Hoofdstuk 102.

Op zoek naar zielswaarheid

Jeroen en Marianne waren bij Eric en Ellen op bezoek. Jeroen en Eric kwamen wel vaker als vrienden bij elkaar, en de beide dames hadden er plezier in om met hen mee te doen. Ze merkten dat het hen vieren sterker maakte, zowel in hun persoonlijk leven, in hun relaties, als ook in hun werk. Ze voelden zich steeds zekerder over de dingen die ze deden en genoten er daardoor ook meer van.

“Ongelofelijk, het is alweer bijna een jaar geleden, al die tribunalen. Zoveel rijke en machtige wereldheersers veroordeeld. Weet je nog, Jeroen, hoe we bij elke veroordeelde weer juichten! Het voelde alsof de rottende korsten van de wereld afbraken en in het niets verdwenen.”

“Ja, een bijzondere tijd was dat. Ook wel spannend, maar achteraf gezien vooral bijzonder en mooi. En dan nu, bijna een jaar verder, zijn we met z’n allen nog volop bezig om de boel weer op te bouwen.”

“Het rotte is alleen dat we nog heel veel in die oude systemen vast zitten. In de zorg is nog niet heel veel veranderd, nog heel veel methodes en middelen worden gebruikt waar ik op z’n zachtst gezegd mijn vraagtekens bij heb.”

“En al die armoede… het voelt soms zo hopeloos. Als je dan terugkijkt naar jaren geleden, toen was er ook wel wat armoede, maar het was heel kleinschalig. Nu zijn er zo machtig veel mensen die een uitkering nodig hebben, en die dat dan krijgen, maar die door al die hoge prijzen er totaal niet van rond kunnen komen. Bedrijven voor schuldsanering kunnen het werk gewoon niet aan!”

“Ik ben wel heel blij dat de meesten van die buitenlandse relschoppers weer teruggestuurd of gevangengenomen zijn. Wat een akelige toestand was dat, dat je op veel plaatsen eigenlijk niet alleen de straat op kon, en zelfs met kleine groepjes was het nauwelijks veilig.”

“Het was net op tijd he, dat ze teruggestuurd werden. Al die plannen dat mensen hen in huis moesten opnemen. Dat zou pas echt een ware ramp geworden zijn!”

“Daar kun je wel op rekenen! Het is mooi dat er al heel wat veranderd is, maar er zit inderdaad ook nog heel veel vastgeroest. Als je die berichten uit de nieuwe regering hoort, die opnames van hun debatten… Die politici voelen over het algemeen niet echt aan hoe ze het land uit de drek moeten tillen. Nou is dat natuurlijk ook wel immens, ik bedoel, het is feitelijk op alle fronten misgegaan. En vanuit de bevolking is er zoveel wantrouwen. Het speelt allemaal tegen elkaar.”

“Ik heb er eens over na zitten denken,” zei Marianne. “Eigenlijk verwachten we alles van de politici, en maken we hen samen nog steeds tot een gigantische godheid. Wij als burgers maken onszelf volledig van hen afhankelijk, dat hebben we feitelijk in het verleden gedaan, en op zekere hoogte zitten we daar nog in vast. We verwachten dat zij de boel weer op poten zetten, maar we hebben eigenlijk iedereen daarbij nodig, denken jullie ook niet?”

Ellen knikte: “Het zou het mooiste zijn, als mensen, welk beroep ze ook hebben, zelf zouden kunnen aanvoelen of ze op de juiste plek zitten, of ze dit werk eigenlijk wel willen doen of dat ze liever iets anders op willen pakken. En als ze een baan hebben, of ze hun werk dan wel op de beste manier uitvoeren, op een manier die bij hen past, of dat ze in een vastgeroest stramien vast zitten.”

Jeroen knikte: “Zoals wij, Eric en ik, losgekomen zijn uit onze oude werksfeer. Ongeveer alles was daar voorgeschreven. Het werd ons als journalisten voorgekauwd wat we moesten doorgeven. Het was feitelijk helemaal geen journalistiek, het was meer een soort dictee-variant, walgelijk! Ik ben blij dat ik jou ontmoette, Eric, dat jij mij geholpen hebt om een nieuwe weg te vinden.”

“Ik lees op Twitter regelmatig berichten van collega’s, oud-collega’s, dat ze er ook de balen van beginnen te krijgen,” merkte Eric op. “Er zijn er meer, die aan het zoeken zijn naar andere mogelijkheden. Ze proberen het binnen hun huidige werkkring, maar er zijn er al een paar uitgestapt, die iets anders gaan zoeken, totaal iets anders of een andere werkkring binnen de journalistiek.”

Ellen glimlachte: “Misschien krijgen jullie binnenkort wel nieuwe collega’s, mensen die jullie komen vragen of ze jullie mogen helpen.”

“Dat zou aan de ene kant mooi zijn, maar aan de andere kant moeten we dan wel heel zeker weten dat ze naar hun binnenste willen en kunnen luisteren, anders gaan we van de wal in de sloot,” dacht Jeroen.

“Denk je dat mensen die niet vanuit hun ziel werken, zich bij ons zouden willen aansluiten?” vroeg Eric zich af. “Ik betwijfel het, maar als ze het dan toch proberen, dan neem ik aan dat onze intuïtie ons wel waarschuwt!”

“Dat lijkt mij ook wel,” dacht Ellen.

.

