
Hoofdstuk 105.
Alles wordt nieuw
in de zorg
Patricia rekte zich uit, en voelde een diepe tevredenheid, een blijdschap over wie ze was, over haar relatie met Anton, over haar nieuwe manier van werken. Het was goed zo, ze had zichzelf gevonden in het diepst van haar ziel.
Ze was vuriger en krachtiger dan ooit. Ze dacht aan gistermorgen, toen ze na de nacht haar mobiel weer op trilstand had gezet en gekeken had of er in de nacht nog berichten gekomen waren, verzoeken om hulp bij lichamelijk problemen, ziektes, en zo nu en dan ook bij emotionele, psychische problemen. Toen ze gistermorgen in haar mailbox keek, zag ze dat iemand gemaild had, en dat er korte tijd later een mailtje achteraan gekomen was, met een enthousiaste reactie, dat het probleem al verdwenen was. Ze was verwonderd geweest, omdat ze wist dat ze die nacht over exact hetzelfde probleem gedroomd had. Blijkbaar had die persoon contact met haar gezocht en was dat alleen al voldoende om haar ziel aan het werk te zetten.
Terwijl ze er aan terug dacht, realiseerde ze zich, dat dit dus werkelijk een reactie van ziel op ziel was. Haar ziel had gereageerd op de ziel van degene die gemaild had.
Ze kon het niet verklaren, ze kon alleen maar voelen dat dit was waarvoor ze wilde leven, dat dit werkelijk zin aan haar leven gaf. Dit was echt leven!
Ze vroeg zich af, wat ze met haar dagen zou gaan doen als het in de toekomst altijd voldoende zou zijn dat mensen een berichtje stuurden, en ze al genazen doordat ze dat deden, doordat ze zich voor haar open stelden. Dan zou dat betekenen, dat ze eigenlijk niet meer hoefde te reageren op hun berichten. Dat voelde wel vreemd, onpersoonlijk, alsof het haar niets kon schelen hoe het met al die mensen ging.
Terwijl ze daar met zichzelf over in gesprek was, voelde ze dat Anton zich omdraaide en zag ze dat hij wakker werd. Ze glimlachte naar hem en kroop tegen hem aan.
“Goeiemorgen schoonheid,” fluisterde Anton, “je mag alle systemen en gewoontes los laten. Ik weet niet waar het over gaat, maar dat is het eerste wat in mijn gedachten komt.”
Patricia schoot in de lach. “Ik was net iets eerder dan jij wakker en was met mezelf in gesprek over al die berichten van zieke en gewonde mensen. Stel nou dat het steeds vaker gaat gebeuren, misschien zelfs alleen nog maar zo gaat gebeuren, dat mensen al genezen doordat ze me een email sturen, doordat ze contact zoeken, zich voor mij, voor mijn zielskracht open stellen…”
“Dat laatste ja, daar gaat het om, ze stellen zich open voor jouw zielskracht. Maar ga door, waarover was je met jezelf in gesprek?”
“Nou, dan zou het in theorie helemaal niet nodig zijn om al die berichten te beantwoorden. En waar ik toen even mee zat, was dat dat zo onpersoonlijk over zou komen, dat het zou lijken alsof ik niet in hen geïnteresseerd ben. En toen werd jij wakker, en zei je dat ik alle systemen en gewoontes mocht loslaten. Ik voel dat dat het is, het is een gewoonte, een heel vaste gewoonte, dat je moet reageren. Dat hoort zo. Ik denk dat ik op mijn website, op de Visie-pagina of op de contact-pagina, er een kleine melding over ga maken, dat ik niet altijd meer op de berichten zal reageren door terug te schrijven, maar dat mijn ziel wel degelijk op de berichten blijft reageren. Het enige dat ik op dit moment denk, is dat het belangrijk is dat ik de mailtjes een paar keer per dag wel allemaal langs ga om in elk geval alle genezingen eruit te pikken voor de website, en berichten waaruit nog geen genezing blijkt, wel te beantwoorden, omdat er dan misschien een extra shotje van zielskracht nodig is of zo.”
“Perfect! Het zou wel eens kunnen zijn, dat zelfs de getuigenissen op je site anders gaan worden. Anders in de zin van dat jij ze niet meer gaat schrijven, maar dat Jonathan en jij die mogelijkheid op de site opnemen waardoor mensen rechtstreeks hun verhaal kunnen vertellen. Dan hoef je er zelf helemaal geen verslag meer van te doen. Denk er maar eens over, en overleg het met Jonathan.”
