Hoofdstuk 27.

Daniëlle is verder gegaan

Voor een meubelstuk dat Huib voor een klant aan het maken was, had hij wat edelstenen nodig. Hij zocht Margreet op, vond haar bij haar grote bureau in de hobbykamer en vertelde dat hij even naar Daniëlle ging om wat bijpassende edelstenen te vinden.

“Voor die kast met al die laadjes?” vroeg ze.

“Ja die, ik heb overlegd met de klant, voorgesteld om van dit soort knoppen als hieraan op jouw bureau te maken. Ik heb er wat foto’s van doorgestuurd. Ze vond het helemaal geweldig, houdt erg van edelstenen en wil graag rode jaspis of robijn, die vindt ze mooi. Ik zal straks proberen te voelen welke ik moet hebben en daar dan een foto van doorsturen om haar te vragen waar haar voorkeur naar uit gaat.”

“Handig he, dat dat allemaal kan tegenwoordig. Kies de mooiste maar uit, lieverd. Ik zie straks wel wat je gekocht hebt!”

“Vind je het niet vervelend dat je niet mee kunt? Anders kunnen we Gloria wel meenemen…” bedacht Huib.

“Nee hoor, laten we haar maar niet onnodig verslepen. En ik vind het niet echt erg, ik zie de stenen straks wel. Ga maar, ik vermaak me prima met mijn wandkleed!”

“Oké, het wordt trouwens bijzonder mooi… Wacht, ik maak er meteen een foto van.”

Samen bekeken ze de foto. “Hij staat er goed op!”

“Ja, prachtig! Tot straks!” en na een dikke knuffel en een uitbundige zwaai ging Huib er vandoor, Margreet glimlachend achter latend.

.

Huib stapte de winkel in, zwaaide even naar Daniëlle die met een klant in gesprek was en liep richting de vitrine waarin hij de edelstenen de laatste keer lagen. Hij merkte echter dat Daniëlle de winkel behoorlijk veranderd had. Ze was bezig geweest heel andere producten te maken, beelden en allerlei figuren. Huib bleef staan voor een draadfiguur, dat ze zo aan een wandplaat gemaakt had, dat het leek alsof het zo vanuit de muur naar hem toe groeide. Hij bekeek het van allerlei kanten. Het was gemaakt van metaaldraden, waarop ze edelstenen bevestigd had alsof het bladeren en bloemen waren. Hij ervaarde het als een indrukwekkend geheel, een nieuw, krachtig stuk werk, wat nog meer bij haar leek te passen dan sieraden.

Huib liep door naar een volgend kunstwerk, waarvoor ze hout gebruikt had. Hij hoorde een zacht kuchen achter zich en draaide zich om.

“Ha, Daniëlle, wat indrukwekkend wat je hier hebt hangen en staan! Echt super krachtig! Allemaal jouw eigen werk?”

“Hey Huib, ja, allemaal mijn werk. Ik was al langer aan het zoeken naar meer, een vorm waarin ik meer kwijt kon dan in sieraden, al moet ik zeggen dat ik sieraden nog steeds maak. Het is niet dat ik niet meer leuk vind, maar ik had iets daarbij nodig.”

“Als je diep in je hart zou kijken,” viel Huib haar bij, “dan zijn die beeldfiguren meer jouw basisding, jouw core, en zijn de sieraden een leuke afleiding erbij. Klikt dat?”

“Absoluut, zo is het precies! Sieraden zijn prima, maar die beeldfiguren zijn helemaal top. Ik kan er nog meer creativiteit in kwijt, en daar geniet ik zo enorm van dat ik soms vergeet dat ik ook nog wel eens moet eten of slapen… Soms zit ik echt een beetje tegen een burn-out aan, of voel ik me op z’n minst oververmoeid.”

“Wat zou jij het allerliefst doen? Het allerliefst, als je verder nergens rekening mee zou hoeven te houden?” vroeg Huib, haar met zijn vragen ongemerkt aansporend dieper te voelen.

“Als ik even mag dromen… dan zou ik alleen bezig willen zijn met creëren, vooral die beeldfiguren, en daarnaast sieraden. Maar ja, dromen is mooi, maar ik zie nog niet meteen een oplossing. Het liefst zou ik trouwens ook verhuizen, naar een vrijstaand huis. Het huis zelf hoeft niet groot te zijn, maar wel met een grote ruimte eraan waarin ik kan werken. En een forse kamer als magazijn. Maar hoe geweldig dat allemaal ook lijkt… ik moet mijn werk ook kunnen verkopen!”

“Mag er ook een tijdelijke tussenweg zijn? Voorlopig nog wel je winkel aanhouden, maar minder vaak openen, en een andere manier vinden waarop je ook kunt verkopen, zodat je financieel niet of nauwelijks te lijden hebt?”

“Daar heb ik ook al aan gedacht, dan zou ik een webshop moeten maken. Daar zou me te veel tijd in gaan zitten. Niet alleen zoiets opzetten en bijhouden, maar ook de correspondentie die je dan hebt. Ik weet het niet…” zuchtte ze.

“Mag ik je iets op je computer laten zien?” vroeg Huib.

Daniëlle fronste vragende haar voorhoofd. “Jawel, wat wil je laten zien dan?”

