Huib kreunde toen de wekker afliep. Gisteravond hadden ze hem een half uur eerder gezet vanwege het vroegere ontbijt. “Owww, waar beginnen we aan?” jammerde hij.
Margreet draaide zich met een slaperig gezicht naar hem om, waarop Huib een heel andere toon aansloeg: “Goeiemorgen lieve schoonheid! Je ziet er zo heerlijk ontspannen uit!”
“Slaperig, bedoel je zeker?” vroeg Margreet, terwijl ze tegen hem aankroop.
“Nee schat, hoe graag ik ook wil, maar op dit tijdstip hebben we helaas wel wat anders te doen.”
Totaal tegenovergesteld aan zijn woorden trok Huib haar stevig tegen zich aan. “Wat was het geweldig gisteravond. Jij weet van wanten zeg!”
“Hmm, ik deed gewoon wat jij regelmatig bij mij doet: je hele huid verkennen. En aangezien dat het grootste orgaan van ons lichaam schijnt te zijn, was dat een enorme klus. Daarom ben ik nu nog zo’n duf konijntje… Maar je hebt gelijk, het was geweldig. Ik vond het prachtig om te zien hoe jouw lichaam reageerde op mijn handen! En nou eruit jongeman, we worden zo aan tafel verwacht!”
.
Tegen de tijd dat ze hun ontbijt op hadden, hoorden ze de beide busjes met werknemers aan komen.
“Hoeveel mannen heb je eigenlijk ingeschakeld?” vroeg Huib.
“Zes, ze werken drie aan drie en ik schiet toe waar hulp nodig is. En als ze bij jullie klaar zijn, gaat de andere ploeg nog verder bij Sjaak en Lisa, misschien met hulp van een paar andere arbeiders.”
“Dat valt nog mee,” vond Lisa, “ik had verwacht dat er veel meer zouden komen en vroeg me al af hoe jullie dat met de koffie en de lunch wilden gaan doen. Maar zes erbij, dat lukt wel. Moeten we wat stoelen erbij halen?”
“Er staan nog wel wat van die uitklapbare in de schuur hiernaast, ik haal ze meteen wel op.” Huib stond op en liep via de achterdeur naar de schuur.
Met vier klapstoelen kwam hij terug. “Zo, dan hebben we ook nog wat extra voor onverwachte gasten.”
Hij plaatste ze tegen de muur en ging nog even naast Margreet zitten. “Wat ga jij zo doen? Je kunt nog niet terecht in de gastenkamers, neem ik aan, zij ontbijten pas op de gebruikelijke tijd.”
“Ik had voor dat half uur terug naar huis willen gaan, maar ik vraag me nu af of we al iets voor het avondeten of voor de lunch kunnen doen.” Bij haar laatste woorden keek Margreet vragend naar Annerieke.
“Vandaag wilde ik alleen brood bij de lunch doen, anders verwachten de bouwvakkers dat ze elke dag iets speciaals krijgen. Dan doen we morgen wel een salade erbij. We kunnen wel alvast de groenten voor vanavond wassen en snijden, dan hebben we vanmiddag meer tijd voor onszelf. O jongens, de koffietijd en de lunchtijd verschuiven ook een half uur naar voren. Onze middag duurt dan wel iets langer, maar daar komen we vast wel doorheen!”
“Welja,” zei Sjaak, “dat overleven we wel. Wat wil jij gaan doen, Lisa?”
“Ik wil hier ook wel helpen, kan dat mams?”
Annerieke’s gezicht plooide zich in een brede glimlach: “Graag Lisa, gezellig!”
“Zullen wij dan met Simon mee lopen, Sjaak? Dan kunnen we eens kijken wat voor vlees we in de kuip hebben met die stoere kerels!” Huib en Sjaak grijnsden naar elkaar en naar Simon.
“Stoere kerels, dat zijn ze zeker. Harde werkers ook, ik ken mijn pappenheimers! Goed idee van je om mee te lopen, dan kun je even kennismaken met degenen die de komende tijd jullie rust gaan verstoren!”
.
Toen de mannen de keuken uit waren, bedacht Annerieke, dat ze het beste eerst het ontbijt voor de gasten verder klaar konden gaan zetten. Daarna liet ze de jonge vrouwen zien hoe ze een marinade voor de kipfilet konden maken. Vervolgens sneed Annerieke de kipfilet in reepjes en roerde die door de marinade. Lisa vroeg haar waarom ze de kipfilet in reepjes had gesneden. “Omdat ze als reepjes meer van de marinade opnemen. En dan worden ze lekkerder, vind ik… Ik leg ze straks in twee grote ovenschalen, dan bak ik ze in de oven in een heel klein laagje van de marinade. De rest van de marinade gebruik ik om jus te maken. Daar heb ik goeie ervaringen mee.”
“Leuk,” vond Lisa, “zo heb ik nog nooit kipfilet klaar gemaakt. Ik ben benieuwd hoe het gaat smaken!”
Margreet en Lisa begonnen de prei te snijden. “Ik vond prei vroeger nooit zo lekker,” vertelde Margreet, “maar ik zie daar een paar blikjes maïskorrels staan. Ga je die er doorheen wokken, Annerieke?”
“Ja, en ook deze rode paprika’s. Die zijn alleen al leuk voor de kleur, maar ze smaken er ook goed doorheen.”
“Hoe kom je aan die recepten, Annerieke? Van internet?” wilde Lisa weten.