“Goeie reden om weer eens samen te eten vanavond?” stelde Patricia voor.
“Lijkt me een geweldige reden, al mag je hen ook altijd uitnodigen zonder reden. Het feit dat we van hen houden is voldoende reden, toch?”
“Klopt, het is altijd heerlijk om bij hen te zijn of hen hier te hebben. De connectie die we hebben is gewoon zo sterk!”
“Ja, weet je wat ik laatst dacht? Jij bent mijn soulmate, dé soulmate die Joke nooit van me geweest is. Maar sinds jij en ik samen zijn, en Jo en Jo…” hij grinnikte en onderbrak zichzelf. “Het viel me steeds al op dat hun namen allebei met Jo beginnen, vandaar Jo en Jo. Sinds zij samen zijn, en wij ook, lijkt het wel alsof er tussen Joke en mij iets doorbroken is of zo, ik weet niet hoe of wat, maar sindsdien heb ik wel meer een echte connectie met haar. Wees gerust, lieverd, jij blijf dé soulmate voor mij, maar in het vriendschappelijke is het er nu met Joke ook, met hen allebei. Ik begrijp niet hoe het in elkaar zit, maar ik ben er wel blij mee.”
“Ik zal je iets opbiechten… ik heb dat vanaf het begin dat wij samen verder gingen en jij hier bij mij kwam wonen, gevoeld, alsof er iets afknapte wat tussen jullie in gezeten had. Maar ik ben blij dat ik jouw nummer één blijf hoor, ik wil je met niemand delen, zelfs niet met Joke!”
“Dat hoeft ook niet, denk ik… het is gek, er komt iets ongrijpbaars boven… het zou nog wel eens kunnen, dat als iedereen helemaal genezen is, dat alle zielen volmaakt met elkaar connectie gaan hebben. Ik kan me er nog niets bij voorstellen, het zou voor mij als verraad naar jou voelen als ik met andere vrouwen… het zal vast niet iets lichamelijks zijn, maar puur op zielsniveau. Ik ben benieuwd hoe dat gaat uitpakken.”
“Ja, daar ben ik ook nieuwsgierig naar, maar dat het op zielsniveau zal zijn, lijkt me wel duidelijk. De vraag is alleen wat dat voor gevolgen heeft voor lichamelijke contacten. Ik moet er nog niet aan denken om de liefde te bedrijven met wie er maar voorbij komt!”
Anton schoot in de lach: “Het lijkt mij ook vreselijk! Als dat zou gaan gebeuren, hou ik je hier gevangen, als je dat maar weet!”
Hij trok Patricia dicht tegen zich aan, streelde haar, gepassioneerd, alsof hij zijn woorden kracht bij wilde zetten. Het duurde niet lang voordat ze in vuur en vlam stond en onder zijn handen kronkelde. Hun eenwording onderstreepte hun diepe liefde.
.
Na het ontbijt stuurde Patricia aan Jonathan en Joke een groepsmailtje, met de vraag of ze zin hadden om vanavond bij hen te komen eten. Ze kreeg allemaal vrolijke emoticoontjes terug, en vervolgens een afbeelding van een klok met een vraagteken ernaast.
Patricia zocht een plaatje van een klok die op vijf uur stond, plaatste hetzelfde vraagteken ernaast, en stuurde die terug.
Ze kreeg allerlei duimpjes terug, liet ze lachend aan Anton zien.
“Jullie zijn echt lekker maf! Nieuwe manier van communiceren, komisch!” lachte hij. “Wat zullen we vanavond eten?”
Patricia dacht even na. “Ik zat te denken aan gourmetten. Het kost wat voorbereiding, maar daar heb ik wel zin in.”
“Leuk, altijd leuk om dat te doen, lekker lang tafelen.”
.
Door de dag heen kreeg Patricia weer verschillende verzoeken om hulp. Ze reageerde er nog steeds op omdat het er niet naar uit zag dat het al standaard gebeurde zoals tijdens de nacht ervoor.
Anton had nog wat werk te doen voor zijn bedrijf, een paar klussen die hij thuis achter de pc kon doen. Daarom spraken ze af dat Patricia de boodschappen voor het avondeten zou doen, en dat ze daarna samen alles voor het gourmetten zouden klaarmaken.
