Die middag reden Margreet en Lisa naar het dorp. Ze besloten eerst naar de kringloopwinkel te gaan. Ze doken meteen de hoek van de lappen stof in.
“Moet je hier zien,” wees Lisa, “die gordijnen. Het is een raar idee, maar ik vind de stof wel heel mooi. Het lijkt wel linnen, en die kleur…”
Margreet voelde de stof: “Ik denk dat je gelijk hebt, het voelt als linnen en het ziet er ook zo uit.” Margreet vond een labeltje bovenaan in de hoek. “Klopt, het is linnen, een lekker stevig en luchtig linnen. Wat kan mij het schelen dat het een gordijn is! Die stof is perfect voor een rok! En ik vind die kleur groen ook prachtig.”
Ze haalde de hanger van de stang en zocht een spiegel op. Ze hield de stof voor zich en bekeek zichzelf, terwijl Lisa van een afstandje keek, afwachtend hoe haar vriendin het zou vinden.
“Weet je wat ik denk, Lisa? Ik denk, dat dit gordijn hier voor mij hing, het is gewoon perfect! Echt joh, het raakt me gewoon.” Ze liet de stof in haar winkelmand zakken en trok de mand achter zich aan, terug naar de gordijnen. Ze liep er rustig langs, keek, voelde.
Ze schudde haar hoofd: “Voor nu is dit de enige. Zullen we nog even bij de andere lappen kijken?”
De grotere lappen waren net als de gordijnen over hangertjes gehangen. Margreet vond een katoenen lap met varens. Ze vond hem wel leuk, maar wist niet zeker of hij ook leuk voor háár was. Ze ging ermee terug naar de spiegel en hield ook deze lap voor haar benen. Langzaam verscheen er een glimlach op haar gezicht.
“Hij is leuk he,” zei Lisa naast haar, “alsof de varens langs je benen omhoog groeien.”
“Ja, ik vind hem ook leuk, maar ik merk dat ik met die effen stof veel meer een klik ervaarde dan met deze stof. Nee, ik neem hem toch niet. Het is apart, ik vind het er leuk uit zien, maar zie mezelf er niet in lopen. Ik denk dat ik toch meer richting effen ga.”
“Wat mooi dat je dat verschil zo aanvoelt! Ik heb nog een andere effen stof gezien, een beetje goudbruin, ik weet niet hoe het heet. Misschien is die wat voor jou?”
Lisa liep terug naar het rek en trok de hanger met de stof zie ze bedoelde eruit.
“Ik weet niet of er een andere naam voor is, ik zou het ook goudbruin noemen. En ja, ik vind hem prachtig!”
Margreet bekeek ook deze stof voor de spiegel. Er kwam een blije lach op haar gezicht: “Hij is geweldig! Hier zie ik me wel in lopen!” Voor de zekerheid bekeek ze op het kaartje even wat de maat van de lap was.
“Veel te groot, hier ga ik net als van dat gordijn een flink stuk van overhouden, maar dat maakt niet uit, wat ik overhoud kan ik misschien ooit in een wandkleed verwerken!” Triomfantelijk keek ze Lisa aan.
“Wat een idee! Hoe denk je dan dat je dat gaat doen, hoe je lapjes in het wandkleed gaat gebruiken?”
Margreet legde de goudbruine lap in haar winkelmand en gebaarde met haar handen terwijl ze vertelde: “Als ik een stukje stof op het wandkleed neer leg, en het wat kronkel, en dan dikkere draden over de randen van het lapje drapeer en vast zet… ik denk dat dat een leuk effect gaat geven!”
“Goh, hoe kom je op het idee!”
“Geen idee hoe ik op het idee kwam,” lachte Margreet, “het kwam zomaar in me op. Het voelt soms net alsof mijn ziel een bron is, waar steeds dingen uit op borrelen. Of een fontein, waaruit ideeën omhoog spuiten. Het voelt zo goed, zo levend!”
Ze kneep Lisa zachtjes in haar arm. “Het maakt me blij, Lisa!”
Lisa begreep haar helemaal: “Precies zoals ik het soms met mijn viool of cello ervaar, dan komt er zomaar een melodie uit, een melodie waardoor ik zelf verrast word.”
