Hoofdstuk 101.

Patricia

Doordat ze een goed contact had met Jonathan, wist Patricia dat Joke inmiddels bij hem woonde en officieel gescheiden was. Jonathan en Joke waren niet van plan om te gaan trouwen, ervaarden dat als een formaliteit die niet bij hun manier van leven paste, waardoor Joke voortaan weer Joke Verhage heette. Ze was zelfs al naar de Soul-Drukkerij Bakker geweest, om haar naam daar te laten veranderen voor de nieuwe boeken en voor eventuele heruitgaven.

“De weg naar Anton is vrij,” mompelde Patricia tegen haar spiegelbeeld, terwijl ze haar haren borstelde. “Maar hoe vind ik de weg naar zijn hart? Ik kan me toch moeilijk zomaar aanbieden?”

Patricia, die net als Jonathan nooit bewust naar een partner gezocht had, had ook werkelijk helemaal geen ervaring met mannen, tenminste niet in de privésfeer. Ze had geen idee hoe ze het aan zou kunnen pakken. En dat werd nog eens versterkt door het feit dat ze niet wist hoe Anton er op dit moment emotioneel aan toe was. Net gescheiden van Joke, na zoveel jaren huwelijk.

Ze had van Jonathan verhalen gehoord, over hoe Anton voor Joke geweest was. Wat zijn doel geweest was, en hoe hij haar naar dat doel had geholpen. En nu had hij haar laten gaan. Joke had zich, naar Patricia’s idee terecht, afgevraagd of hij niet meer een vader dan een partner voor haar geweest was. Aan de andere kant was Joke samen met Jonathan tot de conclusie gekomen, dat dat ook weer niet klopte, het leek meer een mix van een vader en een partner te zijn. Nou ja, het deed er ook niet meer zoveel toe. Anton was nu alleen, en Patricia had duidelijk ervaren dat zij een soulconnectie met hem had. Zelfs Jonathan had het aangevoeld, er kort met haar overgesproken, en had haar beloofd er nog niet met Joke over te praten. Patricia had het gevoel dat ze er eerst zelf uit moest komen. Helaas was dat, na een paar weken tijd, nog steeds niet gelukt. En daarom had ze een afspraak met Jonathan gemaakt en zou ze vanmorgen bij Jonathan en Joke op visite gaan. Gewoon als collega, en ze zou wel zien wat eruit voortkwam.

.

Joke ontving Patricia hartelijk. Ze vond het oprecht leuk om deze arts weer te ontmoeten. Ze had in het ziekenhuis al een klik met haar gehad.

Jonathan kwam de trap af roffelen en begroette zijn collega lachend. “Leuk dat je er bent, Patricia! Zin in koffie?”

“Altijd, wat is een zorgverlener zonder koffie?”

“Geen idee, de eerste van dat soort moet ik nog tegenkomen. Dames, ga lekker zitten, dan zal ik die koffiemachine eens aan ’t werk zetten.”

Even later kwam hij terug met een dienblad, met niet alleen koffie, maar ook met drie stukken appeltaart.

Patricia schoot in de lach: “Wat een heerlijke verrassing! Heeft één van jullie die zelf gebakken?”

“Sterker nog, dat hebben we samen gedaan,” zei Jonathan.

“Samen?” vroeg Joke verbaasd.

“Ja, ik was jouw publiek en proever, dat is minstens zo belangrijk als het bakken zelf,” zei Jonathan heel overtuigend.

“Ach ja, iemand moet die deegkom uitlikken…”

Patricia grinnikte: “Mooi stel zijn jullie!”

“Dat zijn we zeker,” reageerde Jonathan, “ik ben altijd gelukkig geweest met mezelf, met mijn leven, maar nu, ik ben nog nooit zo gelukkig geweest als nu samen met Joke! En hoe is het met jou dan, Patricia, maak je al vorderingen?”

Patricia’s ogen flitsten even van Jonathan naar Joke en weer terug.

“Uhm, nee, ik heb Joke nog niets verteld over jouw ervaringen. Sorry dat ik je overrompelde, maar die vraag kwam…”

“… rechtstreeks vanuit je ziel,” vulde Patricia aan, “ik hoorde het aan de manier waarop je het vroeg. Tja, even denken… om eerlijk te zijn Joke, toen ik Anton voor het eerst ontmoette, ervaarde ik net zoiets als wat jij ervaarde toen je Jonathan ontmoette. Ik baalde vreselijk, net als Jonathan destijds, omdat Anton en jij getrouwd waren. Nu is dat inmiddels al een paar weken verleden tijd, maar ja, dan nog… Ik kan die man toch niet zomaar op z’n nek springen? Hij heeft, neem ik aan, nogal wat te verwerken.”