Patricia glimlachte terwijl ze daaraan dacht, samen met Anton vlees en groenten in kleine stukjes snijden, het leek zo onnozel, maar op die manier samen bezig zijn, voelde bijna als een andere manier van de liefde bedrijven. ‘Bijna?’ dacht ze verontwaardigd, ‘het is verdorie een andere manier!’
Terwijl ze later op de dag in de keuken aan het snijden waren, deelde Patricia die gedachte met Anton. Hij keek haar aan met een brede glimlach: “Dat is het ook, alles wat we samendoen, is een vorm van liefde bedrijven. In onze maatschappij is het lichamelijk, het seksuele zo verheven geraakt boven al het andere, dat al die andere vormen ondergesneeuwd zijn. Ongelofelijk jammer! Het is toch heerlijk om hier samen bezig te zijn met het voorbereiden van een maaltijd? En vanavond met Jo en Jo erbij, dan is dat net zoiets. Anders, maar het komt er wel heel dichtbij.”
Patricia knikte en kuste hem. “Het leven is nog nooit zo fantastisch geweest als nu!”
“Zo is dat, en het zou me niet verbazen als het nog steeds mooier gaat worden. We laten ons verrassen! Ik ben echt heel benieuwd wat we nog gaan ontdekken.”
“Anders ik wel! Weet je wat ik me trouwens ook afvraag? Als het straks steeds minder noodzakelijk wordt om op al die berichten van zieke en gewonde mensen te reageren, dan heb ik niet veel meer te doen. In mijn volwassen leven hebben patiënten altijd zo de hoofdrol gespeeld, dat ik niet eens weet wat ik straks met al mijn vrije tijd aan moet!”
“Rustig aan ontdekken, meis, dat heeft geen haast. Misschien is het verschijnsel ‘hobby’ ook maar een bedacht systeem om ons bezig te houden met steeds hetzelfde. Laat je maar leiden door wat je voelt, door waar je verlangen naar uit gaat. Vandaag zin om in de tuin bezig te zijn? Doen! Morgen zin om op de bank te liggen met een mooi boek? Doen! Overmorgen zin om het huis te schilderen? Hahaha, vraag je dan vooral af of je dat werkelijk wilt!”
Patricia lachte met hem mee. “Je hebt gelijk, de intentie van wat je me wilt vertellen is duidelijk. Ik laat me ook daarin maar verrassen!”
“Als je maar blij bent met wat je doet, geniet van waar je mee bezig bent. Als je maar voelt dat je er één mee bent,” besloot Anton.
.
Tegen vijf uur kwamen Jonathan en Joke binnen, verrast dat de tafel met een gourmetstel was gedekt.
“Daar komt een fles wijn vast bij van pas,” lachte Jonathan, terwijl hij een fles rode en een fles witte wijn op tafel zette.
“Zo zeg, jullie maken er echte een feestje van!” glunderde Patricia. “Ik zal er even wijnglazen bij pakken.”
“Ik vind onze vriendschap ook wel een feestje waard,” reageerde Joke. “Vanmorgen zei ik nog tegen Jonathan, dat ik het zo bijzonder vond, dat sinds hij en ik en ook jullie elkaar ontdekt hadden en samen verder gingen, ik het gevoel had dat Anton en ik op een bepaalde manier ook een zielsconnectie hadden gekregen die er voorheen niet was. Ik begrijp niet hoe het kan, en hoe het zit, maar het voelt goed, het maakt onze vriendschap ongelofelijk sterk. Herken jij dat, Anton?”
Anton keek glimlachend naar Patricia en toen weer terug naar Joke: “Ik zei vanmorgen iets soortgelijks tegen Patricia.”
Hij deelde de indruk die hij vanmorgen gekregen had, over het idee dat misschien alle mensen zielsconnecties met elkaar zouden krijgen als iedereen volledig genezen was.
“Ik heb dat ook wel eens gedacht,” zei Jonathan, “en het lijkt me dat dat dan niets te maken heeft met lichamelijke uitleving daarvan, maar dat er gewoon puur op zielsniveau met iedereen zulke contacten, echte relaties zouden komen. Ik kan nog niet vatten hoe dat zou kunnen zijn, en ik weet zelfs niet met zekerheid of het klopt.”
“Bijzonder toch, dat we over hetzelfde bezig zijn… als je het dan over zielsconnectie hebt...” zei Anton.