Margreet knikte: “Ja, dat is net zoiets. Mooi he!”
Genietend liepen ze verder, rond kijkend of ze nog iets leuks tegen kwamen.
Toen Margreet zich omdraaide om een ander pad in te slaan, botste ze bijna tegen twee mensen op. “Sorry, ik had jullie niet gezien! Oh wacht eens, jullie logeren in pension “Bloemenhof” toch?”
“Ja, dat klopt! Ik ben Fiona, en mijn man heet Daniël. Niks zeggen hoor, even denken… Annerieke heeft het verteld. Zijn jullie niet degene die ervoor zorgen dat de gastenetage zo netjes blijft? Margreet en Lisa?”
“Ja, dat klopt! Ik ben Margreet, en dit is Lisa. Hebben jullie het naar je zin in deze omgeving?”
“Jawel, de omgeving is prachtig, heerlijk landelijk. En het pension is prima, vooral die taarten. Vanmorgen zagen we Annerieke met Simon naar hun huis lopen. Ze zijn iets ouder dan wij, maar je kon gewoon zien dat ze zo gek op elkaar waren, als verliefde pubers!”
Daniël knikte glimlachend, waarbij de lach zelfs zijn ogen bereikte: “Ja, dat was echt mooi om te zien.”
Zowel Margreet als Lisa voelden dat er iets dwars zat. Lisa durfde het aan om voorzichtig naar henzelf te vragen: “En jullie? Kennen jullie dat ook?”
Daniël en Fiona keken elkaar aan. Daniël knikte naar zijn vrouw, zij wat beter in staat om te verwoorden wat er aan de hand was.
“Op een bepaalde manier houden wij ook van elkaar, maar we voelen allebei dat er iets mist. Die vonk die we bij Annerieke en Simon zagen, ja echt, het was gewoon zo zichtbaar. En dat kennen wij dus niet. We hebben geen ruzie, en werkelijk, we houden echt van elkaar, maar ik denk dat we missen wat we bij hen zagen, wat dat dan ook was.”
Margreet en Lisa luisterden, luisterden echt. Onbewust luisterden ze met hun hart en probeerden ze te voelen wat er aan de hand was.
Margreet besloot hen te vertellen over haar ontmoeting met Huib, wat ze ervaren had, die magnetische klik die ze gevoeld hadden en die hen de zekerheid had gegeven dat ze bij elkaar hoorden.
“En van daar uit ontstond er een vuur, dat zo snel opkwam, in ons gloeide. We konden er niet omheen, we wilden er ook niet omheen. We horen bij elkaar, zonder enige twijfel. Huib is werkelijk mijn alles, ik kan me mijn leven zonder hem niet eens meer voorstellen. Huib gaat voor me door het vuur, begrijpt me, voelt me aan, helpt me om emotioneel te herstellen, stimuleert me.” Ze legde uit, hoe ze op Bloemenhof elkaar hielpen vanuit hun hart te leven, naar hun innerlijk te luisteren. “En ergens heb ik het gevoel, dat jullie dat ook doen, misschien nog maar kort, ik weet het niet, en dat jullie daardoor aanvoelen dat die vonk er bij jullie niet is. Is die vonk er in het begin wel geweest?” Ergens wist Margreet het antwoord al wel, maar ze wachtte op hun reactie.
Daniël en Fiona keken elkaar nadenkend aan.
Daniël dacht hardop na: “Als ik terug denk aan ons eerste jaar, de tijd dat we verkering hadden… nee, die klik zoals jij die beschrijft, heb ik nooit gehad. Maar ik vond Fiona gewoon een leuke vrouw, en dat vind ik nog steeds. We hebben bijna twee jaar de tijd genomen om elkaar te leren kennen en zijn toen getrouwd. We hebben het goed gehad, en toch…”
“Dat klopt ja, zo heb ik het ook ervaren,” vulde Fiona aan. “Ik probeerde terwijl jij vertelde, Margreet, of ik kon voelen hoe ik het toen ervaren heb. Het was goed, maar die vonk was er niet. Zouden we dan gewoon niet bij echt elkaar passen? Waarom voelden we ons dan tot elkaar aangetrokken?”
