Bianca en Janneke werkten samen op de gastenetage, terwijl de gasten aan het ontbijt zaten. Ondanks dat het pas woensdag was, de tweede dag dat Janneke met Bianca meeliep, had Bianca het gevoel dat ze al precies wist wat ze moest doen en waar ze de spullen die ze nodig had kon vinden. Na afloop sprak ze Janneke er op aan, omdat ze in zichzelf voelde dat haar verlangen om te gaan verhuizen, ontzettend groeide.
“Hoe lijkt je dit werk, Janneke?”
“Ach, om eerlijk te zijn… het is niet het eerste wat ik zelf zou kiezen, maar voor dit moment is het ideaal. Ik kan goed met Annerieke overweg, voel me veilig en zelfs thuis bij haar, dus het werk in de keuken is voor mij goed te doen, gezellig zelfs. En het werk hierboven, ja, ik kan met jou ook goed overweg, maar daar heb ik in de toekomst niet zoveel aan, als je gaat verhuizen” zei ze grinnikend. “Het werk op zich is niet moeilijk, ik kan het goed aan, overzie wat er moet gebeuren. Alleen als de gasten weg gaan, dan is er meer werk, neem ik aan, bedden verschonen, en wat nog meer?”
Janneke pakte haar mobiel en opende een notitie en begon uit zichzelf een lijstje te maken waarvan ze dacht dat het zou moeten gebeuren:
bedden verschonen
schone glazen
stof afnemen
spiegel en wastafel met een sopje
prullenbakken leeg en schoon
extra stofzuigen
nieuwe bloemen
Ze liet het aan Bianca zien: “Dit is wat er zo in me opkomt. Daarnaast het gewone werk in de badkamers natuurlijk. Wat ben ik nog vergeten?”
“Niets… je bent waarschijnlijk gewoon in gedachten de kamer doorgelopen en hebt helder voor ogen gekregen wat er nodig is. De gasten vertrekken uiterlijk tien uur, en de nieuwe komen vanaf drie uur, dus je hebt vijf uur de tijd.”
“Hahaha, als dat niet lukt, lukt er niets meer!” lachte Janneke.
“Precies, tijd is dus niet het probleem. Denk je dat het met de hoeveelheid energie ook gaat lukken?”
“Dat lijkt me wel. Wat me handig lijkt, is dat ik tijdens hun ontbijt de badkamers vast doe, de wasmachines aan zet met de dagelijkse was, dan pauze neem. Na de koffie van tien uur een paar bedden afhalen en de wasmachines weer aan ’t werk zetten. Dan alle andere bedden afhalen. De gebruikte glazen beneden brengen, en nieuwe mee naar boven nemen. Dan per kamer het bed opmaken en de rest van het lijstje afwerken. En als alle kamers klaar zijn de overloop en de trap stofzuigen, een doek over de trapleuning, ach die kleine dingen, deurknoppen en zo. En nieuwe bloemen halen! Bianca, als jij eerder wilt verhuizen, doe het dan gerust. Ik red me hier prima, en als ik een vraag heb, weet ik Annerieke, Margreet of Lisa wel te vinden. Het is nu jouw beurt Bianca, om te gaan doen wat bij jou past, samenleven met je soulmate, voor Julian zorgen en nog veel meer van die prachtige poppenjurken naaien. Als je de stap durft te nemen, ga dan!”
Bianca keek haar met tranen in haar ogen aan. “Je meent het echt he? Je hebt mijn geluk voor ogen… maar jij dan? Hoe wil jij uiteindelijk verder?”
“Stap voor stap,” zei Janneke glimlachend. “Ik zou het nog lang niet aankunnen om met iemand te gaan samenleven, ik heb eerst een soort basisgenezing nodig of zo. Ik kan eigenlijk nog geen mannen in mijn omgeving verdragen, in elk geval geen mannen die dichtbij komen, geen vriend of partner. Ik heb nog tijd nodig om hier te werken en op De Schuilplaats te wonen. Ik vermoed dat mijn eerstvolgende stap zal zijn, dat ik naar hier, naar de zolderkamer ga verhuizen. Maar misschien ook niet, ik weet het niet, ik zie het wel! En ik ga ervan uit, dat ik uiteindelijk wel zal ontdekken wat ik echt graag wil doen. Tot dan is dit een heerlijke opvulling van mijn dagen, in een veilige omgeving, een omgeving waar meer zielskracht is dan elders. Voor dit moment perfect!”
Bianca knikte: “Ik begrijp het, ja, ik voel aan dat het klopt wat je zegt, dat dit op het moment voor jou het beste is. Zullen we er even met Annerieke over gaan babbelen?”