Joke glimlachte. “Ja, dat klopt, maar daar had hij tijdens mijn opname in het ziekenhuis al het ergste van doorgemaakt. Hij had het direct gevoeld, de eerste dag al, toen ik het zelf nog niet echt in de gaten had. En ik weet dat hij het nog wel wat lastig vindt om zijn draai te vinden. Maar misschien zou het hem juist helpen als hij jou weer zou ontmoeten.”

“Ja, dat zou ik me voor kunnen stellen, maar… ik kan toch niet zomaar bij hem aanbellen?”

“Dat hangt ervan af hoe jij in elkaar zit, denk ik. Maar er is misschien een makkelijker manier. Maar dan moet ik wel even kijken of dat kan, momentje.”

Joke zocht pension Bloemenhof op op haar mobiel. Komende week… ja, het zou kunnen!

“Zie jij kans om komende week vakantiedagen op te nemen? Een hele week, van zaterdag tot zaterdag, of anders van maandag tot vrijdag?”

Patricia keek even bedenkelijk. “Ik heb nog vrije dagen van vorig jaar over, en die zou ik kunnen aanvullen met een paar dagen van dit jaar, denk ik, maar dan zou ik degene die over de planning gaat even moeten vragen. Wat heb je in gedachten?”

“Ik weet dat Anton komende week vanaf aanstaande zaterdag tot de zaterdag daarna naar pension Bloemenhof gaat. Wij zijn daar regelmatig samen geweest. We hebben een diepe vriendschap met die familie daar opgebouwd. Als je die week nou ook daar naar toe zou gaan…”

Patricia lachte: “Heel toevallig! Nou ja, hoogstwaarschijnlijk herkent hij me in eerste instantie niet eens meer. En als hij me wel herkent, dan is dat ook best. Eigenlijk lokt het idee me wel. Ik bel meteen even met degene die de planning maakt.”

Patricia liep even naar de keuken om rustig te kunnen bellen. Toen ze terugkwam, straalde ze. “Het kan! Je weet niet half wat dit met me doet! Het geeft me hoop… Hoe nu verder, hoe kan ik reserveren?”

Joke hielp haar op weg. Patricia vulde haar gegevens in en tikte op verzenden. Nog geen tien minuten later kreeg ze een persoonlijke bevestiging van Huib. Ze was absoluut welkom.

“Poeh! Nou wordt het spannend. Het is nu donderdag, dus ik moet vanavond of morgenavond mijn spullen gaan inpakken. Vanmiddag en morgenmiddag nog werken en dan zaterdag op pad. Gelukkig is het niet ver weg…”

Jonathan zat te grijnzen, waardoor Patricia even tegen hem uitschoot: “Ja, jij hebt makkelijk kletsen, mooi gesetteld met Joke, maar ik sta nog aan het begin, en ik vind het eng! Zou hij me niet te jong vinden? Hoe oud is Anton eigenlijk, Joke?

“Hij deed niet zo aan verjaardagen en leeftijden, maar hij loopt tegen de zestig. En jij?”

“Ik loop tegen de vijftig, nog twee jaar te gaan… Ben ik dan niet veel te jong voor hem? Zo’n beginneling, ik bedoel, ik heb totaal geen ervaring met relaties. Ja, met gewone vriendschappen, zoals met Jonathan en met een vriendin, maar verder niet. Oh, ik vind dit razend spannend, doodeng!”

“Ach Patricia, als jullie soulmates zijn… En buiten dat, Anton is echt een lieverd. Weet je, dat hij bang geweest is dat hij zijn soulmate ooit zou ontmoeten terwijl hij nog met mij getrouwd was? Hij zou je hebben laten schieten, als ik nog bij hem zou zijn… Maar hij heeft altijd beseft dat hij dat vreselijk zou vinden, want hij zag op landgoed Bloemenhof wat het met mensen deed als ze hun soulmate ontmoetten. We hebben het daar drie keer in één jaar meegemaakt, dat dat gebeurde. Ik heb in die tijd niets aan Anton gemerkt, maar laatst vertelde hij me, dat hij daarover met zichzelf in gevecht geweest was. Hij zag daar iets, wat wij niet hadden, ondanks dat we het heel goed hadden samen. En hij verlangde ook naar zo’n diepe relatie, maar als zijn soulmate in die tijd was gekomen, zou hij me er niet om hebben laten schieten. Andersom heeft hij me wel losgelaten toen ik Jonathan ontmoette. Echt Patricia, hij is een geweldige man!”