Jeroen en Eric zochten verder, naar waarheid, naar wat goed was voor hun land. Ze zochten naar de oude manieren en strategieën waarvan ze intuïtief aanvoelden dat ze niet werkten, eigenlijk nooit gewerkt hadden. Oude wegen waardoor de opbouw van het land niet of nauwelijks van de grond kwam.

Ze voelden zich sterker dan ooit, waren monter op zoek naar mogelijkheden. Ze merkten dat ze niet meer, zoals in het verleden, zochten naar fouten, naar misdaden tegen de mensheid. Ze zochten naar hoe het was en hoe het anders, beter zou kunnen. Ze spraken erover in interviews, plaatsten hun filmpjes op hun site, terwijl Jeroen korte, krachtige artikelen, doorspekt met humor, over allerlei onderwerpen schreef.

Dat ze allebei hun soulmate gevonden hadden, droeg zeker bij aan hun gevoel van kracht en zekerheid. Dat hun partners achter hen stonden, niet alleen met hun mening, hun ideeën, maar vooral met hun zielskracht, betekende veel voor hen. Ze ervaarden hen als een daadwerkelijke ruggensteun, een kracht die ze nodig hadden om verder te gaan. Daarnaast werkte het ook andersom, zodat Marianne en Ellen ook sterker werden in wie ze waren en wat ze op hun werk deden.

Jeroen en Eric waren dankbaar voor alle respons die ze op hun artikelen en video-opnames kregen. Ze hadden op hun site de mogelijkheid gegeven om te reageren. Niet onder hun werk, maar via email, zodat mensen niet op elkaar zouden gaan reageren. Uit de meeste reacties bleek, dat mensen blij waren met hun werk, dat hun werk gewaardeerd werd en daardoor voelden ze zich gesteund om door te gaan.

Verschillende bezoekers van hun site doneerden regelmatig giften. Ze ontvingen op dit moment nog niet voldoende donaties om er zelf van te kunnen leven, maar ze konden in elk geval de onkosten van hun werk ermee betalen. Een bijkomend voordeel van hun relaties met Marianne en Ellen was, dat er via hen voldoende geld binnen kwam om hun persoonlijke lasten van te betalen. Ze werden er niet rijk van, maar ze konden er prima eenvoudig van leven.

.

De bewoners van Bloemenhof hadden door berichten van Ellen en Marianne op de sociale media ook de site van Jeroen en Eric ontdekt. Ze waren hen meteen gaan volgen. Ze genoten van hun frisse werkwijze, en vooral ook van wat ze allemaal aan mooie ideeën boven tafel kregen.

Ze waren zelf helemaal niet gewend om zich met politieke zaken en dergelijke dingen bezig te houden, maar deze mannen brachten het nieuws op zo’n prettige manier dat ze het fijn vonden om hun artikelen te lezen en hun video’s te bekijken. Over en weer deelden ze met elkaar wat ze gelezen en bekeken hadden, en waren ze blij dat Marianne en Ellen zulke geweldige mannen als soulmate hadden gevonden. Ze ervaarden niet alleen dat het nieuws dat ze brachten goed en verfrissend was, maar ook dat er kracht achter zat.

.

Ook andere journalisten en cameramensen volgden het werk van Jeroen en Eric. Verschillende van hen kwamen erdoor tot inzicht. Voor hen was het werk van Jeroen en Eric net dat laatste tikje dat ze nodig hadden om het oude los te laten.

Het waren veelal mensen die gemerkt hadden dat de manier waarop ze tot nu toe hadden moeten werken, totaal niet bij hen paste. Ze verlangden naar echtheid in hun leven, en ook naar echtheid in hun werk. Steeds meer van deze mensen volgden de stem van hun hart en gaven hun baan op. Ze zochten naar andere mogelijkheden, soms totaal ander werk en verschillende van hen sloten zich aan bij Jeroen en Eric.

Dat betekende natuurlijk wel, dat ze meer werkruimte nodig hadden. Ze zochten hiervoor contact met Karel, die een pand in de buurt wist, dat wel flink opgeknapt moest worden, maar wat betreft de indeling perfect geschikt zou zijn. Helaas waren de financiën hierbij een te groot obstakel. Natuurlijk konden ze een hypotheek nemen, maar de maandelijkse lasten zouden veel te hoog zijn. Niet haalbaar dus, ze zouden verder moeten zoeken. Het wrikte in hun innerlijk, omdat ze voelden, met zekerheid voelden, dat ze dit pand moesten kopen.

Ze deden een oproep op hun site, vertelden dat ze een grotere werkruimte nodig hadden en deelden eerlijk de financiële kant van het verhaal.

Sjaak was de eerste op Bloemenhof die dit las, en voelde een zekere opwinding in zijn binnenste. Hij riep Lisa erbij, liet haar de oproep lezen. De tranen schoten in haar ogen: “Bingo! Wat hebben we nog op de rekening staan? Bijna alles van de complete erfenis volgens mij, want Huib heeft dat pand al helemaal terugbetaald. Klopt het voor jou ook, dat we hen mogen helpen met een renteloze lening?”

“Zeker weten, dat was de reden dat ik jou erbij riep,” antwoordde Sjaak met een blijde glimlach op zijn gezicht. “Zal ik Karel eens bellen of hij niet iets weet?”

Lisa knikte. Even later legde Sjaak aan Karel uit waar hij voor belde. “Heb jij niet zicht op een geschikt gebouw in de regio?”