Annerieke was snel van begrip, vond het geweldig voor Bianca dat ze die stap ging maken. “Het zal je goed doen. En nee, ik ga niet zeggen dat ik je ga missen, want voor het werk is Janneke een prima opvolgster en de contacten zullen er toch wel zo nu en dan zijn! Maar ik ben wel heel blij voor de tijd dat je hier geweest bent, blij dat ik samen met jou op kon trekken en dankbaar voor de veranderingen die ik in je zag gedurende die tijd. En er gaat nog veel meer veranderen, reken maar, met zo’n man als Karel naast je en zulke ouders als Maurice en Jacqueline. Wat zijn die mensen sterk in hun ziel, he Janneke?”
“Ja, ongelofelijk, het heeft me zo enorm veranderd! Jacqueline had wat woorden voor me en hield mijn handen vast en er stroomde een intense kracht en warmte via haar handen door mijn handen, zo mijn lichaam in. Ik kwam finaal tot leven!”
“Oh, wat fijn voor je Janneke! En zal ik je wat verklappen, wat ik begrepen heb, dat waar jij in genezen bent, dat straal jij weer door naar de mensen om je heen. Het gaat steeds verder!”
“Wow wat mooi! Maar hoe gaan we hier verder, praktisch gezien?”
“Je wilt nu stoppen, Bianca, dan laat ik Huib je contract gewoon na vandaag beëindigen. En vanaf gisteren werkt jij hier, Janneke, dat gaan we ook met Huib regelen. Stelt niet veel voor, maar het moet even officieel gemaakt worden. En over de verhuizing, Bianca, ook vandaag?”
Bianca knikte: “Ja, ik wil dat wel gaan proberen. Ik wil aan Maurice vragen of hij op Julian wil passen, en aan Jacqueline of ze me wil helpen met inpakken. En daar heb ik meteen even een vraag. Heb jij iets van dozen voor me te leen?”
“O ja, hier om de hoek in de schuur van het pension, daar staat een stapel verhuisdozen. Neem maar wat je nodig hebt. Ik zou het wel fijn vinden als je ze weer terug brengt. Dat heeft absoluut geen haast hoor, maar het zou gewoon fijn zijn. O ja, wil je je bed ook even afhalen en het linnengoed in de machine doen? Dan hangen wij het wel op en leggen het weer boven in de kledingkast.”
“Komt helemaal goed! Ik zal ook even stof afnemen en stofzuigen, zodat Janneke of iemand anders er zo in kan trekken!”
Annerieke glimlachte. “Fijn, dank je wel! Kom je nog even langs als je weggaat?”
“Zeker, ik kom jullie allemaal nog even groeten! Janneke, mocht ik je niet meer zien… ik weet dat je hier een geweldige tijd gaat krijgen, dus ik hoef je dat niet meer toe te wensen, het is hier gewoon fijn!”
De jonge vrouwen omhelsden elkaar. “Tot ziens, ik kom hier vast nog wel eens buurten, het is hier te gezellig! En als jullie zin hebben om eens bij ons te buurten, kom dan alsjeblieft!”
“Dat kan maar zo gebeuren, het is bijna om de hoek!” antwoordde Annerieke lachend.
.
Bianca zocht in de eetkamer Maurice en Jacqueline op. Ze waren net klaar met eten.
“Hebben jullie plannen voor vandaag?” vroeg Bianca.
“Nog niet, maar ik vermoed dat jij plannen voor ons hebt,” lachte Maurice.
Bianca schoot in de lach. “Niets om op te dringen, maar wel om te vragen. Ik wil vandaag gaan verhuizen..."
Ineens kon ze niet verder spreken, de spanning van de laatste dagen barstte er zomaar in een kleine huilbui uit.
“O sorry…” snufte ze.
“Geen probleem,” zei Jacqueline, terwijl ze haar rug streelde. “De boel van de afgelopen week komt er uit. En nu je de stap zet… betekent dat opluchting voor je?”
“Ja en nee, allebei nog. Het verlangen is gegroeid, en daardoor ben ik druk bezig me door die heuvel heen te worstelen,” glimlachte Bianca, terwijl ze haar tranen wegveegde en haar neus snoot.
“Kunnen we je helpen, met die verhuizing?” vroeg Maurice.
“Graag! Zou jij Julian een poosje bij je willen houden? En Jacqueline, wil je me helpen een paar dozen naar boven te sjouwen en mijn spullen in te pakken?”
“Prima,” reageerde Maurice voor zijn vrouw iets kon zeggen. “Vertel mij even waar die dozen zijn, dan sjouw ik die voor jullie naar boven. En dan pik ik daarna Julian op. Is hij in de keuken?”
“Ja, hij kletst Annerieke de oren van haar hoofd, vermoed ik.”
“Waarschijnlijk vindt ze dat geen probleem, maar ik kan er in elk geval bij gaan zitten of hem mee naar buiten nemen als zij dat prettiger vindt. Komt wel goed. Waar zijn die dozen?”
“Hier om de hoek, in de schuur. Ik loop wel even mee.”
.
Even later waren de twee vrouwen alle spullen aan het inpakken.
