen? Zoals pubers zouden zeggen, je stijve achterna gaan.
Alex grinnikte, terwijl hij de rustige landelijke weg af liep. Gelukkig had hij geen last van zulk pubergedrag. Wel merkte hij dat hij wilde weten wat er aan de hand was. Of het zomaar een gevoel was geweest, of zeg maar een echt gevoel, een diep gevoel. Was het schijn geweest, of had hij werkelijk een diepe connectie gevoeld?
Hij wreef met zijn hand in zijn nek, een gewoonte die hij al zolang hij zich kon herinneren, had op momenten dat hij aan zichzelf of zijn situatie twijfelde, of met zichzelf overhoop lag.
Hij liep al bijna een uur, en wenste dat hij wat drinken mee had genomen. Op dat moment bleef hij staan, zag Fiona een eindje van de landweg af in het gras zitten. Wat was zij nou toch aan het doen? Ze zat met haar vuisten ergens op te beuken, en als hij goed luisterde kon hij haar horen huilen, horen schelden.
Alexander merkte dat zijn nieuwsgierigheid meer was dan dat. Hij voelde een verlangen om naar haar toe te gaan en haar in zijn armen te trekken, haar te wiegen, haar net zo lang te troosten tot ze helemaal tot rust zou komen. Terwijl hij langzaam naar haar toe liep, besefte hij dat hij dat niet zomaar kon doen. Ze wist dat hij getrouwd was, wat moest ze wel van hem denken?
Hij zag dat er een stuk plastic voor haar lag, met een flink stuk grijze klei erop. Weer hief ze haar vuist op en knalde ermee op de klei… Alex voelde de pijn, nee, niet van haar vuist, maar van haar innerlijk, een verwonding die hij niet kende, maar wel voelde. Maar hoe dichter hij bij haar kwam, hoe meer hij het gevoel had, dat ze een muur om zichzelf heen gebouwd had, een sterke muur waarin ze niemand binnen zou laten. Hij besloot zich te laten zakken en een eindje schuin achter haar in het gras te gaan zitten, terwijl hij naar haar bleef kijken.
Het verlangen naar haar werd intenser, het verlangen om haar te troosten, net als een paar minuten geleden, maar nu veel sterker. Hoe zou hij ooit bij haar kunnen komen? Hoe zou hij haar kunnen bereiken, haar hart kunnen bereiken? Hij legde zijn hoofd in zijn handen om na te denken.
Hoe het kwam, wisten ze geen van beiden, maar op dat moment keek Fiona om, even te verbijsterd om iets te zeggen, maar brandde vervolgens los in een enorme scheldtirade waaruit Alexander begreep, dat ze hem voor een sluiper, een spion, een gluiperd en nog veel meer van dat soort uitmaakte. Hij zei niets, deed langzaam zijn hoofd omhoog en keek haar aan. Hij keek haar recht aan, met een denkrimpel, of een rimpel van zorg om haar, nog op zijn voorhoofd.
Fiona liet zich voorover naast het plastic met het stuk klei in het gras vallen en begon wanhopig te huilen. Alex had het gevoel dat zijn hart brak. Hij kroop door het gras naar haar toe, fluisterde haar naam en legde voorzichtig zijn hand op haar haren, streelde haar hoofd, haar rug. Het huilen ging over in een zacht snikken, waarbij haar lichaam nog steeds een beetje schokte.
Toen ze overeind kwam, keek ze hem met een betraand gezicht en rode ogen aan en fluisterde wanhopig: “Het kan niet… Ik kan het niet…”
Alex sprak ook zacht, toen hij haar vroeg: “Wat kan er niet? Wat kun je niet?”
Ze wees naar hem, en naar zichzelf: “Jij en ik, het kan niet…”
“Wat probeer je me te vertellen, Fiona, leg het me eens uit!”
Fiona keek hem verbaasd aan: “Heb jij het dan niet gevoeld, gisteren op het landgoed? Die enorme schok, alsof we door de bliksem getroffen werden? Het was geen bliksem, het was rustig weer, maar er was één felle bliksem tussen jou en mij. Wat was dat dan?”