“Onze website, super simpel.”

Hij typte de link en liet haar de verschillende pagina’s zien. “Als je rustig aan zou willen beginnen, kan ik er een pagina bij maken voor bijvoorbeeld alleen je beeldfiguren. We kunnen later altijd nog je sieraden erbij doen, maar dat lijkt me al lastiger vanwege de maten. Daar komt gewoon meer bij kijken. Maar als ik foto’s van je beeldfiguren mag maken, of als je dat zelf wilt doen en ze dan naar mij toe wilt sturen, dan kan ik de rest voor je regelen. Het enige dat ik bij de foto’s dan nog nodig heb, zijn de globale maten, hoogte, breedte, diepte, en de prijzen die je ervoor vraagt. Je kunt ze dan gewoon hier in je winkel houden, terwijl mensen ook via de website kunnen mailen. Wat die correspondentie betreft, zouden we kunnen kijken of Margreet of onze vriendin Lisa dat op zich wil nemen. Dan mailen mensen naar haar, waar nodig overlegt ze met jou, en uiteindelijke beslissingen geeft ze aan jou door. Dus als iemand iets wil kopen, mailt ze dan jou het nummer van het kunstwerk en het mailadres van die persoon. Zoiets, dit is zo maar wat in me opkomt. Denk er maar eens over na, dan zal ik Margreet en Lisa vragen of ze die correspondentie zien zitten. Het is niet bepaald hun hartsding, dat weet ik wel, maar voor tijdelijk, erbij… En anders kan ik het nog vragen aan de dames die in De Schuilplaats wonen. Maar hen zou ik pas vragen, als ik zeker weet dat jij er een klik mee hebt.”

Daniëlle stond al knikkend te luisteren. “Ik heb er wel een klik mee, het geeft me eigenlijk hoop dat ik me meer zal kunnen gaan richten op wat werkelijk belangrijk voor me is. Maar wat zouden er in de toekomst voor mogelijkheden zijn? Eigenlijk zou ik de winkel helemaal los willen koppelen van mijn werk, zodat ik me alleen op de creatieve kant kan richten. Maar alles via de website verkopen… dat lijkt me nogal wat.”

Huib begreep haar verlangen wel, maar zag ook nog niet hoe hij het helemaal kon oplossen, en vertelde haar dat. Hij beloofde haar dat hij er verder over zou nadenken, er met Margreet en de rest van de familie over zou praten, in de hoop dat hij er achter zou komen wie hij voor die correspondentie zou kunnen vragen.

“Simon, de partner van mijn moeder, kreeg laatst trouwens een intense indruk over een galerie van onze spullen, en niet alleen van de onze, maar van meer kunstenaars. Het voelt voor mij als een zekerheid dat jij daar ook bij hoort. Dus als die galerie uiteindelijk een feit wordt, zou je daarin mee kunnen doen. We zullen dan sowieso iemand nodig hebben die onze correspondentie en verkoop doet en die een deel van de opbrengst als salaris zal krijgen. Simon noemde onze website onze tijdelijke digitale galerie. Ik denk, dat als die galerie er eenmaal is, onze medewerker die de correspondentie gaat verzorgen, daarbij ook gebruik zal moeten maken van een website. Alle kunstwerken per kunstenaar op een grotere website, groter dan deze. Joh, Daniëlle, ideeën borrelen zomaar op. Ik zou het fijn vinden als je je gedachten er over laat gaan. Laat me maar weten als je meer ideeën krijgt of een deel van onze website wilt gebruiken. Maar voor nu, nu heb ik rode edelstenen nodig voor een kast met lades en deurtjes. Herinner je je nog die knoppen waar je die tijgeroog-stenen op gemaakt hebt? Mijn klant vindt dat idee helemaal geweldig, en wil daar rode jaspis of robijnen op.”

Daniëlle schoot in de lach. “Even schakelen hoor! Die rode stenen liggen tegenwoordig hier.”

“Vind je het goed als ik even een foto van beide soorten maak en naar mijn klant doorstuur, zodat ze kan kiezen?”

“Ja hoor, doe dat maar!”

En terwijl Huib bezig was, foto’s maakte en contact legde met zijn klant, nam Daniëlle haar mobiel om foto’s te maken van haar kunstwerken. Het waren er al zeven. Ze maakte foto’s van allerlei kanten en schreef op een briefje wat de maten en prijzen waren. Terwijl Huib in gesprek was met zijn klant, zag hij waarmee ze bezig was. Hij glimlachte, vond het fijn dat hij Daniëlle een beetje op gang kon helpen.

Hij kocht de rode jaspis stenen, leerde van Daniëlle hoe hij ze het makkelijkst in de knoppen kon bevestigen, zodat zij zich niet met zulke dingen bezig hoefde te houden maar lekker met haar nieuwe creaties aan de slag kon. Daniëlle beloofde hem alle foto’s en gegevens door te sturen en bedankte hem hartelijk voor zijn moeite.

“Niets is mooier dan de juiste mensen bij elkaar te vinden. Onze kunst, jouw kunst zijn krachtig naar de mensen om ons heen. We gaan door, Daniëlle, met de dingen waar we echt van houden!”

“Wow, je hebt me echt hoop gegeven!”

Of naar de Inhoudsopgave