Jacqueline pakte Julians spullen in, terwijl Bianca haar eigen spullen inpakte.
“Heeft Julian beneden nog speelgoed?”
“Ja, twee of drie dingen die bij hem in de box liggen en waar hij waarschijnlijk niets mee doet. Hij is geen kind van speelgoed, hij dribbelt en hij kletst, als een echte cabaretier!”
Ze lachten samen.
“Vind je ’t lastig dat hij zich op die manier ontwikkelt?” vroeg Jacqueline.
“Nee, totaal niet, hooguit misschien als er een keer andere mensen bij zijn die dat niet kunnen begrijpen, maar dat heb ik nog niet bij de hand gehad. Maar voor mezelf, nee, juist niet, het hoort bij hem, het past bij hem. En hij zal vast nog wel eens andere dingen gaan ontdekken, gewoon erbij, maar dat gekwebbel is voor hem het belangrijkste.”
“Je hebt helemaal gelijk! Zie je wel dat je een goeie moeder bent?!”
“Och, misschien… Karel zegt dat mijn innerlijk als van een stralende vrouw is, net als dat beeld, maar dat ik altijd op zo’n beperkende manier benaderd ben, dat ik handel alsof ik een geprogrammeerde robot ben. En het was zo gek, toen hij dat zei, voelde het wel even vreemd, maar ik voelde ook dat het klopte. Hij benadrukte dat het vanzelf door die genezing zou gaan veranderen. En dat geloof ik ergens wel, maar dat kan me niet snel genoeg gaan! Ik zou wel eens willen weten hoe dat gaat, voluit leven vanuit je binnenste, hoe dat voelt, hoe dat werkt, hoe anders dat is!”
“Ja, dat ken ik, het gaat bij mij al zoveel beter als een paar jaren geleden, en ik ben nog niet bij dat wat jij voluit leven noemt. Al heb ik wel het gevoel dat ik er dichtbij ben. Zo, de spullen van Julian zijn ingepakt. Ah, ik zie dat jij ook al klaar bent met jouw spullen.”
Terwijl Bianca haar bed afhaalde en haar dekbed over het voeteneind van het bed en de stoel hing, zodat het een beetje kon luchten, zette Jacqueline de dozen naast de trap. Bianca ging alle kasten nog even langs en besloot toen de dozen alvast in haar auto te zetten. De vrouwen stommelden achter elkaar de trap af met elk een doos en brachten ze naar de auto. Bianca wilde de hoedenplank al los maken, maar Jacqueline hield haar tegen.
“We zetten ze op de achterbank joh, dat is veel makkelijker. Wij rijden straks wel achter je aan, dan kunnen we ook met onze eigen auto weer terug als jij je voldoende geïnstalleerd hebt. Dan heb je nog een poosje de tijd om te acclimatiseren tot Karel thuiskomt,” zei ze met een knipoog.
Ze schoven de dozen op de achterbank en gingen terug naar zolder, Bianca met een emmer sop en een doekje.
“Zal ik even dat doekje aan ’t werk houden, terwijl jij stofzuigt? Kunnen we dat tegelijkertijd?”
“Vast wel,” zei Bianca.
Tegelijkertijd keken ze naar Julians ledikant.
“Ik heb dat niet meer nodig, Karel heeft al een ledikant voor Julian gekocht. Ik haal nog wel even zijn lakens eraf, dan kunnen die straks met die andere in de wasmachine. Ik zal wel tegen Annerieke zeggen dat ze het ledikant kan houden, je weet maar nooit voor wie dat handig is!”
Ze gingen aan de slag met het sopdoekje en de stofzuiger en waren eigenlijk in een mum van tijd door de kamer heen. Bianca slingerde de stofzuiger nog even over de overloop, zoals ze dat noemde, zodat ook daar alles er weer netjes uit zag.
“Zo, dat ging snel!” Bianca zette de stofzuiger in de hoek op de zolderoverloop, zette het raam van de zolderkamer op het kleinste kiertje, liet de deur open staan en pakte het wasgoed. Terwijl Jacqueline de emmer in de badkamer omspoelde en het doekje uitwrong en op de rand van de wasmand op de overloop legde, liep Bianca naar de wasruimte. Alle was die ze van de beide bedden afgehaald had, kon makkelijk in de wasmachine bij elkaar. Ze deed het erin, voegde een bolletje met wat wasmiddel toe en zette de wasmachine aan. In het vakje van de wasverzachter deed ze schoonmaakazijn, om het linnengoed een beetje zachter te maken. Jacqueline, intussen beneden gekomen, zag dat ze dat deed.
“Wat een goed idee, sommige mensen kunnen slecht tegen wasverzachter, maar dit werkt prima voor iedereen!” zei ze. “Weet je wat ik denk he, dat mensen allergisch op van alles reageren… dat heeft volgens mij te maken met al die emo-shit die ze met zich meedragen. Ik ben benieuwd, over een jaar of wat, of we dan nog veel horen over allergie!”