“Jazeker wel,” zei Karel, “en ik weet ook zeker dat dat gebouw voor hen bedoeld is. Het lastige is, dat er nogal wat aan opgeknapt moet worden. En nog lastiger is, dat het financieel niet haalbaar is. Daarom hebben ze het laten schieten, maar ze bevestigden wel dat zij ook allebei heel sterk de indruk hadden dat dat gebouw voor hen was. Zij ervaarden dus hetzelfde als ik. Ik heb besloten het gebouw voor hen vast te houden, en te wachten of er respons op hun oproep zou komen. En eerlijk gezegd gingen mijn eerste gedachten naar jullie. Dat vind ik nou zo gaaf he, ze hebben die oproep nog maar net op de site staan, en jij belt. En het is meteen duidelijk dat dat niet zomaar voor de gezelligheid is!”

Sjaak lachte: “Klopt, daar ken je ons al te goed voor! En ja, we kunnen hen helpen met een renteloze lening, zonder enige druk op terugbetaling. Als ze voldoende geld gedoneerd krijgen, kunnen ze terugbetalen, en anders niet. Hoe kunnen we het praktisch regelen?”

“Jullie hebben de manier waarop jullie werken met die renteloze leningen in een bestand staan toch? Zou je mij dat toe willen sturen, zodat ik het hen kan doorgeven? Of wacht eens, jullie kennen hun vrouwen, Ellen en Marianne, ja toch? Kennen jullie Jeroen en Eric ook al persoonlijk?”

“Nee, die mannen nog niet, maar dat gaat dus nog wel komen. Gaaf, ik vind het geweldige kerels, in elk geval wat hun werk betreft! Ik bel Ellen er wel even over, goed?”

“Helemaal prima! Ik hoor dan wel van Jeroen en Eric hoe ze verder willen. Top Sjaak, ik ben er blij mee!”

“Ik ook, het doet me goed om te doen wat er op ons hart komt!”

“Zo is dat,” lachte Karel blij. “Zeg Sjaak, hoe gaat het met Lisa, met de zwangerschap?”

“Prima, echt heel voorspoedig. Ik kan ook merken dat ze veel beter in haar vel zit dan tijdens de eerste zwangerschap. Ze gaat dapper door haar proces heen, zegt soms gewoon tegen zichzelf zoiets van ‘kom op ziel, je kunt het, ga door, ik wil van alle shit af!’ Terwijl ze al heel wat keren ervaren heeft, dan ze dan in de kortste keren inderdaad weer in een punt van genezing dondert. Ze weet dat ze William dan aan mij kan overlaten, zodat ze er zonder probleem doorheen kan gaan. Vaak zit ik dan bij haar, soms samen met William. Laatst was dat zo bijzonder. We zaten naast haar op de bank, William bij mij op schoot, en toen strekte hij ineens allebei zijn handjes naar haar uit, niet om opgepakt te worden, maar alsof hij heel bewust kracht naar haar straalde. Lisa zag het niet, maar voelde het wel. Het voelde alsof ze uit die ellende opgetild werd, waardoor ze het even later van zich af kon schudden en verwonderd opkeek. Ze vertelde me wat ze ervaren had, en ik liet haar zien wat William een poosje gedaan had. Niemand hoeft mij nog te vertellen dat een kind kinderlijk is. Een kind is in zijn ziel volwassen, krachtig. Blijkbaar heeft hij niet of nauwelijks last van verwonding, en daar ben ik echt heel blij mee!”

“Geweldig Sjaak, wat een mooi verhaal! En heb je via via misschien al gehoord dat Bianca ook zwanger is? We verwachten over een half jaar een zoontje, begin augustus.”

“Wow, goed nieuws man! Gaat het goed met haar?”

“O ja, zeker weten! Ze is er zo blij mee, en lichamelijk voelt ze zich alsof er niets aan de hand is. Ze rust wel iets meer, gaat vaak als Julian zijn middagdutje doet, zelf een poosje op de bank liggen, muziek aan of zo, vaak jullie clips. Zo handig dat jullie die in een afspeellijst op YouTube gezet hebben!”

“Mooi! Dan rust ze niet alleen, maar krijgt ze meteen zielsondersteuning, denk je ook niet?”

“Dat weet ik wel zeker!”

Ze rondden hun gesprek af, waarna Sjaak aan Lisa vertelde wat ze besproken hadden.

“Bel Ellen meteen maar,” spoorde Lisa hem aan.

.

Ellen was vreselijk blij met hun aanbod en belde nadat ze de afspraken over hun renteloze lening samen met Eric gelezen en ook met Jeroen en Marianne besproken had, terug. Ze wilden graag met z’n vieren een afspraak maken om bij Sjaak en Lisa er over te komen praten. Sjaak vertelde haar dat ook de andere bewoners van Bloemenhof helemaal enthousiast waren over het werk van Eric en Jeroen en stelde voor om er een soort reünie en naar Eric en Jeroen een kennismakingsbijeenkomst van te maken. Ellen vond dat een geweldig idee, en ze spraken meteen al voor de volgende avond af.

Die avond werd er naar aanleiding van het werk van Jeroen en Eric vooral gesproken over de manier waarop ze leefden en werkten. Daar herkenden alle aanwezigen elkaar wel in, wat meteen een band schiep.

Tussendoor vertelde Ellen, dat ze zo blij was voor Alexander en Fiona, omdat ze half augustus een baby zouden krijgen.