“Ik geloof je graag, Joke, maar zou hij mij ook een geweldige vrouw vinden? Zou hij die klik ervaren die ik gevoeld heb toen ik hem aan de andere kant van jouw ziekenhuisbed aankeek?”

“Ik vermoed dat dat af zal hangen van hoever hij is in zijn verwerking. Hoe meer hij zijn draai gevonden heeft zonder mij, hoe meer hij tevreden is met zichzelf, hoe beter hij die klik zal ervaren. Wees volgende week maar gewoon jezelf, dan zul je het snel genoeg merken!” verzekerde Joke haar.

.

Aan het begin van de vrijdagavond droeg Patricia haar laatste dienst van deze week over aan haar collega. Gisteravond had ze haar koffer al ingepakt. Ze had een briefje op haar kaptafel gelegd, waar op stond wat ze last minute nog moest meenemen. Op haar mobiel had ze de routeplanner ingeschakeld. Dus in principe was ze er klaar voor.

Dat voelde voor deze laatste avond als leeg. Ze slenterde door haar huis, naar buiten, haar tuin in. Als het wat zou worden met Anton, zou hij zich hier dan thuis voelen? Of zou hij liever willen dat zij naar zijn huis zou verhuizen? Dat laatste hoopte ze niet, maar ze zou het er wel voor over hebben. Ze keek rond in haar tuin, was meer dan tevreden met de heerlijk natuurlijke beplanting. O ja, ze had er wel wat struiken in gezet, maar er was ook veel moois spontaan naar boven gekomen. Niet dat dat nu heel mooi zichtbaar was. Nee, nu niet, daarvoor was het nog te vroeg in het jaar. Maar over een paar maanden, dan zou alles weer in knop komen. Die honderden kleine roze bloemetjes laag bij de grond, en de plantjes daarvan die na de bloei zouden verkleuren naar een mooi roodbruin. Die hoge sprieten die daarna met honderden iets grotere roze bloemetjes aan bod kwamen, en die na de bloei van die grappige zaadpluizen gaven. En nog zoveel meer voor haar onbekende planten. Nee, namen kende ze van de meeste planten niet, maar dat deerde haar niet, ze genoot van wat ze zag, wat ze kon aanraken, strelen, en wat ze rook. Ze vond het in de zomer heerlijk dat er bijen en hommels en vlinders van bloem naar bloem gingen, dat musjes en meesjes bijna het hele jaar door in de pluimen klommen om zaadjes eruit te pikken of in het voorjaar sprietjes mee te nemen voor hun nestjes. Het was gewoon een levendig geheel. Zou Anton daar ook van houden? Of zou hij liever een netjes bijgehouden tuin willen?

Ze liep weer naar binnen, had het koud gekregen. Ze legde haar vest even over de kachel en slenterde door de woonkamer en de keuken, naar boven, naar de slaapkamers. Het was een kleine gezinswoning, en ze had hier altijd alleen gewoond. Weer kwam de vraag boven of Anton hier zou willen wonen, zich hier thuis zou kunnen voelen?

Ach, één ding tegelijk, eerst zou hij zich bij haarzelf thuis moeten voelen, en andersom zij bij hem.

.

Zaterdagochtend sliep ze uit. Ze kon pas vanaf drie uur in het pension terecht, en het was hooguit een half uur rijden.

Ze besloot alle tijd te nemen voor een uitgebreide douche en een soort brunch. Terwijl ze van haar brunch genoot, begon ze in het eerste boek dat Joke had geschreven. Ze had het op aanraden van Jonathan via de website van de galerie besteld.

“Wacht eens,” mompelde ze bij zichzelf, “ik kan dat boek beter meenemen, dan kan ik ’s avonds op bed lekker lezen.”

Ze stopte het in haar koffer, die al beneden stond en ging weer aan haar eettafel zitten, waar ze een knäcker met kaas en schijfjes komkommer belegde en nog een mok koffie nam. Op haar mobiel zocht ze de website van de galerie nog een keer op. Het was haar, toen ze het boek bestelde, al opgevallen dat er een flinke lijst kunstenaars op stond. Nu ze toch de tijd had, kon ze die wel eens langsgaan.