Nadenkend over die woorden keek Bianca haar aan: “het zou me niet verbazen als je gelijk hebt…”
Ze liepen naar de keuken, waar ze Maurice met Julian vonden, en waar Annerieke bezig was een taart te bakken.
“Hmm het ruikt hier weer lekker!” zei Bianca. “Annerieke, ik heb het ledikantje niet meer nodig, wat mij betreft kan het hier blijven voor wie het nodig heeft. Is dat oké voor jou?”
“Meer dan oké! Dank je wel!”
“Het beddengoed van het ledikant zit ook in de wasmachine, en ik heb één reservesetje in de kast laten zitten. De rest heb ik wel zelf nodig.”
“Echt fijn, Bianca, als er dan ooit weer iemand met een baby of peuter komt, is het belangrijkste aanwezig! Willen jullie nog even een bak koffie voor je vertrekt?”
“Ja, lekker, een afscheidsbakkie!” lachte Bianca. Ze keek naar Maurice en Jacqueline. Zij vonden het ook prima.
Ze zaten nog maar net aan de koffie toen Huib binnenkwam.
“Ha, ik ben net op tijd, zie ik. Alsjeblieft Bianca, ik heb toen jij het werk van Margreet overnam al een soort standaard ontslagbrief voor gemaakt. Als je het eens bent met de inhoud, mag je er je handtekening onder zetten, dan is het wat ons betreft in orde. Ik kom vanmiddag trouwens even met Karel samen de meubels brengen, die twee kasten en je bureau. Ik denk rond half vier.”
“Goed dat je ’t zegt! Hou je het voor Karel geheim dat ik verhuisd ben? Ik wil hem graag verrassen.”
Huib grijnsde: “Beste idee ooit! Daar werk ik graag aan mee! Tot vanmiddag meiske!”
“Geen zin in koffie Huib? Er zit nog in de pot, net vers!” zei Annerieke.
“Ik zou wel zot zijn om zo’n aanbod af te slaan, toch?” lachte Huib.
Hij ging naast Maurice en Julian zitten. Vanaf die plaats kon hij alles overzien, en zodoende zag hij ook dat Jacqueline hem strak aan zat te kijken.
“Huib, jij bent begonnen met het maken van meubels, en je maakt ze prachtig. Maar er zit meer in jouw ziel, een diep verlangen om dingen van hout te maken die niet nuttig lijken. Beelden, vormen, van alles en nog wat… Maar je houdt vast aan die meubels, maakt ze mooi, zonder twijfel, maar je zielsverlangen is het verlangen van een kunstenaar. Iets maken dat puur creatief is, iets wat misschien wel nergens op lijkt, maar waarbij je gewoon je gevoel volgt. Je houdt vast aan het nuttige, het praktische, doordat je je ergens anders aan vast houdt, aan iemand anders, iemand die je heel dierbaar was, iemand die jou geleid heeft om te leven, echt te leven, iemand die jou geleerd heeft om te luisteren naar je ziel, te voelen en anderen te helpen genezen. Je houdt je vader vast, begrijpelijk, maar dat heeft jou ook vastgezet. Die banden die uit verdriet en wanhoop ontstaan zijn, gaan weg, ze verschroeien…”
Terwijl ze sprak en hem bleef aankijken, voelde Huib een brandende pijn rond zijn hart. Een rauwe schreeuw ontsnapte uit zijn mond, een schreeuw zonder woorden. Het duurde maar een paar seconden, toen kwam hij alweer tot rust.
Ook Jacqueline, met een hand van Maurice op haar rug voor lichamelijke en zielsondersteuning, was in mum van tijd terug in de bewoonde wereld.
“Zo, dat was heftig!” zei Huib verbijsterd. “Hoe deed je dat?”
“Zielswerk jongen, diep zielswerk,” antwoordde Maurice voor zijn vrouw. “Je bent haar vierde slachtoffer,” grinnikte hij. “We zijn in het weekend bij Karel en Bianca en eigenlijk ook al de tijd daarvoor, ergens doorheen gegaan, en sindsdien is vooral het kracht uitstralen bij Jacqueline veel sterker geworden.”
“Bij jou ook, Maurice, ik voel het verschil heel goed,” reageerde Jacqueline.
“Mooi, fijn om te horen. Ik vind het geweldig dat ik je hiermee kan ondersteunen!”
“Herken je je diepste verlangen, Huib?” vroeg Jacqueline.