“Wat fijn Ellen, dat je gewoon blij voor hen kunt zijn,” zei Lisa. “Weten jullie al dat Karel en Bianca ook een baby krijgen, begin augustus toch Sjaak?”

Sjaak knikte. “Het wordt komende zomer een babyboom in onze soul-kring! In juni hier twee baby’s, en in augustus bij Alex en Fiona, Karel en Bianca, en ook bij Bert en Annelies, van de Soul-Drukkerij! Over vier jaar krijgt het ontdekkingscentrum een instroom van nieuwe ontdekkers te verwerken!”

Ellen knikte: “Alex en Fiona hadden het er al over, dat ze het de moeite waard vonden om vervoer te regelen, zodat hun kind er ook heen zou kunnen. Johan en Marieke gaan het als Vlinder vier jaar wordt, samen regelen, misschien kunnen ze het een jaartje later samen met Alex en Fiona combineren. Nou ja, dat horen we dan nog wel, leuk is het in elk geval wel!”

Simon zat tijdens het gesprek over zwangerschappen en ontdekkers over iets heel anders na te denken. Dat gebouw waar Jeroen en Eric het over gehad hadden, daar zou veel aan opgeknapt moeten worden. Hij voelde een verlangen om dat werk met gesloten beurs voor hen te regelen. Hoe het met de materiaalkosten zou moeten, dat zou hij met Annerieke moeten bespreken, misschien konden zij dat samen betalen.

Huib en Annerieke leken hem aan te voelen. Ze namen hem even apart in de keuken.

“Waar zat jij op te broeien, Simon?” vroeg Annerieke.

“Ik wil kijken of ik een paar werknemers bereid kan vinden om die verbouwingen of wat het ook moeten worden, kosteloos uit te voeren. Dan hebben we alleen de kosten van de materialen nog…”

“Kunnen wij dat samen ophoesten?” vroeg Huib, “jullie en Margreet en ik?”

“Ik had eigenlijk alleen aan Annerieke en mij gedacht, maar als jullie mogelijkheid hebben om mee te helpen, dan moeten we heel ver kunnen komen.”

“Prachtig plan, laten we het hen voorstellen, maar er wel bij aangeven dat dit een intentie-plan is, omdat we op dit moment nog niet weten hoe hoog de kosten van de materialen komen te liggen en of je die werknemers er ook voor kunt krijgen.”

“Lijkt me een goed idee,” zei Huib, “wacht nog even, ik check even bij Margreet of zij het er ook mee eens was.”

Margreet bleek er juist blij mee te zijn, waarna Simon even de aandacht vroeg, en hun verlangen deelde. Hij vertelde er eerlijk bij dat hij niet wist hoe zijn vaste werknemers zouden reageren, en hoe hoog de kosten van het materiaal zouden worden, en dat hij zodoende niet wist of ze alles zelf zouden kunnen betalen.

Eric reageerde direct: “Jullie intentie, van jullie allemaal, is het meest belangrijk, dat doet me echt heel veel,” zei hij, terwijl Jeroen instemmend zat te knikken. “Ik heb net even op onze site gekeken, daar blijken ook extra donaties gedaan te worden. Geen grote bedragen, maar samen komen we er zo vast wel uit. Tjonge, we wisten dat dat gebouw voor ons bedoeld was, he Jeroen, maar het lukte niet. En Karel wist het ook, maar hij kon ook geen ijzer met handen breken. En nu komen de extra giften al binnen en leggen jullie ons deze geweldige plannen voor. Ik denk dat we morgen Karel maar eens moeten bellen, dat de koop toch doorgaat, vinden jullie ook niet?”

Er ging een luid gejuich en gejoel op, waarna Sjaak zei: “Waarom zou je wachten tot morgen, het zou me niet verbazen als Karel het geweldig zou vinden als je hem er nu al over belt.”

Jeroen en Eric keken elkaar aan, schoten in de lach en knikten naar elkaar. Jeroen pakte zijn mobiel en belde Karel. Het enige dat de aanwezigen in het huis van Sjaak en Lisa hoorden, was dat hij zei: “Hey Karel, met Jeroen, de koop van dat pand gaat door!” Samen beantwoordden ze die opmerking door opnieuw te juichen en te joelen. Karel hoorde het, genoot, omdat hij voelde hoe goed dit was.

“Kom morgenochtend op mijn kantoor langs, dan maken we het definitief!”

“Morgen? Zaterdag? Heb je je kantoor op zaterdag ook open?”

“Normaal niet, hooguit voor uitzonderingen. Nou, voor zoiets moois als dit, laat ik jullie er graag binnen! Hoe laat? Negen uur?”

“Doen we, je ziet ons om negen uur verschijnen!”

Toen de gasten naar huis gingen, schoot Simon Jeroen en Eric nog even aan. “Morgen om negen uur, denk je dat we dan ook langs het pand kunnen gaan?”

“Vast wel, wil je morgen meteen gaan kijken wat er gedaan moet worden?”

“Hoe eerder hoe beter, ja toch? En dan ga ik daarna mijn werknemers vragen of ze meedoen. Ik weet dat de meeste jullie site al kennen en er enthousiast over zijn, dus ik verwacht dat als het voor hen financieel haalbaar is, dat er wel een stel mee willen doen.”

.

De volgende avond kon Simon hen vertellen, dat hij een ploeg van maar liefst twaalf medewerkers bereid had gevonden, en dat de materiaalkosten geen probleem waren als ze een deel van de extra donaties er ook voor konden gebruiken.