“Ja, en dat kwam bij ons naar aanleiding van een mailtje dat ik laatst in de nacht gekregen had,” deelde Patricia. “Iemand had ergens last van en vroeg om hulp op een moment dat ik sliep en ik het dus niet kon lezen. En ik droomde er die nacht over. De volgende morgen las ik het bericht, en een tweede dat er vrij kort achteraan gekomen was, dat het probleem verholpen was.”
“Ik heb hetzelfde meegemaakt, vanmorgen,” reageerde Jonathan. “Ik dacht even dat er iets niet helemaal goed ging, vond het zo apart. Ik kan me niet herinneren dat ik er over gedroomd had, maar het schrijven van een email was op de één of andere manier al voldoende geweest. En toen ik daar vanmorgen over nadacht, kreeg ik de woorden ‘patiënten stellen zich open voor jouw ziel, voor jouw zielskracht’.”
“Tot die conclusie waren wij ook gekomen, en het zou me niet verbazen als dit binnenkort vaker gaat gebeuren,” zei Patricia.
Alles voor de maaltijd stond inmiddels op tafel. Anton deed de stekker van het gourmetstel in het stopcontact, zodat de pannetjes en de bakplaat heet konden worden. Terwijl ze met bakken en eten begonnen, spraken ze verder over de veranderingen.
“Anton stelde voor om op de website een mogelijkheid te geven dat mensen zelf hun getuigenissen gaan schrijven. Hoe lijkt jou dat?”
“Dat lijkt me ideaal, dan gaat het werk gewoon door, terwijl wij er niet extra aandacht aan hoeven te geven. Zullen we er straks eens mee gaan puzzelen om te kijken hoe het werkt?”
“Doen we!”
.
Tijdens de maaltijd kwam er bij Jonathan een mailtje binnen van een oud-collega.
“Ken je Rianne nog, die verpleegster op de afdeling waar we werkten?” vroeg Jonathan aan Patricia. “Ze mailt net. Ze schrijft dat ze onze site volgt en dat ze eigenlijk een verlangen ervaart om hetzelfde te doen als wij. Ze wil graag weten hoe ze dat moet doen… Wat denk je, zal ik maar gewoon schrijven dat ze door haar proces van innerlijke genezing heen moet gaan, er bewust doorheen moet gaan, keuzes moet maken die goed voor haarzelf zijn en ook bewust naar haar innerlijk moet luisteren, moet voelen wat ze nou echt voelt?”
Patricia grinnikte: “Je had het beter meteen op kunnen schrijven, het klinkt helder. En misschien kun je er nog aan toevoegen, dat ze vooral ook goed moet blijven voelen wat werkelijk bij haar past, ook wat haar werk betreft. Het kan best zijn, dat zij mét zielskracht daar moet blijven werken, dat dat nu wel kan, zonder dat je het gebouw uit gekeken wordt.”
Jonathan knikte: “Goed idee, ik zal het erin verwerken!”
Hij typte een antwoord naar zijn oud-collega en stopte zijn mobiel weer in zijn broekzak.
.
Na de maaltijd gingen Anton en Joke afwassen en opruimen, zodat Jonathan en Patricia met de website konden gaan stoeien. Voordat ze daarmee begonnen, keek Jonathan nog even naar zijn mailbox. Rianne had een bedankje voor de tips teruggestuurd en gevraagd of ze eventuele twijfels en vragen naar hem mocht mailen.
‘Geen probleem, doe maar!’ schreef hij terug.
.
Op de website ontdekten ze al snel de mogelijkheid waarmee mensen hun reacties konden plaatsen. Wat ze echter ook ontdekten, toen ze die mogelijkheid uitprobeerden, was dat van de mensen die een bericht achter zouden laten hun email-adres dan ook zichtbaar zou zijn.
“Dat lijkt me niet prettig,” zei Jonathan.
“Nee, dat vind ik ook geen optie. Zouden we dan toch een abonnement moeten nemen? Oh, wacht even, ik ga toch even verder zoeken, stomweg alles aanklikken, kijken of er andere mogelijkheden zijn…”
Patricia ontdekte op een gegeven moment dat het inderdaad mogelijk was om het email-adres van degene die schreef niet openbaar te maken.
“Dan is het een leuke optie, ik ga dit op mijn pagina in elk geval proberen!”
“En ik op de mijne, maar ga jij maar eerst, dan doe ik daarna de mijne wel,” zei Jonathan.
“Prima, en daarna moeten we er even melding van maken op onze accounts van sociale media…”
.