Alex ging er even gemakkelijk bij zitten en pakte haar hand.
“Fiona, het is allemaal ontzettend verwarrend, voor jou, voor mij, en ook voor Ellen. Ellen heeft het ook gevoeld, en is vanmorgen gaan wandelen, de andere kant op, richting het noorden. Jij was in geen velden of wegen te bekennen. En ikzelf? Ik heb nauwelijks kunnen slapen, heb alleen maar aan jou kunnen denken, omdat ik gevoeld heb, wie jij voor mij bent. Die flits, die bliksem, was van ziel naar ziel. Ik ken het uit de verhalen van Sjaak en Lisa, van Huib en Margreet. Lisa had het ervaren alsof Sjaak en zij met een paar zware magneten naar elkaar getrokken werden, en niet meer van elkaar los konden komen. Eerlijk gezegd heb ik altijd gedacht dat Ellen en ik echt bij elkaar hoorden, maar in het afgelopen jaar zijn we allebei, los van elkaar door processen heen gegaan en lijkt er niets meer van ons huwelijk over te zijn. Het lijkt wel, alsof alle verwonding die er eerst was, onze ziel verstopt had, en dat die verwonding nu in elk geval voor een deel weg is, en onze ziel meer zichtbaar wordt… en die twee zielen lijken niet bij elkaar te passen. Weet je wat ik bijzonder vind, Fiona, wat ik je net zit te vertellen over Ellen en mij, dat komt nu terplekke boven. Dit heb ik nooit eerder in gedachten gehad of van iemand gehoord. Maar ik voel dat het klopt. Ellen en ik hebben geen zielsconnectie…”
Alex boog zijn hoofd, dacht na… hoe verder?
Hij voelde hoe Fiona haar hand in zijn hand omdraaide en hem vast greep.
“Maar Alexander, je kunt haar toch niet zomaar aan de kant zetten? Zeker niet omdat je mij niet eens kent. We hebben elkaar gisteren voor het eerst gezien!”
“Ja, zot he, en toch heb ik het gevoel alsof ik je al eeuwen ken. Ik weet niets van je, behalve dat beetje wat je zelf gisteren vertelde, en toch… Waarom was je trouwens zo woest op die klei?”
“Die klei?” Fiona grinnikte, trok haar hand los en pakte de klomp klei. “Ik ben blij dat dat spul geen gevoel heeft, al voelt het soms wel zo, alsof mijn gevoel met het gevoel van de klei samengaat. Sorry, dat moet wel heel gek klinken.” Schuchter keek ze Alex aan.
Hij glimlachte: “Ja, het klinkt heel gek, maar ik voel wat je bedoelt. Ik voel wat jij voelt als je zo met je vingers over die klei wrijft. Net zoals ik daarstraks, toen je zo woest bezig was, je pijn voelde. Je vertelde gisteren dat je tegen een heuvel aanliep, dat je er niet overheen kwam, en later dat je het gevoel had dat je in de knoop zat. Kun je me vertellen wat je daarmee bedoelde?”
“Nee, want ik weet zelf niet wat het is. Ik weet alleen dat ik me opgesloten voel. Ik heb me als kind altijd afgesloten voor de ruzies van mijn ouders. Het was zo vreselijk, zoveel haat en nijd en toch zijn ze nog steeds bij elkaar. Tenminste dat denk ik, ik wil geen contact meer met hen, en ook niet met mijn broer, die deed net zo hard mee. Ik ben zo bang geweest, dat ik mezelf afsloot met een boek. Lezen was mijn vluchtroute. Ik ben tien jaar met Daniël getrouwd geweest. Achteraf gezien was daar ook geen echte connectie. We deden allebei heel erg ons best om geen ruzie te maken, zijn ouders waren net als de mijne, vochten elkaar ook het huis uit. Wij wilden dat dus niet, en nu, een jaar later, denk ik dat ik altijd op m’n tenen gelopen heb, dat ik alles op alles gezet heb om nooit boos op hem te worden. Als Ellen boos op jou wordt, hoe reageer jij dan?”