Inmiddels had Lisa gezorgd dat het geld voor de aankoop van het pand overgemaakt was, zodat de koop definitief geregeld kon worden.

Jeroen en Eric zetten een videocamera op de eettafel bij Jeroen thuis, en filmden hoe ze aan elkaar vertelden wat ze de afgelopen twee dagen hadden meegemaakt, de twee dagen nadat ze hun oproep op de site gezet hadden.

Op Bloemenhof werd hun filmpje de volgende dag met veel plezier bekeken. Jeroen en Eric waren op hun knieën achter de tafel gaan zitten, zodat op de opname alleen hun hoofden en hun armen te zien waren. Het zag er komisch uit! En de blijdschap op hun gezichten, hun fantastische verslag, bezorgde hen enorme blijdschap.

De mailbox van het duo liep die dag zo vol met vrolijke berichten dat de enkele haatmails die er altijd tussen zaten, daar volledig bij in het niet vielen.

.

Simon en zijn werknemers konden al snel beginnen met hun werkzaamheden en kregen het voor elkaar om het in tien dagen af te ronden. Daarna hielpen ze het team van Jeroen en Eric met verhuizen, met het aanleggen van kabels en wat er allemaal nog meer nodig was.

Twee weken na het komische filmpje maakten ze een soortgelijk filmpje voor de site, waarbij alle teamleden op hun knieën achter een grote tafel gingen zitten. Omdat Eric daar ook bij zat, kon niemand de camera bedienen. Simon zag dat de groep nu te groot was om de camera stil te laten staan. Daarom stelde hij voor dat hij het wel wilde proberen om hen op te nemen. Eric gaf hem wat instructies en ze gingen aan de slag. Na afloop bekeken ze samen het resultaat en prezen ze Simon om zijn camerawerk.

Ook nu liep de mailbox van het team vol. Ze wisten dat de meeste schrijvers niet verwachtten dat ze de berichten zouden beantwoorden, omdat dat gewoon niet te doen was. Ze mailden meestal alleen om te laten weten hoe goed hun berichten hen deden.

Soms zaten er berichten tussen met goeie praktische tips, waarvan Jeroen en Eric probeerden te voelen of ze er wat mee konden doen of dat ze het opzij moesten leggen. Tips die ze op dit moment nog niet konden gebruiken, sloegen ze op in een Word-bestand. Misschien konden ze er later nog wat mee doen.

.

Het team bestond inmiddels uit tien fulltime medewerkers en verschillende parttimers. Het werk van de meeste van hen bestond uit het doorspitten van informatie, documentatie, alles wat er door het hele land gedaan werd op de oude en her en der op een nieuwe manier. Ze zochten naar punten waar het wrikte, waar het vastliep, waar het systeem eerder hinderlijk dan bruikbaar was. Met merkstiften lieten ze bij teksten op papier weten wat het onderwerp was, met vraagtekens en uitroeptekens en soms een kort idee in de kantlijn, gaven ze aan wat er al lezend in hun gedachten was opgekomen. Op soortgelijke manieren behandelden ze teksten en filmpjes op internet, en teksten in de email.

Ze hadden een ordnersysteem gemaakt, zowel op internet als in daadwerkelijke ordners. Ze hadden de kartonnen ordners en de mapjes op hun computers gelijke namen gegeven, zodat ze alles makkelijk terug konden vinden.

.

Ondertussen trokken Jeroen en Eric er regelmatig op uit voor interviews en opnames. Een enkele keer trokken ze los van elkaar op en namen ze allebei een andere werknemer mee, die dat over het algemeen als een welkome afwisseling ervaarden.

Tussendoor bleven Jeroen en Eric de vinger aan de pols houden over de werksfeer. Ze wilden graag weten of iedereen tevreden was met het werk waarmee ze bezig waren. Verschillende teamleden zouden graag vaker op pad gaan, maar ze beseften dat er op dit moment nog niet voldoende financiële middelen waren om meer apparatuur aan te schaffen, waarmee ze meerdere tweetallen zouden kunnen vormen. Ze vonden het niet echt erg, ze konden zo nu en dan met Jeroen of Eric mee, en gingen er van uit dat er een tijd zou komen, dat ze minder bureauwerk en meer buitenwerk zouden kunnen doen. Voor nu moest gewoon de boel goed degelijk opgestart worden, informatie verzameld worden, zodat ze vanuit die basis dieper zouden kunnen graven, en verder zouden kunnen bouwen.

.

Al wroetend in alle beschikbare informatie ontdekten ze dingen waar ze niet blij mee waren, zaken die al stamden uit eeuwen ervoor. Ze ontdekten een duistere lijn die zich in het verleden vertakt had over landen, regeringen en bedrijven, en die op de één of andere manier nog steeds mensen in hun greep leek te houden.

Ze bespraken het met elkaar, voelden elkaar erin aan. Jeroen kwam met een verrassend antwoord over die duistere lijn met zijn vele vertakkingen.