Een paar weken later kreeg Jonathan opnieuw een email van hun oud-collega Rianne. Ze vertelde daarin dat er dingen aan het veranderen waren op de afdeling. De sfeer was beter en er was meer communicatie. Ze merkte nog niet dat mensen door haar zielskracht genazen, maar wel dat het haarzelf soms hielp als ze hoofdpijn had, dat ze dan haar hand er even op legde, en dat de pijn dan bijna altijd verdween.
Jonathan reageerde blij: ‘Rianne, het begin is er! Bij ons begon het ook bij onszelf, bij hoofdpijn en jeuk. Je zit op de goeie weg! En als je ons op de hoogte wilt houden van wat er op de afdeling gebeurt, of er inhoudelijk nog iets verandert… dat zou ik echt heel fijn vinden! Ik kijk uit naar wat er allemaal gaat gebeuren…’
.
Rianne keek er ook naar uit en hield het goed in de gaten. Zelfs al waren er kleine veranderingen, dan meldde ze dat naar Jonathan. De eerste voor haar grote verandering was, dat ook haar zielskracht de pijn van patiënten verminderde of wegnam.
Het afdelingshoofd kwam er al snel achter en vroeg naar hoe zij dat deed, of Jonathan of Patricia haar geïnstrueerd had. Ze vertelde dat Jonathan haar geschreven had om bewust door haar proces van innerlijke genezing heen te gaan, en alert te zijn op haar innerlijke stem en intuïtie. Ze vertelde ook dat ze merkte dat het bewust aanraken van haar hoofd als ze hoofdpijn had, haar hielp om van haar pijn af te komen. “Alsof de kracht van mijn ziel er dan naar toe stroomt, heel gaaf! En nu gebeurt het dus ook naar andere mensen. Ik dacht eerst nog dat het verbeelding was, maar dan zouden andere mensen er geen baat bij hebben, toch?”
Het afdelingshoofd keek haar nadenkend aan en besloot een gokje te wagen.
“Ik heb keelpijn, helpt het daar ook bij?”
“Geen idee, maar het is de moeite waard om te proberen, vind je ook niet?”
Rianne raakte haar hals even aan en keek haar vragend aan.
Haar afdelingshoofd, Martine, slikte een paar keer, draaide wat met haar hoofd en slikte nog eens. Verwonderd keek ze Rianne aan: “De pijn is weg, helemaal weg. Zou het ook wegblijven?”
“Ik durf het je niet te beloven. Maar doe hetzelfde als ik, ga door je emotionele zooi heen, wat er ook maar op komt, en neem je gevoelens en indrukken die je van binnenuit krijgt, serieus. Het is net alsof je ware ik dan begint te groeien of zo, ik weet niet hoe Jonathan het zou noemen, maar ik heb zelf het gevoel dat mijn echte ik, mijn innerlijk, reëler wordt, sterker wordt.”
Natuurlijk vertelde Rianne dit aan Jonathan, die haar bericht doorstuurde naar Patricia. Wat waren ze blij dat er een doorbraak was op hun vroegere afdeling!
‘We hebben de weg gebaand, Jonathan, de boel gaat nu aan het rollen!’ schreef Patricia terug.
.
Jonathan werd gebeld. ‘Martine’ zag hij in het schermpje van zijn mobiel staan. Hij was benieuwd en nam met een montere stem op: “Hey Martine, met Jonathan!”
“Ha Jonathan, ik heb weinig tijd, dus ik val met de deur in huis… ik heb spijt van hoe ik Patricia en jou behandeld heb. Ik zie de verandering nu bij Rianne, ze heeft mij van mijn keelpijn afgeholpen en ik voel dat het goed is, geen hekserij of tovenarij. Ze heeft me ook uitgelegd wat je geschreven had over door je pijn heen gaan en je innerlijk serieus nemen, zoiets. En dat ben ik gaan doen, en ik moet je zeggen, dat ik dat bar heftig vind. Ik heb het gevoel dat ik in een kooi zit, gevangen. Heb jij een idee wat dat is?”
“Een kooi is elk systeem waarin je vastzit, is elke intimidatie die jou heeft geleerd dat je je moet gedragen volgens andermans normen. Heb je daar een klik mee?”
“Sowieso dat systeem van hoe geneeskunde in elkaar zit… daar hebben jullie de wrange vruchten van geplukt en nogmaals, dat spijt me echt.”