“Ja, absoluut, maar ik heb het inderdaad weggedrukt. Erik, pa, noemde me altijd een kunstenaar, een houtkunstenaar. En toen hij verongelukte heb ik dat uit pure nijd en wanhoop weggedrukt, die woorden van hem in de meest pure vorm, bedoel ik. Ik ben samen met Annerieke wel door de pijn en het verdriet heen gegaan, maar heb geweigerd mezelf nog te zien als ‘alleen maar’ een kunstenaar. Maar dat gaat veranderen, want ik voel het verlangen om anders te doen, anders te werken. Ik zal alleen op zoek moeten naar dikkere hompen hout in plaats van platen en planken. Maar dat komt wel goed. Ik zal de boswachter eens vragen, misschien heeft hij nog wat stronken voor me.”
“Niet doen Huib, dat is vaak ziek hout. Je hebt goed hout nodig, en dat kost dan wel wat, maar het mag ook wat kosten! En goed gereedschap, ik weet niet of je het juiste gereedschap ervoor hebt?” vroeg Maurice.
“Het meeste wel, denk ik. Ik zou op dit moment niet weten wat ik nog meer nodig zou hebben. Daar heeft Erik wel voor gezorgd, dat er gereedschap kwam voor mijn kunstenaarswerk… Mam, bedankt voor de koffie, ik ga even naar mijn werkschuur, even de boel laten bezinken.”
“Is goed jongen, en weet je waar ik net aan moest denken? Aan die leuke kleine eekhoorn en dat konijntje dat je vorig jaar voor die tienermeisjes gemaakt hebt. Dat voelde voor mij toen al als een uitstapje de goede richting in, maar je liet het daarna weer los. Ik ben heel benieuwd hoe je nu verder gaat!”
Ze omhelsde haar zoon en kreeg als dank een kus op haar voorhoofd. Huib legde zijn handen nog even op de schouders van Maurice en Jacqueline en bedankte hen. Als antwoord, kreeg hij van Jacqueline een klopje op zijn hand en een lieve glimlach.
“En jullie, Bianca en Julian, zie ik vanmiddag waarschijnlijk nog wel even. En zo niet, dan wens ik jullie nu alvast veel geluk. Malle wens, het geluk straalt nu al van je af!”
Met een zwaai van zijn arm verdween hij de keuken uit.
“Zullen wij dan ook maar gaan?” stelde Bianca voor. Ze stond al op en pakte de paar speeltjes die van Julian in de box lagen. “Ik zal nog even onze jassen in de wasruimte ophalen. En de buggy… o nee, dat is niet nodig, die kan ook hier blijven voor een eventuele opvolger. Karel had al een buggy voor Julian geregeld.”
Ze legde de speeltjes bij Julian op tafel en liep naar de wasruimte. Met haar jas los aan en Julians jas over haar arm kwam ze bij hen terug.
“Ik denk dat we alles hebben, maar als ik nog wat mis, kom ik er wel voor terug.”
“En als ik nog iets van jou tegenkom, dan geef ik je wel een seintje! Bianca, ik geloof dat ik je toch ga missen, jou en je vrolijke kwebbel-kerel! Ik kijk er naar uit hoe het met jullie verder zal gaan!”
Annerieke en Bianca omhelsden elkaar. “Bedankt voor alles wat je me geleerd hebt, en vooral voor wie je altijd voor me was. Doe je Simon de groeten van me? En als jullie samen een keer zin hebben om langs te komen… doen hoor!”
Ze keerde zich naar Maurice en Jacqueline. “Ik loop snel nog even met Julian langs de jonkies daarachter, ik ben zo terug!”
“De jonkies,” grinnikte Annerieke, “Huib en Margreet, Lisa en Sjaak…”
“En de kids,” zei Bianca, terwijl ze Julian van Maurice overnam. “Ik ben zo terug!”
“Doe maar rustig aan!” riep Maurice haar na.
.
Een half uur later waren ze op weg. Julian bij Bianca in de auto, Maurice en Jacqueline in hun eigen auto er achteraan.
“Kade uis,” zei Julian glunderend, toen Bianca bij het huis stopte. “Juja Kade uis!”
“Ja, we gaan bij Karel wonen, Julian!” lachte Bianca naar haar zoon.
Bianca opende met de sleutel die Karel haar afgelopen weekend al had gegeven de voordeur van het huis en stapte naar binnen met Julian op haar arm en Maurice en Jacqueline vlak achter haar.
“Thuis, helemaal thuis…” fluisterde Bianca in de woonkamer en slaakte een diepe zucht van geluk. Ze besefte heel goed dat niet alles nu probleemloos zou zijn, maar ze was nu op de plek waar ze hoorde, waar ze thuis was.
Maurice en Jacqueline glimlachten en knipoogden naar elkaar. Maurice stelde voor om Julian even in de box te zetten, dan zou hij helpen met de spullen naar binnen te sjouwen. “En daarna mag jij vertellen hoe je het verder wilt, of we je nog ergens mee kunnen helpen of zo.”
“Als de dozen boven zijn, zou ik het fijn vinden als jullie Julian nog een poosje gezelschap houden, terwijl ik de dozen uitpak. Het is niet veel, maar twee dozen. Daarna zien we wel weer!”