“Sommige wel, maar de laatste tijd probeer ik in gedachten gewoon te proeven hoe dingen bij elkaar smaken. Dat werkt tot nu toe prima! Vanavond doen we eerst de prei en stukjes paprika in de beide wokken, en op het laatst de maïskorrels erbij om ze nog even goed mee te warmen. En terwijl ik dat zo vertel, denk ik dat ik helemaal geen aparte jus ga maken, maar dat ik de marinade door de groenten doe.”
“En wat ga je er verder nog bij doen? Aardappels?” vroeg Margreet.
“Ja, dat was ik wel van plan, gekookte aardappels, maar… Apart is dat,” bedacht Annerieke, “normaal heb ik het menu in mijn hoofd en voer ik het ook zo uit. Ik verander er zelden iets aan. Maar doordat we er nu over praten, lijkt het wel of er nieuwe deuren open gaan. Zou het lekker zijn om er gebakken aardappelblokjes bij te doen?”
“Dat lijkt me heerlijk! Hoeveel aardappelen hebben we daar voor nodig?”
Annerieke gaf haar een zak van vijf kilo vastkokende aardappels.
“Zoveel?” vroeg Lisa verbijsterd.
Annerieke lachte: “Ja, maar niet alleen voor vanavond. Wat er overblijft, gebruik ik morgen door de salade voor de lunch. Ideaal, dat geeft een salade net wat meer stevigheid, en dat kunnen die bouwvakkers wel gebruiken!”
“Nemen ze trouwens zelf hun brood mee? Of eten ze van hier?” vroeg Margreet.
“Ze krijgen van hier, maar daarnaast nemen ze waarschijnlijk zelf ook nog wel mee. Die gasten eten graag wat tussendoor. Bij de koffie snijd ik straks dikke plakken ontbijtkoek, en daar smeer ik flink roomboter op. Moet je zien hoe snel dat er doorheen gaat!”
Margreet knikte bedachtzaam: “Dan denk ik dat ik vandaag maar vast aan mijn omslagrokken moet gaan beginnen. Word ik niet dikker van de baby, dan wel van de ontbijtkoek en de stevige salade!” Ze lachte vrolijk naar Annerieke.
“Maak je er maar niet druk over,” adviseerde Annerieke, “hoe meer we emotioneel genezen, hoe meer onze eetgewoonten en ons lichaam ook herstellen en we gewoon van eten kunnen genieten en gemakkelijker kunnen bepalen hoeveel we willen nemen. Eerlijk, dat scheelt!”
“Niet gek,” vond Margreet, terwijl ze de in stukken gesneden en gewassen prei liet uitlekken in een vergiet, even later in schalen schepte en op de eettafel zette.
“Moeten ze niet in de koelkast?” vroeg Lisa zich af.
“Nee hoor, zulke groenten niet, die bederven niet in een halve dag. Maar als we die paprika’s straks gesneden en op de prei gelegd hebben, doen we er wel even een glazen snijplank overheen, zodat het niet uitdroogt.”
Lisa keek verbaasd: “Een glazen snijplank… ik deed vroeger altijd plastic folie. Wat heb ik staan stoeien met dat spul, het wilde zelden wat ik wilde! Een snijplank is veel makkelijker, als je er de ruimte voor hebt.”
“Ruimte genoeg hier!” vond Margreet.
“Hoeveel van die snijplanken heb je?” vroeg Lisa.
“Volgens mij een stuk of acht, gewoon omdat ik het zo handig vind om ze over schalen heen te leggen. En om te snijden natuurlijk. En ik vind ze ideaal om schoon te maken.”
“Acht snijplanken? Komisch!” Lisa lachte en ging verder met het schillen van de aardappels. Margreet nam de paprika’s, sneed ze open, verwijderde de zaadjes en sneed ze in kleine stukjes, die ze verdeelde over de schalen met prei. Daarna legde ze er de glazen snijplanken op die Annerieke al voor haar gepakt had. Ze haalde een dunschiller uit de la om Lisa te helpen met de aardappels.
Annerieke was ondertussen ook klaar met de kipfilet en liep naar de eetkamer om te kijken of daar nog iets aangevuld moest worden. Ze had in het verleden het gevoel gehad, dat ze een praatje met alle gasten moest gaan maken, maar ze had gemerkt, dat de meesten liever in alle rust wilden ontbijten. Daarom hield ze het eenvoudig, groette met een knikje en controleerde de buffettafel.
Marcel kwam naar haar toe: “Goeiemorgen Annerieke, het is weer heerlijk wat je voor ons hebt klaar gezet. En ik hoorde dat de bouwvakkers al gearriveerd zijn. Denk je dat ik daar straks even kan gaan rondneuzen?”
Annerieke lachte: “Natuurlijk Marcel, als je maar zorgt dat je veilig blijft, geen zware dingen op je hoofd krijgt en zo. Het is een bouwplaats hè…”
Marcel knikte en grinnikte: “O ja, dat zal ik zeker doen.”
Annerieke draaide zich naar de gasten: “Mag ik heel even jullie aandacht? De verbouwing van twee huizen achter op het landgoed is vanmorgen begonnen. U mag er gerust langs wandelen, maar kijk alsjeblieft uit dat u niet gewond raakt.”
Daarna draaide ze zich om en ging terug naar de keuken, waar ze het aardappels schillen en snijden van haar meiden overnam, zodat zij in de gastenkamers aan het werk konden.
Maak jouw eigen website met JouwWeb