“Die is er inderdaad geweest, maar ik ben er eigenlijk zeker van dat die duisternis er niet meer is. Het probleem dat we nu signaleren is er alleen nog een gevolg van. Duisternis heeft mensen rechtstreeks of via andere mensen vastgezet in een systeem, in een programmering. En bij een behoorlijke groep zit dat nog steeds als een soort programmering in hun denken. Het is feitelijk een diepe verwonding. Soms zie ik mensen heel langzaam veranderen, maar ik zou wensen dat hun genezing sneller kon gaan. Zolang ze zich nog als zo’n geprogrammeerde robot gedragen, zo het land willen regeren, of ander werk willen doen, blijven de systemen die we nu al zoveel jaren hebben, nog bestaan, terwijl ze absoluut niet werken, meestal zelfs averechts werken. Die programmeringen hebben ervoor gezorgd dat de rijken en machtigen alle burgers als eenheidsworst behandelden. Er is geen enkele persoonlijke afstemming geweest. Nou realiseer ik me wel dat dat ook moeilijk is, het is allemaal slecht te overzien als je met een handjevol mensen een heel land moet regeren.

Ik zit de laatste tijd steeds vaker te denk aan hoe dat vroeger, en in sommige landen misschien nog wel, toeging in stammen, in kleinere dorpen, waar stamhoofden en dorpshoofden de mensen kenden, en wisten wat er nodig was. Ellende werd terplekke opgelost.

Zoiets, maar dan nog persoonlijker, waarbij mensen elkaar van hart tot hart leren kennen en naar hun eigen innerlijk kunnen luisteren om er achter te komen wat iedereen nodig heeft. Ik denk dat wat ik nu schets een veel te globale lijn is, maar je moet ergens beginnen met denken… ik wel tenminste. En voorlopig is dit wat mijn basis is, en waarvan ik niets aan iemand wil opdringen, maar waarvan ik toch wel het gevoel heb, dat het onze basis, de basis van ons team mag gaan worden. Zoeken naar wat goed is, wat een goede manier is, is zoeken naar wat je innerlijk aangeeft. Voor ons gaat het dan niet om een stam of om een dorpje, maar om ons werk… aanvoelen wat er wringt, aanvoelen hoe je het anders zou willen, hoe het wenselijk zou zijn. Ideeën aandragen, dat ook. Uiteindelijk zullen mensen zelf moeten uitzoeken wat het beste bij hen past.”

“Bedoel je, dat onze artikelen en video-opnames eigenlijk mogen gaan fungeren als een soort ideeën-verzameling?”

Jeroen knikte: “Zoiets ja, om mensen op ideeën te brengen met dat wat onze ziel aangeeft. Weet je, onze ziel geeft geen flauwekul aan, maar dat wat werkelijk zou kunnen helpen. En daarbij… alles wat wij vanuit onze ziel naar voren brengen, is krachtig, en als mensen het lezen of de opnames bekijken, dan helpt hen dat verder, misschien nog niet in praktische oplossingen, maar wel in hun innerlijke genezing.”

“En hoe zie je het dan voor je, hoe we het zouden kunnen presenteren?” vroeg een ander.

“Ik hou niet zo van een standaard presentatie, maar ik denk wel een beetje in de trant van ‘we signaleren dat dit en dat niet werkt… zou het ook zus of zo kunnen? Of: hebt u wel eens overwogen om…?’ Dus niet meer dan ideeën aandragen, niet als een ‘het moet zo’. Wat voor ons dorp geweldig zou kunnen zijn, is voor een dorp aan de andere kant van het land misschien een onmogelijkheid! En nogmaals, wat ik vandaag aangeef is iets waar ik al een poosje op loop te broeien, en wat nog steeds niet meer is dan een soort globaal idee. De invulling zal per onderwerp, per omgeving, per dag misschien wel, nieuw kunnen zijn. Daarom is het zo ongelofelijk belangrijk dat we echt goed blijven luisteren naar ons innerlijk.”

Jeroen keek de kring rond om te peilen hoe ze het oppakten. Hij zag ze knikken, heel voorzichtig, heel minimaal.

“Hoe ervaren jullie mijn indruk?”

“Ergens voel ik dat je gelijk hebt,” begon één van de collega’s, “maar dit vereist wel een heel andere aanpak dan we geleerd hebben en gewend zijn. Dat bedoel ik niet verkeerd, eigenlijk ervaar ik het zelfs als positief, maar ik vermoed dat het ook niet altijd makkelijk zal zijn.”

De anderen knikten, duidelijker nu, beaamden haar woorden.

“Maar, begrijp ik uit de manier waarop jullie knikken, dat jullie wel achter het idee staan?”

Het knikken werd nog duidelijker, terwijl ze door elkaar heen positief reageerden.

“Dit is toch wat we wilden? Echtheid? Eerlijkheid? Openheid? En dat alles vanuit hoe we het aanvoelen, op basis van de indrukken die we krijgen?”

Het gemompel ging over in enthousiaste kreten.

Jeroen lachte naar de mensen om hen heen. “Laten we het gewoon gaan proberen, met elkaar overleggen, elkaar onze presentaties laten zien, onze ideeën met elkaar delen… en er samen groot en sterk in worden!”

.

Samen gingen ze verder, ieder afzonderlijk, en tussen de bedrijven door gezamenlijk. Ze werden steeds meer open tegenover elkaar, begonnen hun gedachten, indrukken en gevoelens over situaties te delen.

Zoals elke dag, zaten ze een paar dagen later weer samen aan de koffie en bespraken ze nieuwe ontdekkingen en mogelijke oplossingen. Ze bespraken ook, en dat was eigenlijk voor het eerst, hun afschuw over de gevolgen van de jarenlange onderdrukkingen van de oude regeringen, over de verwoestingen waarvan de gevolgen nog steeds voelbaar waren.