Ze zette Julian in de box en gaf hem een kus op zijn voorhoofd. “We gaan even spullen uit de auto pakken.”
“Uitte oto pakke.”
Ze brachten alles naar binnen. Bianca zette haar naaimandje op een hoek van de eettafel, zodat Julian er niet bij zou kunnen. Samen met Maurice bracht ze de dozen naar boven. Jacqueline besloot om de jassen van Bianca en Julian op de tuinbank te leggen. Ook het naaimandje zette ze daarbij.
Maurice kwam weer beneden. “Zo Julian, Bianca is boven nog even bezig. Zullen wij even de tuin in gaan?”
Daar zag hij de spullen op de tuinbank liggen, met de buggy ernaast.
“Waarom heb je dat allemaal hier neer gelegd?” vroeg Jacqueline.
“Omdat die spullen hun aanwezigheid verraden. Als Karel en Huib vanmiddag komen, lijkt het me leuk, dat hij haar pas ontdekt als ze klaar zijn met het naar binnen brengen van die meubels. Ik wil er niet bij zijn, dat is beter voor Karel en Bianca, maar ik zou het stiekem zo graag willen zien!”
“Dan moet ze haar auto ook ergens anders neerzetten…” bedacht Maurice. “En ook al willen wij er graag getuigen van zijn, dat gaan we inderdaad niet doen jonkvrouwe, wij gaan ruim voor die tijd terug, werk aan de winkel op Bloemenhof, al is het maar schilderen en tekenen. Ik heb het gevoel dat we daar elke dag wel een tijd mee bezig mogen zijn. Er zit iets aan te komen, maar ik weet nog niet wat.”
“Die website van de galerie, die komt regelmatig in mijn gedachten,” opperde Jacqueline.
“Daar zijn wij niet goed genoeg voor, nog niet, misschien later.”
Zijn vrouw glimlachte, maar zei niets.
.
Bianca kwam de trap af gehuppeld. Met een stralend gezicht vroeg ze of ze zin hadden om samen te lunchen. Maurice zag aan haar gezicht dat ze dat fijn zou vinden, dat ze het niet uit verplichte gastvrijheid vroeg en stemde toe.
“Doen we, en daarna gaan wij terug, zodat jij hier je leven op kunt pakken en wij nog even lekker creatief aan de slag kunnen. Wat boffen we met de temperatuur en dat het niet regent! We kunnen heerlijk buiten werken!”
Samen met Bianca bracht hij de spullen voor de lunch naar de tuintafel, terwijl hij haar uitlegde waarom Jacqueline haar spullen daarbuiten had gelegd.
“Slim! Maar dan moet ik de auto ook wegzetten. Zal ik dat eerst maar doen?”
“Doe maar, wij houden ons kereltje wel in de gaten!”
“Ons kereltje…” glimlachte Bianca. “Klinkt goed!”
Ze pakte haar sleutelbos en liep naar buiten. Ook daar zuchtte ze even, alsof ze haar geluk naar binnen moest zuigen. Ze stapte in de auto, reed hem naar achter en nog een eindje de straat door, de hoek om. Karel zou daar niet langs komen, en haar auto dus niet ontdekken!
Vrolijk wandelde ze terug, greep het badlaken dat Karel gewassen en op de eettafel had neergelegd en nam het mee naar buiten.
“Nog wat, om over na te denken… als wij straks vertrokken zijn, moet je de voordeur even op slot doen.” Maurice had zichtbaar plezier in het voorbereiden van de verrassing.
“Ja,” vulde Bianca aan, “en rond drie uur de tuindeur dicht, zodat alles lijkt zoals het was toen hij vanmorgen naar zijn werk ging. Neemt hij trouwens altijd zijn lunch mee naar zijn werk?”
“Ik heb geen idee…” zei Jacqueline, “dat zou een mop zijn, staat hij straks ineens voor onze neus, heb jij je auto voor niets weggezet!”
“Nou ja, dan hebben we in elk geval de voorpret gehad!” vond Bianca.
Ze tilde Julian, die de gedekte tafel ontdekt had en eropaf gekomen was, op en nam hem op schoot. Ze wikkelde het badlaken om hem heen en vroeg: “En, broodje kaas? Of wil je wat anders op je brood?”
“Kaas! Bote kaas!”
“Goed, doen we, ik neem ook een broodje kaas,” vertelde Bianca, terwijl ze twee boterhammen begon te smeren. “Oh, ik ben de koffie vergeten. Zullen we die straks maar even regelen of vinden jullie het fijner om koffie bij het eten te drinken?”
“Doe straks maar, wel zo makkelijk!”
.
Na de lunch vertrokken Maurice en Jacqueline, met de lege verhuisdozen in hun auto, nagezwaaid door Bianca en Julian. Bianca viste de sleutel van de voordeur uit haar sleutelbos tevoorschijn en deed de voordeur op slot. Ze grinnikte inwendig, was benieuwd hoe de verrassing zou uitpakken!