“Misschien door gezamenlijke interesses, door uiterlijk. Het kan van alles geweest zijn.” Lisa dacht even na, en deelde toen: “Ik was eerder getrouwd, voordat ik hier kwam. Waarom voelde ik me aangetrokken tot die man? Ik denk, doordat hij mij op de één of andere manier zag. Hij maakte me complimenten, streelde mijn verwonde ego. Ja, voor mezelf weet ik, dat mijn innerlijke verwonding daar een rol in gespeeld heeft. Ik was verlegen, vond mezelf maar niks. En met zijn woorden leek hij mij uit de put te trekken. Toch deed hij dat niet werkelijk, integendeel, hij deed het alleen voor zichzelf. Hij probeerde me te vormen, ik moest worden zoals hij prettig vond. En als ik dat vergelijk met hoe Sjaak nu met me omgaat… Dat is dag en nacht verschil! Wij hebben diezelfde magnetische klik als Huib en Margreet, die soulconnectie. Het is die innerlijke zekerheid dat de ander degene is die bij je hoort. En daardoor hebben we ook geen jaren, zelfs geen maanden verkering nodig gehad. Ik ben al heel snel bij hem in getrokken. En Sjaak,” Lisa glimlachte verliefd, “Sjaak is echt, hij ziet mij zoals ik ben, hij proeft mijn binnenste, herkent regelmatig mijn verwondingen en zegt en doet wat ik nodig heb. Het is nauwelijks te omschrijven, het is… ongelofelijk mooi!”
Daniël en Fiona knikten.
“Als ik terug kijk,” begon Fiona, “dan weet ik dat ik mijn best gedaan heb, om een goede vrouw voor Daniël te zijn. En andersom deed hij zijn best om een goede man voor mij zijn. Daar ligt het dus niet aan. Maar op de één of andere manier voelen we elkaar dus niet echt aan, in elk geval niet zoals dat bij jullie gebeurt.”
Fiona zuchtte diep en streek met haar wijsvingers onder haar ogen een paar tranen weg.
Daniël sloeg een arm om haar schouders: “Klopt, we hebben gedaan wat we konden, maar als die basisvonk er niet is, dan moeten we misschien concluderen… weet je, we moeten er gewoon samen nog over doorpraten, er achter komen hoe de vork in de steel zit en wat we het beste kunnen besluiten voor de toekomst. Alles in mij verzet zich om uit elkaar te gaan, dat ik je dat niet aan kan doen. Ik weet het niet, we moeten hier samen uit komen!”
“Ja,” zei Fiona, “bedankt voor jullie openheid, we gaan er mee verder. We komen er vast wel uit!”
“Dat weet ik wel zeker, jullie willen het beste voor elkaar!” reageerde Margreet. “Maar ik heb nog een kleine tip voor jullie: probeer er ook achter te komen wat het beste voor jezelf is. Vraag je af wat je nodig hebt, wat je verlangens zijn. Probeer te voelen of de indrukken die je daar over krijgt, ook echt bij jou horen, of dat het indrukken zijn vanuit je emotionele verwondingen of uit overtuigingen die je meegekregen hebt. Het is niet egoïstisch om te zoeken naar wie je bent en wat bij jou past.”
Fiona glimlachte: “Dat klinkt als goed voor jezelf zorgen.”
“Dat is het ook!” vond Margreet.
“En ik wil nog even reageren op wat jij zei, Daniël,” kwam Lisa tussendoor, “dat idee dat je het Fiona niet aan kan doen. Ik begrijp dat, maar stel dat jullie niet bij elkaar horen, als jullie die echte klik missen, wat doe je haar dan aan door bij haar te blijven? Denk er maar eens over na en als jullie meer willen weten, vraag ons gerust maar.”
Daniël knikte: “Dat zullen we zeker doen, dank je wel!” Hij had zijn arm nog om Fiona’s schouders en keerde haar om. Omarmd gingen ze de winkel uit.