Alexander schoot in de lach: “Wil je je alvast voorbereiden?” Hij stak zijn tong plagend naar haar uit. “Ellen werd nooit boos, niet tégen mij. Dat heeft ze als kind al geleerd, om zich in te houden. Ze is er nog maar kort geleden achter gekomen, dat ze nooit voor zichzelf mocht opkomen, o ja, dat vertelde ze gisteren ook al. Ze is sindsdien in haar werk vuriger geworden, gepassioneerder. Maar thuis niet, thuis doet ze net of alles geweldig is, terwijl we allebei knokken om elkaar te bereiken. Maar er is gewoon geen ‘wij’, er is geen echte connectie. Ik mag haar nog steeds graag, en dat we het niet echt goed met elkaar hebben, doet me ook voor haar pijn. Maar goed, om op je vraag terug te komen, gisteren was ze in de kring even een beetje boos op me, of meer gepijnigd denk ik, en toen voelde ik mezelf rood worden. En ik deed mijn best om haar tegemoet te komen, begrip te tonen. Maar ik voelde ook hoe kunstmatig het was. En ik denk nu, als jij boos op mij wordt, dat ik dan weer jouw pijn zal voelen, de pijn die er achter zit, en daardoor weet dat ik niet boos hoef terug te reageren. Meisje, ik verlang ernaar om jou te helpen open te breken uit die bol waarin je jezelf als kind gevangen gezet hebt. Ik begrijp dat je dat gedaan hebt, het is zo’n logische reactie, maar wat moet dat moeilijk zijn. Durf je mensen bij je hart te laten komen?”
Haar reactie was duidelijk. Hoe ze ook naar hem verlangde, ze schoof een stukje verder van hem af en keek hem bang aan.
“Nee dus… ik begrijp het, maar het maakt me wel verdrietig. Nee, nee,” zei hij, zichzelf in de rede vallend toen hij zag dat ze dichterbij kwam. “Nee, je hoeft niet over je eigen grenzen heen te gaan, je hoeft niet machtig je best te doen. Fiona, ik verlang naar je. Ik wil je troosten, je helpen genezen… en dan daarna, wat daarna komt, dat zien we dan wel weer. Hoe dan ook, ik zal met Ellen moeten praten. Want zelfs al zou jij me zo ver mogelijk op afstand willen houden, dan nog… dan nog kan ik niet met Ellen verder, nu ik weet wat echte zielsconnectie is. Ik kan haar niet gelukkig maken, niet echt… En dat doet me verdriet voor haar, ik wil haar geen verdriet doen, maar ik zal wel moeten…”
Ze bleven een poosje stil zitten, terwijl Fiona wat met de klei zat te prutsen.
“Fiona, ik ga terug, ik moet met Ellen praten. Ik zie er vreselijk tegenop, maar ik kan zo niet verder. En jij? Blijf jij nog hier of loop je mee terug?”
“Ik denk dat ik het er voor Ellen alleen maar moeilijker mee maak als ik mee loop, denk je ook niet?”
Alex knikte: “Dat zou maar zo kunnen, en voor jou lijkt het me ook niet prettig. Oh, ik word gebeld… Ellen,” zei hij met een knipoog.
“Hey Ellen, ben je nog aan ’t wandelen?”
“Nee, ik ben al terug. Ik heb net even gesproken met de anderen, Johan, Marieke en Marianne, en ook met Annerieke. Ik heb een besluit genomen, Alex, ik heb mijn spullen ingepakt, en ik ga nu naar huis. Zaterdag willen Johan en Marieke je wel thuis brengen. En hoe we dat vanaf zaterdag moeten doen, als je thuis komt, weet ik nog niet, maar ik weet één ding zeker, namelijk dat wij niet echt bij elkaar passen en dat ik je vrij wil laten om zonder mij verder te gaan. Jouw hart ligt niet bij mij, Alex, en andersom de mijne niet bij jou. Voel je niet schuldig, het is gewoon een feit dat ik nu ontdek, en ik ontdek het liever nu dan aan het eind van mijn leven. Ik ga thuis proberen alles met mezelf uit te knokken, die tijd heb ik even nodig.”