Ze genoot van de verschillende kunstwerken, was verbaasd over de verschillende technieken die gebruikt waren. ‘Die mensen zouden een echte galerie moeten hebben, zodat iedereen daar binnen kon lopen om hun werk in het echt te zien,’ dacht ze bij zichzelf.

Als laatste las ze de pagina over hun Visie. Tja, vanuit hun ziel, dat was haar al duidelijk geworden. Aha, ze hadden ook visie om in de toekomst een galerie te bouwen, maar ervaarden dat het daar op dit moment nog niet de tijd voor was.

“Mooi, dat gaat dus nog wel een keer komen! Oeps, het is al bijna half drie!”

Ze sprong op en begon de tafel af te ruimen. Ze besloot de afwas te laten voor wat het was, deed haar mok alleen vol met water, zodat ze er volgende week niet op hoefde te boenen. Ze sloot alle ramen en deuren en vertrok.

.

Ruim een half uur later kwam ze aan bij landgoed Bloemenhof. Ze zette haar auto langs de kant van de weg en stapte uit, om voordat ze doorreed naar de parkeerplaats, even een indruk van de omgeving te krijgen. Wat ze voelde was een ongelofelijk diepe rust. Het verraste haar even, maar toen ze terugdacht aan wat Joke haar verteld had over de mensen hier, voelde ze dat het klopte. Ze glimlachte, keek op toen er een andere auto rustig voorbij reed en afsloeg naar de parkeerplaats van Bloemenhof. Ze had de man achter het stuur herkend, en merkte dat haar hart meteen sneller begon te slaan. Apart toch, ze had nooit echt met hem gesproken…

Ze stapte weer in haar auto en reed langzaam hetzelfde pad af. Ze zag dat Anton zijn koffer al uit de auto gehaald had en even naar haar auto opkeek. Ze vond dat hij er nog wat down uit zag.

Ze zette haar auto naast de zijne, stapte uit, hing haar kleine rugzak zolang aan haar schouder, knikte naar Anton en pakte haar koffer uit de achterbak. Ze deed er met opzet een beetje lang over, omdat ze zich ongemakkelijk voelde, en hoopte dat Anton vast naar de voordeur van het pension zou lopen. Toen ze haar auto afsloot, zag ze dat hij dat ook gedaan had. Hij had aangebeld en werd net begroet door de gastvrouw. Ze waren overduidelijk vrienden van elkaar.

“Goeiemiddag!” begroette de gastvrouw haar, terwijl Anton naar binnen liep en uit het zicht verdween. “Welkom in ons pension, ik ben Annerieke, en ik vermoed dat jij Patricia bent, klopt dat?”

Patricia knikte. “Dat klopt ja,” zei ze, terwijl ze op Annerieke’s uitnodiging de hal in liep. “Wat een rust hier, die hele omgeving. Ik heb net op de weg een poosje staan kijken om ervan te genieten. Heerlijk! En al dat hout buiten en ook hier binnen, prachtig!”

“Ja, dat is het werk van Huib, mijn zoon. Hij woont met zijn vrouw en dochtertje verderop op het landgoed. Houtbewerking is helemaal zijn ding!”
“Klopt het dat er ook werk van hem op die website van de galerie staat? Ik heb laatst een boek gekocht via die site, een boek dat door een patiënte van ons ziekenhuis is geschreven, een oud-patiënte inmiddels. En ik zat vanmorgen lekker op die site rond te kijken en kwam daar houtwerk tegen, volgens mij ook van Huib. Is dat dezelfde Huib?”

“O ja, zeker weten! Hij is begonnen met houtwerk zoals je hier ziet, en is de laatste tijd meer bezig met beelden van hout maken. Zijn werkschuur is verderop op het landgoed. Als je het leuk vindt om een keer bij hem te gaan kijken, gewoon een beetje rechts aanhouden, dan kun je die schuur niet mislopen!”

“Vindt hij dat ook wel goed, als gasten zomaar langskomen?” vroeg Patricia.

“O ja, zonder twijfel! Zal ik je even rondleiden?”