“Joh, Martine, ik begrijp dat je dat heel vervelend vindt, maar het is in orde, Patricia en ik begrijpen het, je was er toen nog niet aan toe. Je zat toen volledig vast in die kooi, en die lijkt nu een beetje minder sterk te worden. Die kooi, die breken we gewoon open, zodat je vrij bent om eruit te stappen. Ga de komende dagen je vleugels maar uitspreiden, op je werk en in je persoonlijke situatie.”
“Hoe heb je dat gedaan, Jonathan? Het voelt alsof er een klem van me af is!”
“Prachtig!” riep Jonathan uit. “Wat ik gedaan heb, is naar jou luisteren, echt luisteren. Mijn ziel doet de rest… en die woorden die ik over die kooi uitsprak, die komen ook gewoon uit m’n ziel.”
“Ik voelde wel dat er wat mee was, je sprak met een soort autoriteit of zo. Het is anders, niet het soort autoriteit dat we gewend zijn, meer zoiets als… met kracht, ja, dat was het, het was heel krachtig!”
“Mooi om te horen Martine! Zeg, ken je onze site, van Patricia en mij?”
“Sinds kort ja, via Rianne. Ik zag dat jullie mensen ook gelegenheid geven om hun ervaring te delen. Zou ik dat ook kunnen doen, over die kooi? Dat is nou niet iets wat bij gewone ziekte hoort…”
“Toch wel, emotionele verwondingen en dergelijke hebben gevolgen voor onze lichamelijke toestand. En ik denk, dat die gevolgen veel groter zijn dan we altijd gedacht hebben. Ik denk, dat de meeste lichamelijke problemen voortkomen uit hoe we psychisch, emotioneel in elkaar zitten, of we kapot zijn, ons gevangen voelen. Sinds ik door dat proces van innerlijke genezing heen gegaan ben, ben ik niet meer ziek geweest, zelf niet meer verkouden, echt niets!”
“Bijzonder… en wat je net bij mij gedaan hebt, met die kooi, zou dat iets zijn wat je ook op de afdeling hier kan komen doen? Zou je dat willen?”
“Ik zou het zeker wel willen, maar in dit stadium lijkt me dat niet wijs. Wat ik wel aan zou willen bieden, is dat wie het wil ons kan bellen of langs kan komen. Het hoeft niet lang te duren, dat merkte je net al wel. Probeer je hart er maar in te volgen, als je de indruk hebt dat collega’s er belangstelling voor zouden hebben, stel het ze dan maar voor. En als ze vragen hoe jij zo veranderd bent… voel dan goed of je het degene die ernaar vraagt kunt vertellen of dat je je op de vlakte moet houden. Hou je me op de hoogte?”
“Ja, dat zal ik zeker doen, en ik zal even kijken of ik een berichtje op je site kan achterlaten. Bedankt Jonathan, het voelt alsof er geen vuiltje meer aan de lucht is tussen ons, klopt dat?”
“Dat klopt helemaal, Martine! Bedankt voor je telefoontje!”
Jonathan was even van slag door dit telefoontje, van slag op een blijde manier. Hij wilde er Joke niet mee lastig vallen, die zat boven lekker aan haar boek te werken. Hij zou het haar straks wel vertellen. Patricia dan… Ja, hij zou Patricia er over opbellen!
.
Jonathan kreeg sindsdien regelmatig mailtjes van oud-collega’s, en Patricia al net zo. In overleg met Patricia nodigden ze hen uit om bij hen thuis te komen. Ze kwamen in groepjes naar Jonathan, en Patricia zorgde er standaard voor dat ze erbij was. Terwijl Joke, die het helemaal geweldig vond hoe de stand van zaken veranderde, voor koffie en thee zorgde, kwamen de tongen los, bleken steeds meer oud-collega’s verlangen te krijgen naar verandering, verlangen om los te komen van de standaardmethodes en protocollen.
“Elk mens is anders, ja toch? Dus elke patiënt is anders, maar we hebben ze altijd hetzelfde behandeld!”
“Waarom zou je pijnstillers uitdelen, als je ziel via je hand hetzelfde werk kan doen? Rianne heeft het nu al zo vaak laten zien!”
Rianne bloosde. “Het is elke keer weer een wonder voor mijn gevoel. Soms voel ik gewoon dat er iets door mijn arm begint te stromen als ik een pijnplek aanraak.”