“Weet je het zeker, Ellen?” vroeg Alex verbijsterd.
“Ja, ik weet het heel erg zeker. Ik zie je zaterdag, dan praten we verder, goed?”
“Oké… sterkte lieverd.”
“Zeg dat nou niet, dan zit ik straks achter het stuur te janken. Ik ga Alex, tot later!”
“Goed, tot later…”
Alex sloot het gesprek af en deed zijn mobiel weer in zijn broekzak. Hij keek Fiona aan: “Ik hoef deze week niet meer met Ellen te praten, ze heeft zelf ontdekt dat we niet bij elkaar passen en heeft besloten om te scheiden. Ze heeft haar spullen ingepakt en gaat nu op weg naar huis. En weet je wat ik zo erg vind? Dat het me ten diepste niets doet, dat het me niet eens echt verdriet doet. We hebben aardig wat jaren samen gehad, zij stapt eruit, en het raakt me feitelijk niet. Is dat wel gezond?”
Fiona grinnikte: “Ik had dat net zo, toen Daniël en ik samen besloten te gaan scheiden. Het raakte me niet, blijkbaar hadden we alles gemist zonder er erg in te hebben. Ik was alleen maar opgelucht dat ik alleen verder kon.”
“En nu? Ben je lang genoeg alleen geweest om deze gek in je leven toe te laten?”
“Bedoel je dat je wilt gaan samenwonen?” vroeg Fiona geschokt.
“Niet per se, ik bedoel meer of je me in je hart wilt toelaten, in je nabijheid. Contact houden…”
“Ik vind het moeilijk, echt heel moeilijk. Doordat ik nog in mijn bubbel zit, niet kan geven en niet kan ontvangen… en ik vraag me ook af of ik mijn jaren met Daniël al verwerkt heb…”
“Ik denk dat die beide, die bubbel en Daniël gelijk op gaan. Het voordeel van die situatie is, dat je geen ellende met Daniël gehad hebt, alleen leegte, wat in zichzelf ellende genoeg zou moeten zijn, maar door je bubbel heb je er waarschijnlijk niet heel veel last van gehad.”
Fiona knikte: “Dat klopt, ik voel dat dat klopt. Nou ja, dat scheelt dan!”
Ze pakte haar klei in in het plastic. “Zal ik dan toch maar met je meelopen?”
“Voel je vrij, ik vind het fijn als je meeloopt, maar als je liever wat later komt… nogmaals, voel je vrij!”
Fiona bleef stil staan, de verpakte klei in haar handen en keek hem aan: “Het is zo dubbel, ik verlang naar jou, maar ik ben doodsbang om samen verder te gaan! Dit, wat er dus blijkbaar tussen ons is, die zielsconnectie, is volgens mij te kostbaar om mee te spelen, om kapot te laten gaan.”
“Ik kan me niet voorstellen dat een echte zielsconnectie kapot te krijgen is. Ik zal er alles aan doen om zoiets te voorkomen! Ook al ken ik je pas een etmaal, nog niet eens een etmaal, ik kan je niet meer missen, dit… Fiona?”
Alex deed zijn armen wijd om haar uit te nodigen. Fiona voelde dat haar hart een slag oversloeg. Ze liet de klei en haar rugzakje uit haar handen vallen en stapte in zijn armen, terwijl ze worstelde met de rare combinatie van angst en verlangen. Ze sloegen hun armen losjes om elkaar heen, hielden een kleine afstand tussen hun lichamen en bleven elkaar aankijken. Alex hoorde hoe haar ademhaling diep ging. Hij verlangde naar meer, zou haar het liefst tegen zich aantrekken en laten ervaren dat het goed was om samen te zijn. Maar zover wilde hij het niet laten komen, nog niet. Hij streelde met zijn vingertoppen over haar wangen, verkende haar gezicht en glimlachte. “Je bent mooi, weet je dat wel?”
Maak jouw eigen website met JouwWeb