Hoofdstuk 20.

De kracht van het prille begin

Margreet was verrast dat Huib al zo vlot weer thuis kwam. “Wat zeiden ze ervan?” vroeg ze nieuwsgierig.
“Ik zet even thee, wil jij ook?” en toen Margreet knikte: “Dan praten we zo verder!”

Even later, samen op de bank met een groot glas thee op tafel, vertelde Huib over de plannen die Patrick en Bea al aan het maken waren. Met zijn handen tekende hij op de bank wat hij zich herinnerde van hun bouwplan: “Hier en hier en hier kamers met hoeken, een beetje afgeschermd, zodat kinderen rustig kunnen werken. Toiletten van allerlei maten, hier een uitgebreide keuken, waar kinderen kunnen leren koken en bakken, een sportieve ruimte, een creatieve ruimte waar kinderen met allerlei materialen kunnen experimenteren, tot houtbewerking toe. Ze beseffen dat ze dit niet samen kunnen, dat ze minstens één persoon nodig hebben die een diploma voor het basisonderwijs heeft, dus ik heb hen over Inekes verlangen verteld. Ze zijn al druk bezig geweest om alles op de computer te verwoorden, zodat ze uiteindelijk een goed verzoek bij de onderwijsinspectie kunnen doen, en vervolgens bouwgrond kunnen gaan zoeken. Ze zullen een basisgebouw nodig hebben dat makkelijk uit te breiden is. Er zullen kinderen komen die andere dingen nodig hebben dan ze tot nu toe bedacht hebben. Dat zal uiteindelijk tot gevolg hebben dat er meer kamers nodig zijn om kinderen andere dingen te kunnen laten doen. En een belangrijk obstakel zijn de financiën. Ze zullen hun eigen werk moeten stoppen, en dat vinden ze alleen maar fijn, maar hoe krijgen ze dan een salaris binnen? En dan heb ik het nog niet eens over een kapitaal om de boel mee op te zetten, en een kapitaal om mee uit te breiden, geld om gas, water en elektriciteit te betalen en ga zo maar door. Er lijken nogal wat haken en ogen aan te zitten, maar het is wel hun hartsverlangen.”

“Vertel het zo snel mogelijk in de groep, tijdens de koffie, als Lisa en Sjaak erbij zijn,” opperde Margreet. “Het zou me niet verbazen als zij te zijner tijd voor hun eigen kind ook zoiets zouden willen. En financieel… misschien ervaren ze dat het in hun projectplan past.”

“Dat is nou precies wat ik ook dacht. En verder denk ik dat ouders er rekening mee moeten houden, dat ze aardig wat schoolgeld moeten gaan betalen. Patrick en Bea zullen vrijwel zeker geen subsidie krijgen, en eigenlijk willen ze dat ook niet eens, en misschien hebben ze daar gelijk in, zodat ze minder afhankelijk zullen zijn van toezichthouders. Aan de ander kant gaat het ouders dan wel een flinke duit meer kosten. Kunnen dan alleen kinderen van rijke ouders komen? Dat soort vragen… hoe ga je dat oplossen?”

“Als het een plan is dat uit hun binnenste komt, en dus niet alleen als een noodsprong vanwege Rosalie, dan komt er ook een oplossing voor. Ik geloof dat onze ziel prima in staat is om daarin de juiste wegen te vinden.”

Huib schoot ineens overeind. “Ik krijg een idee! We organiseren weer een filmavond, ik heb namelijk een film waarin een man, een uitvinder, een jonge knul ontmoet die in een schuurtje dingen doet die op zijn werk lijken. Ze trekken als soulmates met elkaar op. Die twee voelen elkaar aan, weten wat de ander nodig heeft en reiken dat ook aan. Leeftijd speelt geen rol voor hen. Als we die film nou eens draaien en daarvoor of daarna Patrick en Bea de kans geven te vertellen wat hun verlangen is.”

“Wat een goed idee! Dan moeten we Ineke ook vragen, ze zal dit prachtig vinden! Is het een lange film?”

“Ja, maar ik betwijfel of het nodig is om hem helemaal te zien. Misschien moet ik vooraf een stukje vertellen, samenvatten, en dan alleen het gedeelte wat nodig is laten zien. Het is trouwens weer zo’n film van die superhelden, van Iron Man in dit geval.”

“Die ken ik nog niet, maar ik wil hem graag leren kennen!” lachte Margreet.

“En jij, wat heb jij vanavond gedaan?” vroeg Huib.

Margreet nam hem mee naar de hobbykamer, liet hem de bloem zien, waarvan de eerste cirkel, de onderste bloemrand, bijna klaar was. Ze legde hem uit hoe ze het verder wilde opvullen met steeds kleinere cirkels, en dan accenten met de paarse organza wilde aanbrengen. “Schaduwen, maar ook kleurverschillen. Ik zie nog niet helemaal voor me hoe, maar dat komt wel.”

Huib zei niets, maar Margreet zag hoe hij met tranen in zijn ogen stond te kijken naar het prille begin van de bloem, en hoe hij zijn emoties wegslikte. Ze legde haar hand op zijn schouder: “Wat gebeurt er, lieverd?”

“Dit… dit is zo echt, zo echt uit het diepst van je ziel. Ik weet niet, maar het raakt me enorm. Het is nog maar een begin, maar ik zie voor me hoe je hem gaat laten groeien, hoe mooi hij gaat worden. Dat paars, dat wordt niet zozeer schaduw. Schaduw komt vanzelf als het licht er op schijnt. Paars is puur voor accenten, al zie ik nog niet voor me hoe dat er uit gaat zien, dat idee zal jij wel zelf krijgen. Maar het is prachtig, Greetje, en het wordt ongelofelijk. Ik ben benieuwd voor wie je dit maakt, wie zich hierdoor aangetrokken gaat voelen. Veel mensen, denk ik, maar wie er echt zoiets gaat voelen van ‘die is voor mij, die wil ik kopen!’ Dit is echt jouw ding, echt wat bij jou past, en je kracht komt er nu al in naar buiten. Moet je je voorstellen dat dat de komende maanden door je genezingsproces alleen maar sterker zal worden!”

Margreet bleef even stil, onder de indruk dat hij ervaarde dat er zoveel van haar werk uit ging. Uiteindelijk zei ze met een diepe zucht: “Ik voel dat je gelijk hebt, maar ik vind het nog moeilijk te vatten dat dit werkelijkheid is, mijn werkelijkheid. Maar ik weet ook dat het goed gaat komen, dat ik het uiteindelijk zelf ook veel beter ga ervaren. Daar kijk ik naar uit!”

Naar hoofdstuk 21. Iron Man en Harley

Of naar de Inhoudsopgave

Maak jouw eigen website met JouwWeb