Jonathan ging daar op in: “Hoe dat voelt zal elke keer en bij elke persoon anders zijn. En hoe meer je zelf innerlijk geneest, hoe natuurlijker die stroom van kracht verloopt. Ik voel er zelf zelden meer iets van, jij dan Patricia?”
Patricia schudde haar hoofd. “Eigenlijk nooit iets, ik weet dat mijn ziel nu ook naar jullie zit te stralen, fijn om te weten, het is een dikke ondersteuning voor jullie innerlijke genezing, maar ik voel het zelf niet.”
Ton stak zijn hand op: “Ik had last van mijn rug, maar het is weg.”
Patricia grijnsde: “Ik wist het, ik kreeg terwijl ik aan het praten was, de indruk dat je rugpijn had, en ik wist ook dat het meteen, op het moment dat ik die indruk kreeg, zou verdwijnen. Zo snel gaat het tegenwoordig. Soms krijgen we mailtjes van zieke mensen, en voordat we ze geopend hebben, sturen ze er al een mailtje achteraan dat het al over is. Helemaal blij! Voor mijn gevoel hebben we dan nog niets gedaan, maar dat is dus niet zo. Doordat zij ons mailen, stellen ze zich open voor onze ziel, voor onze zielskracht. En dat hebben jullie ook gedaan. Daarom is de volgende stap niet zo moeilijk, neem ik aan. Jullie kennen allemaal het verschijnsel van intimidatie en manipulatie. Iedereen weet hoe het voelt als je stelselmatig onder controle van mensen staat, of van een systeem. Het slechte nieuws is, dat de zorgverlening, al vanaf de opleiding, jullie in zo’n harnas gezogen heeft. Ze hebben op de opleiding en ook op het werk weinig of geen ruimte gelaten voor jullie eigen indrukken. Alles moet binnen de kaders passen, volgens die protocollen gaan. Er is wel overleg, maar altijd binnen die grenzen, binnen die tralies… dat hele systeem is een gevangenis, waar jullie in gevangen gezet zijn. Jullie eigen denken en voelen is grotendeels uitgeschakeld. Het goede nieuws is, dat onze aanwezigheid op de afdeling destijds, een begin gemaakt heeft aan het los maken van die strakke gevangenis. En vandaag hebben jullie je opengesteld om verder door te breken, om uit te breken. Als je lichaam daar straks op gaat reageren, of als je emotioneel wordt… hou jezelf niet tegen, hou jezelf niet in. Laat je maar gaan, het is geen enkel probleem.”
Heel even keek ze de kring rond, zag dat iedereen knikte. Ze glimlachte en keek Jonathan aan met een brede grijns: “Samen doen?”
Jonathan schoot in de lach: “Ik zou niet weten hoe, doe jij het maar!”
“Ik weet ook niet hoe, ik weet alleen dat al die tralies open moeten, weg moeten, los moeten en dat jullie vrij worden van alle systemen waar mensen jullie je ooit in vastgezet en verwrongen hebben!”
Terwijl ze sprak, zag ze hier en daar een vreemde beweging, hoorde ze Ton ineens kreunen en zag ze hem met een schreeuw overeind springen. Hij maaide met zijn armen door de lucht en schreeuwde het uit, eerst een soort krampachtig schreeuwen, daarna een blije en vrolijke kreet: “Joecheeeeeeeee het is weg!”
Ook de anderen begonnen te bewegen, te voelen wat het in hun lichaam deed, te voelen wat het in hun emoties deed. Verschillende van hen begonnen te huilen, anderen te lachen, en iedereen liet zich daarin gaan. Het moest er gewoon even uit.
Uiteindelijk werd het een gezellig avondje visite, tot Rianne opsprong: “Ik heb vroege dienst, ik moet er vandoor! Bedankt jongens, ik ben zoooo blij!”
Handkusjes naar iedereen zwaaiend liep ze snel naar de deur, omhelsde Joke die haar achterna gekomen was. “Bedankt voor je gastvrijheid, het was een heerlijke tijd hier!”
.
Systemen zijn niet zonder slag of stoot overhoop te halen. Maar stukje bij beetje, stap voor stap begon er verandering te komen, eerst op de eigen afdeling, vervolgens op de andere afdelingen.
Regelmatig kwamen er medewerkers met allerlei verschillende functies vanuit het ziekenhuis bij Jonathan of Patricia op bezoek, en kwamen daar voelbaar vrijer en zichtbaar blijer vandaan.