Hoeveel slachtoffers waren er nu nog steeds? De tellingen waren niet bij te houden. Slachtoffers die ziek en beroerd waren en nog steeds geen hoop op genezing zagen. Slachtoffers die verteerd waren door verdriet om het grote aantal geliefden dat ze verloren hadden. Slachtoffers die nog in angst leefden omdat ze ook ooit die vaccinaties genomen hadden, en nu bang waren wanneer zij door hartfalen of herseninfarcten en dergelijke getroffen zouden worden. Slachtoffers die in bittere armoede leefden. Slachtoffers die op straat leefden. De winter liep op z’n eind, maar was nog niet voorbij. Het was nog februari, dus het kon met gemak weer gaan vriezen. Hoeveel doden zou dat weer opleveren? Mensen die op straat bevroren? Schuldeisers konden hun werk niet aan. Uitkeringsinstanties waren radeloos, wisten niet hoe ze het voor elkaar moesten krijgen om al die mensen aan een uitkering te helpen, en die zich daarnaast belabberd voelden omdat ze wisten dat het bedrag van de uitkeringen niet toereikend was. Zo kwam er een beerput van ellende, gevolg van jaren wanbeleid, op tafel.

Ze deelden wat ze tegenkwamen op sociale media, waar mensen beschreven hoe ze overal tegenaan liepen. Ze lazen gelukkig ook van steeds meer mensen die tegen de klippen op hoop begonnen te krijgen, die rustig aan ontdekten dat ze hun innerlijke stem konden volgen. Dat laatste was natuurlijk een proces op zich dat niet binnen een paar dagen gladjes verliep. Zoveel verwonding moest er genezen, voordat mensen die standaarddingen die ze altijd ingepompt gekregen hadden, konden loslaten en zich konden richten op wat ze zelf voelden, dachten, ervaarden.

Op de sociale media werd duidelijk, dat steeds meer mensen, ook medewerkers van de uitkeringsinstanties hart toonden naar slachtoffers. Maar dan nog konden ze vaak veel te weinig doen, en dat frustreerde hen. Soms, heel soms lazen ze dat medewerkers stopten met hun werk, omdat ze het misdadig vonden om mensen een handjevol geld te geven, waarvan ze bij voorbaat al wisten dat ze er lang niet mee rond konden komen. Dat die medewerkers daarmee zelf hun salaris verloren, namen ze op de koop toe. Ze zochten elkaar op, ondersteunden elkaar, zochten samen naar mogelijkheden om wel iets zinnigs te kunnen doen voor anderen.

Op het moment dat ze deze berichten met elkaar deelden, sprong Jeroen op, met tranen in zijn ogen: “Lieve vrienden, dit is waar ik naar uitgekeken heb! Mensen die opstaan, hun innerlijk gaan volgen, ook al zoeken ze zich nog een rotje en zijn ze nog niet helemaal vrij van hoe het volgens de standaard opinie zou moeten, maar dit is het begin van datgene waarnaar ik verlang! Sorry, moest er even uit, het maakt me gewoon blij dat mijn algemene indruk een beetje praktijk begint te worden. We zijn er nog lang niet, maar dit is zo’n prachtig bloempje in de knop. Ik kijk uit naar de zomer, naar de volle bloemen!”

Ze lachten om de heerlijke manier waarop hij zijn gevoel uiting gaf. Sommigen begonnen te applaudisseren, waar de rest meteen op inviel en meedeed.

“Ik ga een map ‘Gouden Momenten’ maken, zowel op de computer als in een nieuwe ordner. En deze berichten die jullie net deelden, gaan daar als eerste in! Als jullie meer van dit soort berichten tegenkomen, maak er gewoon een bericht om te bewaren van. Doen we dat op volgorde van datum?”

Ze spraken af, dat ze binnen de map ‘Gouden Momenten’ sub-mappen zouden maken over dezelfde onderwerpen waar ze al onderzoek mappen van hadden, en dat ze binnen die mappen de berichten op volgorde van datum zouden zetten.

.

Dit soort momenten, dit soort berichten bemoedigden het nieuwsteam, bemoedigde hen om door te gaan, om te zoeken naar alle kronkels, en tegelijkertijd ook naar waarheid, al het goede, al het werk dat van binnenuit werd gedaan.

.

Karel hield hun site in de gaten, genoot van hun vernieuwde journalistiek. Hij voelde hoe het veranderd was naar een bron van zielsinformatie, en voelde hun kracht.

Hij speelde de link van de site door naar zijn ouders, vroeg hen wat zij ervan vonden.

Ze reageerden pas een paar dagen later, omdat ze die dagen nodig hadden gehad om een heleboel artikelen te lezen en opnames te bekijken. Hun conclusie was helder: ‘Dit is pure zielskracht, die ideeën komen niet uit hun duim maar uit hun binnenste!’

Een paar dagen later vroegen ze of ze weer eens konden komen logeren. Karel glimlachte, hij kende hen goed genoeg om te weten waartoe hun ziel hen drong. Al snel na hun aankomst bleek zijn idee te kloppen: ze wilden dolgraag bij het team van Jeroen en Eric langs. 

Een afspraak was snel gemaakt. Jeroen en Eric zorgden ervoor dat iedereen, ook de parttimers, aanwezig was. Ze hadden hen gelokt met de vraag of ze nog echt puur en alleen vanuit hun binnenste wilden leven en werken. Het antwoord was volmondig ‘ja’! Vervolgens vroegen ze of ze vonden dat ze daar al voluit toe in staat waren. Het antwoord was voor iedereen ‘nee’… En als derde stap vertelden ze hun collega’s, dat er een echtpaar langs wilde komen, om hen met hun eigen zielskracht een stevig stuk verder te helpen. Wilden ze dat? Niemand reageerde ontkennend, en daardoor was het niet moeilijk om een paar uren te vinden waarop Maurice en Jacqueline van harte welkom waren.