Annerieke liet haar de eetkamer en de woonkamer zien, vertelde haar de noodzakelijke dingen. Anton was inmiddels in geen velden of wegen meer te zien, die wist de weg hier! Annerieke nam haar mee naar boven, wees haar badkamers en de wasmanden, en tot slot haar kamer. Net toen ze daar naar binnen wilde stappen, zag ze dat de deur ernaast open ging en Anton de overloop op kwam. Ze glimlachte even naar hem, maar zei verder nog niets. Annerieke wees haar het kaartje met telefoonnummers en andere belangrijke informatie en vroeg of ze verder nog vragen had.

“Nee, het is allemaal duidelijk, dank je wel!”

“Dan ga ik beneden weer verder,” zei Annerieke, “we zien elkaar wel weer bij het avondeten!”

Patricia knikte, draaide zich om en begon haar koffer open te maken. Ze zou hier een hele week blijven, en ze had geen zin om uit de koffer te leven. Ze legde haar kleren in de kast, wat toiletartikelen op het planchet bij de wastafel en schrok op van een klopje op haar openstaande deur.

“Mag ik even storen?” vroeg Anton.

“Oh, je stoort niet hoor. We hebben hier alle tijd aan onszelf,” antwoordde Patricia.

“Ja, dat is zo. Weet je, ik zag je uit de auto stappen en herkende je vaag ergens van. Pas toen ik de trap opliep, en je iets hoorde zeggen over een boek dat door een oud-patiënte geschreven was, wist ik het weer. Jij werkt in het ziekenhuis waar Joke lag, als ik me niet vergis als arts.”

Patricia glimlachte en knikte. “Klopt ja, en ik heet Patricia Vermaas. Ik heb inderdaad een boek van Joke gekocht. Ik begon er vanmorgen in, maar bedacht toen dat ik het beter in mijn koffer kon stoppen om er hier in te lezen. Mijn collega was er laaiend enthousiast over.”

“Jonathan?”

“Ja, Jonathan.”

“Prachtige kerel, je hebt een goeie collega aan hem, en Joke heeft haar soulmate in hem gevonden.”

“Ja… je hebt een moeilijke tijd achter de rug, denk ik. Hoe gaat het nu?”

“Al wel beter, maar ik heb nog steeds een beetje het gevoel dat ik mijn draai moet vinden. Ik voel me niet echt meer thuis in mijn eigen huis. Het is eerlijk gezegd ook altijd meer Jokes huis geweest, haar stijl, zeg maar. En dat was prima, maar nu zij niet meer bij me woont, voelt het echt heel raar. Ik heb al overwogen om wat rond te kijken voor een ander huis, en als dat niet lukt, dan kan ik altijd nog wat aan de meubels veranderen. Het heeft geen haast, het voornaamste is dat ik innerlijk mijn draai weer te pakken krijg. Het gaat beter, maar dat stuk proces is nog niet helemaal klaar. Het voelt, ondanks dat Joke en ik geen soulmates zijn, het voelt toch alsof er met haar vertrek een stuk van mezelf is afgesneden. En die wond moet echt goed genezen voordat ik, denk ik, echt goed verder kan.”

“En hoe ga je dan door dat proces heen?”

“Voelen, goed voelen, mijn gevoel serieus nemen, extra rust nemen, dat vooral. En ergens hoop ik, dat ik hier, bij de familie hier, goeie vrienden van me, misschien nog wat extra kracht kan opdoen. Jij kent dat toch ook, die kracht vanuit je ziel?”

“Ja, klopt, Jonathan en ik zijn de enige twee op onze afdeling die dat regelmatig gebruiken, bewust gebruiken. Die kracht vindt natuurlijk sowieso z’n weg wel, maar net zoals Jonathan bij Joke had gedaan, even focussen op de breuk en ze had nauwelijks pijn meer. Ik vind het fijn om hier vakantie te kunnen houden, tussen mensen aan wie je niet alleen maar geeft, maar die ook zulke kracht terug stralen.”

“Even opladen, ik kan me voorstellen dat je dat zo nu en dan nodig hebt. Ik had dat in het verleden ook meer nodig, vanwege mijn werk. Ik heb een bedrijf dat voor pakketpost zorgt. Het bedrijf groeide, mensen werkten zich uit de naad, maar de sfeer werd er niet beter op. Toen had ik het echt nodig om zo nu en dan hier op te laden. Vorig jaar of zo ben ik begonnen met meer persoonlijke functioneringsgesprekken met mijn werknemers. En sindsdien is de sfeer op het werk verbeterd, en heb ik het zelf ook iets minder nodig om er heel regelmatig uit te gaan. Alleen nu, door de echtscheiding, maar dat is een ander soort oorzaak. Maar goed joh, ik hou je niet langer op, ik ga eens even langs bij de jongelui. Er wonen verderop op het landgoed twee jonge gezinnen, o.a. van de zoon van Annerieke.”