Ze bracht Julian naar boven, naar bed.
“Kade nou?” vroeg Julian voor de zoveelste keer. “Kade wekke?”
“Ja joh, Karel moet nog een paar uurtjes werken, dan komt hij thuis. Zullen wij bij Karel blijven wonen?”
Julian juichte en begon zo snel te praten dat het weer totaal onverstaanbaar was. Hij was één en al vrolijkheid! Bianca knuffelde hem tot hij weer wat rustiger werd, deed hem zijn slaapzak aan en verliet met een “Slaap lekker!” de kamer.
Het verbaasde haar, dat hij rustig bleef…
Bianca liep naar de keuken, keek in de koelkast wat Karel op voorraad had, waarmee ze een warme maaltijd voor de avond kon voorbereiden. Ze zag verschillende groenten die ze zouden kunnen wokken, en een doosje gehakt. Ze nam het gehakt uit de koelkast, legde prei, ui, een paar wortels en een paprika alvast klaar op het aanrecht. Ze zocht een schaaltje en deed daar het gehakt in. Tussen alle potjes kruiden en specerijen vond ze geen kant en klaar mengsel voor gehakt, dus besloot ze zelf wat bij elkaar te zoeken. Het verbaasde haar hoe makkelijk haar dat afging, al vroeg ze zich wel af of het net zo lekker zou smaken als zij voor ogen had. Ze sneed een ui in heel kleine snippertjes en kneedde die met de kruiden, specerijen en zeezout door het gehakt. ‘Annerieke zou me bezig moeten zien’, dacht ze, ‘ze zou dit super leuk vinden!’
Ze draaide soepballetjes van het gekruide gehakt, deed die in het schaaltje en zette dat, afgedekt met een ontbijtbord, in de koelkast.
Daarna waren de andere groenten aan de beurt. Ze sneed en waste de prei, raspte de wortels met de grove rasp, sneed de ui die nog over was en de paprika in kleine stukjes en deed alles samen in een wat grotere schaal. In een apart schaaltje maakte ze een soort marinade voor de groenten van een beetje olijfolie, een klein scheutje ketjap, Provençaalse kruiden en wat zeezout. Ze zocht en vond een blikje tomatenpuree. Dat roerde ze er doorheen en maakte het iets vloeibaarder met een paar druppels water. Ze roerde het goed door de groenten heen, zodat de smaak er alvast in kon trekken.
“Zo bord erop, en in de koelkast,” mompelde ze tevreden. Ze besloot even af te wassen, zodat ook op het aanrecht niets op haar aanwezigheid zou wijzen.
.
Het was eerder drie uur dan ze gedacht had. De tijd was omgevlogen. Ze sloot de tuindeur en ging zachtjes naar boven. Boven in de slaapkamer ontdekte ze een schommelstoel, eenzelfde als die ze gekocht had voor op de zolder van het pension. Die was ze daar dus vergeten. Ze vond het geen probleem, ze betwijfelde of ze beneden een schommelstoel erbij wilde hebben. Misschien later, als ze meer kinderen zouden krijgen, een schommelstoel in de hobbykamer of zo, daar was ruimte genoeg, en dan zou Julian gewoon bij haar in de kamer verder kunnen spelen. Ze glimlachte toen ze over het idee nadacht. Ze besloot dat het misschien toch wel goed was om de schommelstoel alsnog op te halen.
Ze ging zitten, pakte haar mobiel. Ze scrolde door de foto’s van de digitale galerie, merkte dat het haar opnieuw raakte, zoveel kunstwerken die een bijzondere kracht uitstraalden. Ze had zelfs het gevoel dat het sterker was dan voorheen. Vreemd, hoe kon dat?
Bianca staarde voor zich uit. Was er iets in haarzelf veranderd, waardoor ze er gevoeliger voor was geworden? Dat dacht ze eigenlijk niet. Ineens herinnerde ze zich dat ze met z’n allen in de woonkamer naar de foto’s hadden zitten kijken, en besefte, dat vooral die ziel van Jacqueline en Maurice ernaar had gestraald. Ze had het toen eigenlijk al wel gevoeld, maar had er niet bewust over nagedacht. Ze hadden gestraald, de kracht van hun ziel naar de kunstwerken en hun kunstenaars, en nu kon zij het resultaat daarvan voelen. Bianca glimlachte, dankbaar voor de kracht van de mensen die ze beschouwde als haar nieuwe ouders. Dat bracht haar gedachten meteen bij haar bloedeigen ouders. Bloedeigen, ja dat wel, er was een bloedband, maar ze besefte ineens, dat het ook niet meer was dan een bloedband, en dat die bloedband met alles wat eraan vast zat, haar vastgezet en verwond had. Ze voelde hoe er iets in haar begon te woelen, hoe er iets in haar opstond, en hoe het voelde alsof er iets los scheurde in haar binnenste, in haar buik. Het voelde alsof er aan haar navel getrokken werd. Ze dacht aan de navelstreng, waarmee ze verbonden geweest was aan haar moeder. Het was een lichamelijke verbinding geweest, maar ze voelde nu hoe het ook een geestelijke, een emotionele verbinding was geweest. Die scheurde nu los, zo voelde het. Toen de pijn die er even was, verdwenen was, leunde ze achterover en voelde een stuk bevrijding. Met een glimlach op haar gezicht schommelde ze beetje in haar stoel heen en weer, zichzelf afvragend hoe dat zat met haar verbinding met Julian, en in de toekomst met haar andere kinderen. Ze wilde niet dat één van haar kinderen op zo’n manier aan haar gebonden zou blijven. Ze zouden hun eigen weg moeten gaan, in vrijheid.