Terwijl ze het echtpaar aankeken, voelden de meeste medewerkers wel een zeker spanning, omdat ze geen idee hadden wat deze mensen zouden gaan doen. Vooral die vrouw, die Jacqueline, die keek hen zo strak aan, bijna erger dan een strenge schooljuf.

Jacqueline begon met een algemene indruk. “Jullie kennen de journalistiek en wat daar omheen hangt, vanuit jullie opleiding en vanuit jullie vorige werksfeer. Jullie zijn daar bewust uitgestapt omdat jullie je hart wilden volgen en op zoek wilden naar echtheid, naar waarheid. Klopt dat?”

Ze knikten stuk voor stuk.

“Dat is een geweldig grote en vooral een geweldig goeie stap geweest. Het probleem is echter, dat wat er in jullie opleiding en werk in jullie is gepompt, niet zomaar uit je systeem weg gegaan is door naar Jeroen en Eric over te stappen. Dat maakt dat het zoeken naar wat je innerlijk over situaties zegt, lastig. Het is of je nog aan allerlei touwtjes vastzit, die je een andere kant op dreigen te trekken. Die touwtjes zijn niet zo sterk meer als voorheen, toen je voor je vorige werkgever werkte, maar ze zijn niet weg. Vandaag gaan ze weg, stuk voor stuk, de touwtjes die jou vertellen wat waarheid is, de touwtjes die vertellen wat de beste methode is, de touwtjes die je zeggen hoe jij moet spreken of schrijven of filmen. Alle touwtjes die jou vertellen hoe jij je werk zou moeten doen. Allemaal, alle touwtjes, ik trek ze uit jullie los, en ja, dat kan even pijn doen, daarom kom ik de kring even langs. Dat was even heftig pijnlijk bij jou, zie ik, gaat het nu beter? Mooi… en jij? Hoofdpijn? Nu niet meer, hoop ik? Fijn…”

Zo ging ze iedereen langs en toen ze weer op haar plek terug was, zei ze: “Ik heb nu een algemeen probleem, waar jullie allemaal mee te kampen hadden, weggenomen. Nee, ik ben geen occulte tante of zoiets, geen tovenares of zo. Ik werk, net als jullie, vanuit mijn ziel. Ik heb alleen het geluk gehad dat ik niet zoveel opleiding heb gehad als jullie, waardoor ik in redelijke vrijheid heb kunnen leven en toen ik een paar jaar geleden ging beseffen dat ik toch nog dingen had waarin ik vastzat of verwond was, heb ik er bewust voor gekozen om mijn ziel opdracht te geven me alles te laten zien en voelen wat ik moest doen of juist niet moest doen. Dat waren moeilijk jaren, maar ze werpen nu hun vruchten af. En daar mogen jullie lekker van mee smullen! Ik kom nog een keer de kring rond, om bij ieder persoonlijk dingen los te maken of weg te nemen. Mag ik dat hier in de kring doen, of zijn er ook mensen die dat liever los van de groep doen. Geeft niet hoor, dan nemen Maurice en ik je gewoon even apart. O ja, wacht even, voordat je reageert: wij doen niet aan schuld en veroordeling. Alles waar jij in vast zit, waarin jij verwond bent geraakt, heeft niets met schuld te maken, en dus hebben wij geen reden om je te veroordelen. Veel van ons gedrag is puur het gevolg van verwonding en overtuiging, aangeprate leringen. Gewoon oorzaak met een minder prettig gevolg, dikke pech. Dus als je in het verleden dingen uitgevreten hebt, en ik krijg daar zicht op, een indruk over, dan zal ik je daar niet over veroordelen. Maar dat neemt niet weg, dat je je misschien schaamt tegenover je collega’s. Dan kun je twee dingen doen nu, twee dingen die je je kunt afvragen… wil je jezelf blijven opsluiten of wil je open zijn naar je collega’s? Dat laatste zou het mooiste zijn, en ik heb ook de indruk dat je veilig bent binnen deze kring, maar dat wil nog niet zeggen dat je het zelf al aankunt. Dus overweeg het even voor jezelf en geef het als ik bij je kom aan, als je liever even apart gaat. Zullen we dat zo afspreken?”

Omdat iedereen knikte, begon Jacqueline bij de eerste persoon naast haar, kreeg indruk na indruk en bevrijdde mensen van allerlei ballast, bekrachtigde hen daardoor voor hun proces van innerlijke genezing.

.

Het was een samenkomst waar ze later nog regelmatig op terug zouden kijken met verwondering en blijdschap.

En het werk van Jacqueline en Maurice werd na een paar dagen al zichtbaar en voelbaar op de website. Hun ideeënbron, hun ziel, was aanzienlijk sterker geworden, waardoor datgene wat ze brachten met veel meer kracht overgebracht werd.

“Ik kijk uit naar wat dit gaat doen…” zei Jeroen.

“Straks is onze ordner met ‘Gouden Momenten’ bomvol!”

“Dan pakken we een tweede ordner, geen probleem, integendeel, laat maar komen die gouden momenten!”

Naar hoofdstuk 103. Geneeskunst

Of naar de Inhoudsopgave