“De houtbewerker,” glimlachte Patricia.

“Ja, die, al zou ik hem tegenwoordig liever houtkunstenaar noemen, zoiets noemde zijn vader hem ook altijd.”

“Ik heb zijn werk op de site gezien, en ik las dat er in de toekomst plannen zijn om een galerie te gaan bouwen.”

“Klopt, alleen degene die het gebouw zou gaan tekenen, die is nu nog zo klein, dat hij dat nog niet kan. Een peuter van één jaar.”

Patricia schoot in de lach: “Nee, dat gaat nog niet werken. Maar is het nu al bekend dan dat hij dat gaat doen?”

“Ja, vrijwel zeker, voor mij persoonlijk eigenlijk echt zeker, zijn moeder kreeg die indruk toen ze nog maar net zwanger was, en de manier waarop ze die indruk kreeg, getuigde ervan dat het rechtstreeks uit haar ziel kwam. En verder wachten we het maar rustig af. Voel je trouwens vrij om contact te leggen met die jonge stellen, daar houden ze van! Ik ga Huib even opzoeken! Tot later!”

“Oké, tot straks!”

.

Even later ging Patricia ook naar buiten. Ze dwaalde over het landgoed, werd ineens voorbij gerend door een jong meisje.

“Hoi! Ik ben Rosalie, ik ga naar Gloria!”

Ze stopte, om even echt contact te leggen. Ze merkte vaker dat ze dat soms gewoon even fijn vond.

“Hoi! Ik ben Patricia, en ik kom hier een week logeren.”

“Leuk voor je, het is hier fijn! Ben je helemaal alleen?”

“Ja, ik ben niet getrouwd of zo.”

“Nog niet, komt wel, hij is vlakbij,” zei Rosalie.

“Wie is er vlakbij?” vroeg Patricia verrast.

“De man die jouw soulmate is. Het komt goed, wees maar niet ongerust. Wat voor werk doe jij als je geen vakantie hebt?”

“Ik ben dokter in een ziekenhuis,” vertelde Patricia glimlachend.

“Jij hebt kracht in je handen, en die moet je echt vaker gebruiken. Dat scheelt de zieke mensen een hoop narigheid! Ik ga weer verder!”

En weg was ze, als een speer rende ze er vandoor.

Patricia bleef staan, keek haar na, nog te verbijsterd door wat Rosalie gezegd had.

Ze keek op toen ze van links iemand aan zag komen, een jonge vrouw met een klein jongetje dat zo te zien nog niet zo heel lang kon lopen. Aan de hand van zijn moeder bleef hij dapper overeind.

“Hallo, ben je een nieuwe logé hier?”

“Ja, ik ben Patricia, ik blijf een week.”

“Fijn joh, het is fijn om hier te zijn. Ik heet Lisa trouwens, en deze meneer hier is William.” Ze tilde hem op, nam hem op haar arm. “Hij zegt nog niet veel, maar hij observeert als de beste. Moet je ‘m zien kijken.”

“Ja, prachtig…” Patricia stak haar hand uit, en William gaf er een klap op. “Goed zo, die was raak!” William lachte, stak zijn hand uit omdat hij het nog een keer wilde doen.

Lisa keek op, zag dat Anton bij de schuur van Huib stond. Hij stond stilletjes naar hen te kijken. Hij zwaaide toen hij zag dat Lisa hem ontdekt had, en kwam dichterbij.

“Anton! Ik wist niet dat jij er was!”

Hij omhelsde haar. “Ja joh, even een weekje bijtanken hier!”

“Gelijk heb je!”

“Ha William, kom je even bij Anton?”

William stak zijn armen uit, zodat Anton hem kon overpakken.

“Zo zeg, jij wordt ook niet lichter!”

“Nee, gelukkig niet Anton, dat zou niet best zijn!”

“Zo is dat… En ik zag dat jij Patricia ook al te pakken had. Ik moet je nog wel even leren dat je vrouwen niet zo hard moet slaan, jongeman. Kijk, dat moet je zo doen…”

Anton deed een stap richting Patricia, die haar hand meteen weer opstak.

“Doe maar aai,” zei Anton, terwijl hij met Williams handje over haar hand streelde.