De sfeer in het hele ziekenhuis veranderde zo rap, dat zelfs patiënten die vaker kwamen, het begon op te vallen. Niemand kon er de vinger op leggen, maar als een patiënt er eens naar vroeg, dan antwoordde de verpleger of arts meestal in de trant van “We volgens steeds meer ons hart, onze ziel, en dat doet ons goed, en dat doet de patiënten goed”.
Patricia overlegde met Jonathan of het een idee zou zijn om de Soul-journalisten eropaf te sturen. Jonathan dacht dat ze dat het beste met het Rianne en Martine konden overleggen. Hij belde Martine direct en vroeg haar of ze er eens, misschien samen met Rianne, over wilde nadenken. Het interview zou bij Jonathan of Patricia mogen plaatsvinden, als ze dat prettiger vonden. Martine beloofde dat ze erover na zou denken, samen met Rianne. Via mail gaf hij hen de site en het emailadres van de Soul-Journalistiek door.
.
De volgende dag ruimde hij de zithoek op, maakte het extra gezellig met een bosje bloemen uit de tuin, omdat hij Patricia, Martine en Rianne, en ook Christian en Eric verwachtte. Het werd een gezellig gesprek, waarin ook Jonathan en Patricia terloops betrokken werden.
Martine gaf na afloop aan, hoe blij ze was met de sfeer. “Ik ervaar, ondanks dat ik allesbehalve prettig met jullie gehandeld heb, absoluut geen wrok of frustratie of iets dergelijks. Jullie zijn blij met wat jullie voor patiënten doen, en met wat jullie voor ons kunnen doen, en er is geen enkel verwijt. Dat vind ik bijzonder mooi!”
“We zijn met nog iets anders blij, Martine,” vulde Patricia aan, “we zijn blij met onszelf, omdat we onszelf gevonden hebben, en dat, samen met wat we mogen doen, geeft ontzettend veel voldoening! Dat alles bij elkaar maakt dat ik voel dat ik leef, echt leef! En dan zijn verwijten flauwe rotzooi, daar heb ik geen zin meer in, snap je?”
Martine glimlachte om haar blijdschap. “Ik kijk uit naar de dag dat ik het zelf net zo zal ervaren. En nee, zeg maar niets, ik weet dat die dag gaat komen, ik voel het!”
“Wow…” fluisterde Jonathan.
“Er is nog maar één probleem, één echt probleem. En toch heb ik het gevoel dat het uiteindelijk geen probleem meer zal zijn,” vertelde Martine. “De directie klaagt over de inkomsten. De artsen zelf declareren minder, dus verdienen ook minder, maar ze genieten vrijwel allemaal van de veranderingen, ook in henzelf. Dus voor hen is het geen probleem. En zo gaat het met de therapeuten, met de apotheek. Tja, als je apparatuur of medicijnen niet meer of minder nodig hebt, kun je er ook geen vergoeding voor vragen. Dus er is in korte tijd een grote daling gekomen van de inkomsten, en dat maakt de directie onzeker, bang en boos. Maar weet je wat zo grappig is? Toen jullie, Patricia en Jonathan nog bij ons werkten, was dat één van de dingen waar ik bang voor was. En nu? Nu lach ik in m’n vuistje, geniet ik van wat er verandert, ga ik met meer plezier naar m’n werk dan ooit tevoren en zie ik dat mensen sneller opknappen, dat wonden beter genezen, dat patiënten en personeel plezier met elkaar hebben. Kortom, het ziekenhuis lijkt onderhand meer een feestoord dan een ziekenhuis! Als de directie ons op het matje gaat roepen, zullen we ons sterk voelen in wat er werkelijk aan de hand is, en dat zit al heel dicht bij wat jij zei, Patricia, dicht bij ‘blij zijn met jezelf’. Ik voel dat dat de reden is dat we enorm veel sterker geworden zijn, en er geen probleem mee zullen hebben om de directie tegemoet te treden met de waarheid van onze ziel! En hoe het dan financieel verder moet? Geen idee, misschien kunnen we delen van het gebouw onderverhuren aan daklozen, of er andere activiteiten voor verzinnen. Mogelijkheden genoeg, en onze ziel zal dan wel aangeven wat het beste is!”
Naar hoofdstuk 106. Alles wordt nieuw bij de politie
Of naar de Inhoudsopgave

Maak jouw eigen website met JouwWeb