Margreet en Lisa keken elkaar aan: “En dat gebeurt zomaar in de kringloopwinkel…” zei Margreet. “Daniël en Fiona, het is een mooi stel, ze knokken voor elkaar en voor hun huwelijk, maar het mist de kern. Ik hoop dat ze elkaar durven loslaten. En jij, jij had vanmorgen gelijk: wat we vanuit ons binnenste doen, is belangrijk!”
Ze lachten naar elkaar en gingen verder op zoek naar dingen die ze nodig hadden of gewoon leuk vonden. Margreet vond een paar klosjes garen die ze voor haar rokken wilde gebruiken.
“Grappig, voor allebei de rokken een identieke kleur, en ook een contrasterende kleur. Die rokken gaan mooi worden!” Blij liep ze verder, ontdekte zelfs knopen die perfect bij de stoffen pasten, en die ze nog leuk vond ook. De groene waren vierkant, de goudbruine gewoon rond, maar met een leuk richeltje erin.
“Het zijn de kleine dingen die het doen!” vond Margreet. “Wil jij nog verder kijken?”
“Nee, ik zou zo niet weten waarnaar. Zullen we gaan afrekenen?” stelde Lisa voor.
Even later liepen ze buiten, wandelden ze naar de Action. Al in het eerste schap vond Lisa een geschikte USB-stick. Ze was nooit eerder in een Action geweest, en keek haar ogen uit.
“Wat een bijzonder assortiment hebben ze hier. Dit is werkelijk in geen enkele categorie te plaatsen. Ze hebben hier kleding, maar het is geen kledingwinkel. Ze hebben kantoorspullen, maar het is geen boekhandel. Ze hebben schoonmaakmiddelen, maar het is geen supermarkt. Moet je hier zien, hoe leuk, al die mandjes!”
“Ja, gaaf he, als Huib een kast voor mijn hobby-spullen gemaakt heeft, ga ik waarschijnlijk hier mandjes kopen om die in de open vakken te zetten. Ik denk dat dit soort manden heel gezellig staan in zo’n lichthouten kast.”
“Komt die kast in die kamer achter de woonkamer?”
“Ja precies. Hij gaat daar een kast maken met veel open vakken, van hetzelfde hout als dat mooie bureau dat hij gemaakt heeft. Het is zo heerlijk, ik kan mijn wandkleed daar gewoon op laten liggen en verder gaan wanneer ik er zin in heb. Zolang ukkepuk er nog niet bij kan…”
Margreet lachte naar Lisa. “De tijd vliegt, maar soms ook niet. Als ik aan mijn zwangerschap denk, vind ik dat de tijd kruipt. Ik ben nog steeds in de eerste maand!”
Lisa grinnikte: “Wacht maar, als je straks over de helft bent! Dat had ik vroeger met vakanties altijd, de tweede helft leek altijd veel sneller te gaan.”
Margreet herkende dat wel.
Ze liepen verder, langs de schappen met creatieve spulletjes. "Leuke houten kraaltjes, Margreet, en hier glazen kraaltjes, zou dat ook niet leuk staan op je wandkleden?”
Margreet knikte langzaam: “Dat is een goed idee, Lisa!” Ze liet haar ogen over de doosjes met kraaltjes glijden en nam er verschillende in haar handen. Ze had er plezier in dat ze er een beetje een gewoonte van gemaakt had om te voelen of ze ergens een klik mee had. Zodoende wist ze precies welke ze wel en welke ze niet wilde kopen.
Lisa keek toe en vroeg haar: “Waar ga je ze in bewaren?”
Margreet had wel een idee en ging haar voor naar het schap waar ze allerlei weckpotjes en andere kleine glazen potjes had gezien. “Deze lijken me handig, en ik vind ze leuk!” Ze dacht even na, en deed wel twintig potjes in haar mand.
Lisa grinnikte en plaagde haar: “Jij hebt grootse plannen!”
“O ja, grootse plannen met kleine potjes!” lachte Margreet.
Ze rekenden af bij de kassa en liepen terug naar de auto. Margreet voelde zich rijk, ondanks dat ze nauwelijks geld had uitgegeven.
Maak jouw eigen website met JouwWeb