William liet het even toe, rukte toen zijn hand los en klapte weer flink hard op Patricia’s hand. Patricia schaterde, wat William natuurlijk prachtig vond.

“Nou ja, Patricia kan blijkbaar wel wat hebben,” grinnikte Anton.

“Ja hoor, geen probleem, maar ik ga weer even verder, het landgoed verkennen,” zei ze.

“Oh, wacht even, ik wilde je nog wat vragen,” zei Lisa. “Ik zag dat Rosalie net bij je langs kwam en wat tegen je zei. En toen zag je er nogal verbijsterd uit.”

“Ja, dat meisje sloeg de spijker op z’n kop, tot twee keer toe. Heel bijzonder! Rosalie, grappig, die naam hoor je eigenlijk nooit, maar ik zag vanmorgen op de website van de galerie een schrijfster die Rosalie heet, en mijn gevoel zegt dat dat geen toeval is.”

“Vertrouw je gevoel dan maar, want die Rosalie die je net sprak, dat is die schrijfster! En als je er moeite mee hebt om dat te geloven, wat ik heel goed zou kunnen begrijpen, ga dan maar eens naar de drukkerij, Soul-Drukkerij Bakker, zij geven haar boekjes uit. In de woonkamer van het pension liggen folders van wat we gekscherend ‘onze projecten’ noemen. Het zijn ‘projecten’ waar we mee verbonden zijn. Maar goed, dat staat dus in die folder, kijk maar eens als je zin hebt! Ik ga ook weer verder, fijne wandeling nog! En Anton, ik zie je nog wel!”

“Vast wel!”

Anton draaide zich om, keek even naar Patricia en liep haar toen snel achterna. “Vind je het gezellig als ik met je mee wandel of ga je liever alleen?”

Patricia keek hem glimlachend aan: “Ik vind het wel gezellig als je meeloopt.”

Ze liepen het huis van Annerieke en Simon, de werkschuur van Huib en het huis van Huib en Margreet voorbij. Anton vertelde haar wel wie er woonden, en zwaaide naar Margreet, maar liep bewust met haar door. Er was iets aan Patricia, maar hij wist nog niet wat. Hij kon er nog niet goed bij, maar was vastbesloten het zo snel mogelijk te ontdekken, omdat hij voelde dat het belangrijk was.

Aan het eind van het landgoed kwamen ze bij de bosrand, afgescheiden door een hek. “Vanwege de dieren die anders vanuit het bos hier komen,” vertelde Anton. Ze leunden samen op het hek, naast elkaar, keken zo het bos in.

Ineens stootte Patricia hem aan, heel voorzichtig. “Een hert, daar,” fluisterde ze, terwijl ze zich naar hem toe boog om goed te kunnen wijzen.

Op datzelfde moment sloeg Antons hart over en begon vervolgens harder te kloppen. Hij probeerde zich op het hert te concentreren, maar kreeg dat nauwelijks voor elkaar.

‘Patricia,’ dacht hij, ‘ze is niet zomaar een vrouw, zomaar een logé… ongelofelijk, wat is dit heftig.’

Anton had niet in de gaten dat hij het hert liet voor wat het was en dat hij Patricia aanstaarde. Zij keek nog steeds naar het hert, met een verrukte uitdrukking op haar gezicht. Toen het hert wegliep, slaakte ze een diepe zucht en keek op, naar Anton. Het verraste haar, dat hij haar zo aanstaarde.

“Jij…” begon Anton, maar kwam niet verder.

Patricia bleef hem aankijken, terwijl er langzaam een glimlach op haar gezicht verscheen.

“Ik?” vroeg ze.

Anton schudde verbaasd zijn hoofd. “Volgens mij zie ik ze vliegen…”

Patricia grinnikte: “Nee hoor, ik vlieg niet, ik sta met mijn beide benen op de grond.”

“Ja maar…”

“Probeer eens, Anton, wat gaat er in je om? Wat gebeurt er?”

“Sorry, ik durf het niet te zeggen, ik kan het niet. Het kan gewoon niet waar zijn! Sorry Patricia, ik ga terug naar het pension, ik moet hier even heel goed over nadenken.”

Ze legde een hand op zijn arm. “Dat is goed joh, doe dat maar,” zei ze. Ze knikte hem bemoedigend toe, terwijl ze in vuur en vlam stond voor hem. Ze had met hem te doen, ze verlangde naar hem, ze vond hem ontzettend leuk, aardig… er was zo veel! En ze wist dat hij het gevoeld had, dat hij het besefte. En ja, het leek haar nogal logisch dat het hem overrompelde.