Ze schrok op van het geluid van de sleutel in het slot van de voordeur. Karel! Karel en Huib met de meubels. Ze hoopte dat Julian bleef slapen. Ze merkte tot haar opluchting dat de mannen zachtjes praten, een beetje mompelend. Waarschijnlijk had ze dat aan Huib te danken. Ze hoorde hoe ze een paar keer heen en weer sjouwden, spullen in de hobbykamer brachten. Ze had al begrepen dat de kast die hij voor haar gemaakt had, uit drie delen bestond. Daarnaast nog een speelgoedkast voor Julian, en een bureau. Ze zouden dus zeker vijf keer heen en weer moeten. Zouden ze alles tegelijk meegenomen hebben?
Ze hoorde ineens de stem van Sjaak erbij. Ah, ze waren waarschijnlijk met twee pick-ups gekomen. Handig! Glimlachend luisterde ze naar het gemompel van de mannen. Ze hoorde Huib nog zeggen, dat Karel de kasten wel vast moest zetten tegen de muur, zodat Julian hem niet over zich heen kon trekken. Daarna hoorde ze Huib en Sjaak naar de voordeur gaan, naar buiten. Ze hoorde hoe de pick-ups gestart werden en de beide mannen weg reden. Ze hoorde ook hoe Karel door de kamer naar de keuken liep en de koelkast open trok. Ze sloop naar beneden, en schrok toen Karel vanuit de keuken haar tegemoet kwam met een biertje uit de koelkast in zijn handen.
Stralend trok hij haar in zijn armen. “Jij hier! Ik zag die schalen in de koelkast, in een flits, en het schoot door me heen, dat jij hier was. Wat een heerlijke verrassing! Blijf je logeren? Een superlang weekend?” vroeg hij verlangend.
Ze schudde haar hoofd, zei nog niets, maar gaf hem een kus.
“Nee, ik kan niet blijven logeren…” zei ze, met een stem alsof ze het jammer vond dat ze hem moest teleurstellen. En dat deed het hem ook, hij voelde zich teleurgesteld.
“Jammer,” zei hij, “maar ik ben blij dat je er nu bent. En Julian? Slaapt hij of heb je hem bij iemand achter gelaten?”
“Nee, hij ligt heerlijk in zijn eigen bedje hierboven.”
“Fijn, ik ben blij dat ik wat vroeger thuis ben, dan hebben we lekker een lange avond. Zullen we even buiten gaan zitten?”
“Wacht even, ik moet je nog even wat vragen, Karel. Ik ben een beetje brutaal geweest. Ikke…” ze merkte hoe ze ervan genoot om toneel te spelen. “Ik heb je ouders ingeschakeld vanmorgen, en ze hebben me geholpen om mijn spullen in te pakken en hierheen te verhuizen. Dat beetje wat ik had, ligt al boven in de kasten, en onze jassen en mijn naaimand staan buiten op de tuinbank, en mijn auto staat een eindje verderop in de straat geparkeerd, om de hoek, zodat je hem niet zou zien.”
Terwijl ze vertelde, keek ze steeds ondeugender en zag ze dat Karel steeds meer begon te stralen. Aan het eind van haar verhaal trok hij haar tegen zich aan en fluisterde in haar haren: “Dus jullie komen hier wonen? Is dat echt wat je me probeert te vertellen?”
Hij duwde haar iets van zich af en keek haar aan. Ze knikte naar hem, met een glimlach die haar hele gezicht liet stralen.
“Heb jij wel enig idee hoe gelukkig je me daarmee maakt?”
Karel legde zijn hoofd op haar schouder en begon te snikken. Tussen de snikken door, vertelde hij hoe hij zich erop voorbereid had dat het nog wel weken of misschien wel maanden kon duren, en hoe moeilijk hij dat had gevonden.
“Lieverd, ik heb zo naar je lopen verlangen, en nu ben je hier,” zei hij met de tranen op zijn gezicht.
“Ja…” fluisterde Bianca, “ik ben thuis, thuis bij jou…”
Maak jouw eigen website met JouwWeb