In de verte hoorde ze de stem van Rosalie, de jonge schrijfster. “Anton! Anton! Je bent er weer! Anton? Het is goed hoor, het is echt goed! Ik weet niet wat, maar waar je over loopt te denken, dat is goed, echt helemaal goed! Ik ga naar huis, dag!”

Patricia had het woordelijk verstaan, en stond bij het hek na te genieten van wat het meisje geroepen had. Ze hoopte dat het Anton zou helpen. In haar ooghoek zag ze dat er iemand naar haar toe kwam. Ze keek rustig op, zag dat het Anton was. Ze glimlachte naar hem, begon te stralen toen hij zijn armen uitnodigend wijd deed. Patricia twijfelde geen seconde, liet zich in zijn armen wegzinken. “Ja, het is goed, Anton, het is echt goed.”

Een snik ontsnapte uit Antons keel. “Jij… wist jij het al?”

“Ja,” fluisterde Patricia, “die dag dat jij naast Jokes bed zat en ik binnenkwam om even de resultaten van de röntgenfoto’s door te geven. We keken elkaar aan, en ik wist het. En dat was zo moeilijk, want ik had bewust gewacht tot ik mijn soulmate zou tegenkomen, en nou kwam ik je tegen, en je was getrouwd… Gelukkig hebben Jonathan en Joke dat voor ons opgelost. En toen ik dat hoorde, was ik zo blij, niet alleen voor mezelf, maar ook voor jou, omdat ik ergens diep van binnen voelde dat deze volgorde, zo kort op elkaar, ook voor jou het beste zou zijn. En toen zat ik alleen nog met de vraag hoe ik je zou kunnen benaderen. Nou, Joke wist dat je hier zou zijn deze week, en er bleek nog een kamer vrij te zijn, dus ik heb degene die onze planning in het ziekenhuis maakt, opdracht gegeven om mij vrij te plannen van zaterdag tot en met zaterdag. Ik hoef pas de maandag na volgend weekend te beginnen.”

“Oh meiske, dank je wel, dat je me achterna gekomen bent,” fluisterde Anton terug, terwijl hij zijn neus in haar haren verstopte en haar geur opsnoof.

“Ik ben zo blij, dat je het nu meteen vandaag al gevoeld hebt. We hebben de hele week nog samen!” zei Patricia enthousiast.

“Ja, en daarna de rest van ons leven!” reageerde Anton blij, terwijl hij haar aankeek. “Oh Patricia, ik ben bijna sprakeloos. Ik weet niet waarom, maar ik heb de laatste weken gedacht dat zoiets er voor mij niet meer in zou zitten. Ik heb Joke liefgehad, zoveel jaren, en nou was het ineens voorbij. Alles voorbij…”

“Mooi niet! We gaan genieten samen, Anton. Ik moet je alleen wel iets opbiechten… je bent voor mij de eerste man aan wie ik me geef, in alle opzichten. Ik stap volledig blanco in deze relatie, terwijl ik om me heen hoofdzakelijke zieke relaties zie. Ik ben ontzettend blij, maar voel me ook onzeker, op alle vlakken, ook het lichamelijke. Ik weet technisch hoe alles werkt, dat moet ook wel als arts, maar hoe de praktijk is…”

“Ssshht, laat maar over je komen. Jij bent voor mij ook nieuw, dus ik start op alle gebied ook weer bij nul. Gelijke start, samen op naar de top, goed?”

Patricia schaterde. Hij had die lach van haar een keer eerder gehoord, toen William op haar hand sloeg. Net als toen, vond hij het nu weer zo geweldig klinken!

“Het is bijna etenstijd, zullen we maar gezellig bij elkaar aan tafel gaan zitten?” vroeg Anton.

“Ja natuurlijk, we gaan echt lekker samen verder, elkaar verkennend en van elkaar genietend. Ik ben zo blij, Anton, ik ben zo blij!”

Anton trok haar in zijn armen, trok haar stijf tegen zich aan, en kuste haar in haar hals, tussen haar haren, naar haar wang en op haar mond. En ondanks dat Patricia de theorie kende, overweldigde de praktijk haar volledig!

Of naar de Inhoudsopgave

Maak jouw eigen website met JouwWeb